<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Karel&#039;s Legal Blog</title>
	<atom:link href="http://www.curacao-law.com/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.curacao-law.com</link>
	<description>LAWYERS  // TAX ATTORNEYS  // ARUBA - BONAIRE - CURAÇAO - ST. MAARTEN</description>
	<lastBuildDate>Mon, 13 Apr 2026 23:00:33 +0000</lastBuildDate>
	<language>en-US</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.0</generator>
	<item>
		<title>AI RISK AREAS</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/04/12/ai-risk-areas2/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 12 Apr 2026 14:34:29 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Legal]]></category>
		<category><![CDATA[AI]]></category>
		<category><![CDATA[Articicial Intelligence]]></category>
		<category><![CDATA[cyberattacks]]></category>
		<category><![CDATA[Democratic resilience risks]]></category>
		<category><![CDATA[Human rights exposure]]></category>
		<category><![CDATA[Incorrect output]]></category>
		<category><![CDATA[kunstmatige intelligentie]]></category>
		<category><![CDATA[Labor market risk]]></category>
		<category><![CDATA[output errors]]></category>
		<category><![CDATA[risks]]></category>
		<category><![CDATA[safety risks]]></category>
		<category><![CDATA[youth development risk]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10693</guid>

					<description><![CDATA[By now, everyone knows how careful you must be with the output of AI systems. Fortunately, the systems acknowledge that you’re right when you point out their (sometimes very fundamental) errors. AI presents both significant risks and extraordinary opportunities. ]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>The risks extend far beyond mere output errors</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">By now, everyone knows how careful you must be with the output of AI systems. Fortunately, the systems acknowledge that you’re right when you point out their (sometimes very fundamental) errors. AI presents both significant risks and extraordinary opportunities. The following are just a few areas of concern that deserve attention:</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Human rights exposure</strong>: risks arising from intrusive data collection, pervasive surveillance capabilities, and algorithmic bias that can undermine fairness, dignity, and equal treatment.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Democratic resilience risks</strong>: threats to public trust and institutional legitimacy through large‑scale misinformation, manipulation of public opinion, and vulnerabilities affecting electoral integrity.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Youth development and well‑being</strong>: impacts on digital wellness, cognitive development, and critical‑thinking skills, including over‑reliance on automated tools in learning environments.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Labor market and workforce disruption</strong>: structural shifts caused by automation, task displacement, and changing skill requirements, with implications for employment stability and social cohesion.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Environmental sustainability risks</strong>: the energy intensity and water consumption of data centers and device ecosystems, contributing to environmental strain and complicating sustainability commitments.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Safety and security vulnerabilities</strong>: new vectors for cyberattacks, model manipulation, and misuse of AI systems that can compromise organizational resilience and national security.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Market concentration and economic power imbalance</strong>: risks stemming from the dominance of a few global AI providers, potentially limiting competition, local innovation, and national digital sovereignty.</p>



<p class="wp-block-paragraph">AI has become an integral part of our society and will have a major impact on our future. This makes it all the more important to fully acknowledge the associated risks: let’s look them straight in the eye.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(attorney / legal scholar)</p>



<p class="wp-block-paragraph">(12 April 2026)</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>



<figure class="wp-block-image size-large"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Struisvogel-recht-in-camera.jpg"><img fetchpriority="high" decoding="async" width="1024" height="843" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Struisvogel-recht-in-camera-1024x843.jpg" alt="" class="wp-image-10724" srcset="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Struisvogel-recht-in-camera-1024x843.jpg 1024w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Struisvogel-recht-in-camera-300x247.jpg 300w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Struisvogel-recht-in-camera-768x632.jpg 768w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Struisvogel-recht-in-camera.jpg 1200w" sizes="(max-width: 1024px) 100vw, 1024px" /></a></figure>


<div class="wp-block-post-date"><time datetime="2026-04-12T10:34:29-04:00">12 April 2026</time></div>


<p class="wp-block-paragraph"></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>NIET-GEANONIMISEERDE OPENBAARMAKING</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/04/02/niet-geanonimiseerde-openbaarmaking/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 02 Apr 2026 14:31:47 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Finance]]></category>
		<category><![CDATA[AFM]]></category>
		<category><![CDATA[Bestuurlijke boete]]></category>
		<category><![CDATA[cbcs]]></category>
		<category><![CDATA[centrale bank]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[DNB]]></category>
		<category><![CDATA[Last onder dwangsom]]></category>
		<category><![CDATA[niet-geanonimiseerd]]></category>
		<category><![CDATA[openbaarmaking]]></category>
		<category><![CDATA[st. maarten]]></category>
		<category><![CDATA[wft]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10506</guid>

					<description><![CDATA[Naming and shaming in relatie tot lasten onder dwangsom en bestuurlijke boetes Er is in Nederland al heel lang discussie over de niet-geanonimiseerde openbaarmaking van lasten onder dwangsom en bestuurlijke boetes. Het op deze wijze bekendmaken (zelfs zonder dat de rechtsmiddelen daartegen al zijn aangewend, laat staan uitgeput) leidt makkelijk tot (ernstige) imagoschade. Ik heb&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2026/04/02/niet-geanonimiseerde-openbaarmaking/">Continue reading <span class="screen-reader-text">NIET-GEANONIMISEERDE OPENBAARMAKING</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Naming and shaming</em> in relatie tot lasten onder dwangsom en bestuurlijke boetes</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Er is in Nederland al heel lang discussie over de niet-geanonimiseerde openbaarmaking van lasten onder dwangsom en bestuurlijke boetes. Het op deze wijze bekendmaken (zelfs zonder dat de rechtsmiddelen daartegen al zijn aangewend, laat staan uitgeput) leidt makkelijk tot (ernstige) imagoschade. Ik heb mij daar meerdere keren in de literatuur tegen verzet en zelfs een wetsvoorstel geformuleerd om dit beter te regelen. Zie K. Frielink, &#8216;Herzien publicatieregime boetes en dwangsommen&#8217;, <em>Tijdschrift Financieel Recht in de Praktijk</em> 2015/2, p. 39-43; en K. Frielink, ‘Openbaarmaking door de financiële toezichthouders’, in: D. Busch en M.P. Nieuwe Weme (red.), <em>Christels Koers</em> (Liber Amicorum prof.mr. drs. C.M. Grundmann-van de Krol), Deventer: Kluwer 2013, p. 253-263; <a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/04/Bijdrage-Karel-Frielink-aan-de-afscheidsbundel-van-Christel-Grundmann-NOV13.pdf" target="_blank" rel="noreferrer noopener">klik hier</a>). Helaas zonder succes.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In Curacao en Sint Maarten luidt de wettelijke regeling anders (<a href="https://www.curacao-law.com/2015/12/04/harmonisatie-toezichtswetgeving-curacao/" target="_blank" rel="noreferrer noopener">ik schreef daar eerder over</a>). Die komt er op neer dat de Centrale Bank (de CBCS) de naam, het adres en de woonplaats van degene aan wie een last onder dwangsom of bestuurlijke boete is opgelegd ter openbare kennis mag brengen, maar alleen dan als het doel van het door de Centrale Bank uit te oefenen toezicht op de naleving van de wet zulks bepaaldelijk vordert en zich daartegen geen zwaarwegende belangen verzetten, waaronder die van degene aan wie de last onder dwangsom of de bestuurlijke boete is opgelegd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In Nederland was het uiteindelijk wachten op de rechter. Uit een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven van 25 februari 2025 (ECLI:NL:CBB:2025:102, <em>JOR</em> 2025/116 m.nt. S.M.C. Nuijten) volgt dat de toezichthouder (in Nederland gaat het in het kader van de Wet op het financieel toezicht om DNB en AFM) een afweging dient te maken waarbij het maatschappelijke belang van een volledige (niet-geanonimiseerde) openbaarmaking wordt afgezet tegen de mate van schade die deze openbaarmaking voor de betrokken partij met zich brengt. Bij deze beoordeling dienen de door de wetgever beoogde doelen van openbaarmaking te worden betrokken. De doelen die in het algemeen worden nagestreefd met openbaarmaking en de belangen die daarmee worden gediend, zijn: (1) het doel het publiek zo ruim mogelijk kennis te kunnen laten nemen van het optreden van de toezichthouders en de gronden daarvoor, (2) het doel andere instellingen die onder toezicht staan te laten weten welke gedragingen kunnen leiden tot handhaving en inzicht te laten krijgen in de invulling die de toezichthouder aan bepaalde normen geeft, (3) het doel personen die door de inbreuk schade hebben geleden eventueel hun rechten jegens de overtreder geldend te kunnen laten maken en (4) het doel andere personen en ondernemingen die onder toezicht staan te ontmoedigen om overtredingen te begaan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dit betekent dat de toezichthouder de belangen die met het nastreven van deze vier doelen worden gediend, moet betrekken in zijn beoordeling van de evenwichtigheid tussen enerzijds de mate van schade die een niet-geanonimiseerde openbaarmaking voor de betrokkene met zich brengt en anderzijds het belang dat in het concrete geval met openbaarmaking wordt gediend. Bij deze beoordeling wordt dan relevant geacht dat de wetgever als hoofdregel heeft gekozen voor verplichte en volledige openbaarmaking van sanctiebesluiten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dat laatste, wat ik zie als een verkeerd uitgangspunt, hangt samen met de opvatting dat de publicatie van een bestuurlijke boete niet punitief van aard zou zijn. Het opleggen van een boete heeft een punitief karakter, en in de openbaarmaking ligt zonder meer een punitief element besloten, waaruit het risico volgt dat artikel 6 EVRM wordt geschonden. Hoe dit ook zij, dankzij rechterlijk ingrijpen zijn de scherpe kantjes van de Nederlandse regeling eraf.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(advocaat / rechtswetenschapper)</p>



<p class="wp-block-paragraph">(2 april 2026)</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zie voor de huidige praktijk in Nederland: J.S. Roepnarain en P.L. Reeser Cuperus, &#8216;De publicatie van boetebesluiten door DNB en de AFM&#8217;, <em>Tijdschrift voor Sanctierecht &amp; Onderneming</em>, 2025/1-2, p. 61-71; en A.J. Boorsma, M. Koppenol en W.J. Poot, &#8216;Kroniek Toezicht en Handhaving&#8217;, <em>Tijdschrift voor Financieel Recht</em> 2025/12, p. 351-360.</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>OVER HET RECHT VAN ENQUÊTE</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/04/01/over-het-recht-van-enquete/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 01 Apr 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Corporate]]></category>
		<category><![CDATA[aruba]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[enquêterecht]]></category>
		<category><![CDATA[enquêtesubject]]></category>
		<category><![CDATA[recht van enquête]]></category>
		<category><![CDATA[st. maarten]]></category>
		<category><![CDATA[suriname]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10495</guid>

					<description><![CDATA[Het toepassingsbereik van het enquêterecht binnen het Koninkrijk en in Suriname In aflevering 8/9 (2023) van het Maandblad voor Ondernemingsrecht staat een artikel van mij waarin twee hoofdvragen centraal staan. Welke nationale rechtspersonen kunnen enquêtesubject zijn? En kunnen buitenlandse rechtspersonen zelfstandig voorwerp van een enquête zijn? Op basis van literatuur en rechtspraak luidt de conclusie&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2026/04/01/over-het-recht-van-enquete/">Continue reading <span class="screen-reader-text">OVER HET RECHT VAN ENQUÊTE</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Het toepassingsbereik van het enquêterecht binnen het Koninkrijk en in Suriname</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">In aflevering 8/9 (2023) van het <em>Maandblad voor Ondernemingsrecht</em> staat een artikel van mij waarin twee hoofdvragen centraal staan. Welke nationale rechtspersonen kunnen enquêtesubject zijn? En kunnen buitenlandse rechtspersonen zelfstandig voorwerp van een enquête zijn?</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op basis van literatuur en rechtspraak luidt de conclusie dat een vereniging van eigenaren geen enquêtesubject kan zijn. Mede op grond van het IPR wordt betoogd dat buitenlandse rechtspersonen in Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Suriname geen enquêtesubject van het nationale enquêterecht kunnen zijn. Het hele artikel is gratis te lezen (<a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Frielink-Enquetesubjecten-MvO-2023-.pdf" target="_blank" rel="noreferrer noopener">klik hier</a>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(advocaat / rechtswetenschapper)</p>



<p class="wp-block-paragraph">(1 april 2026)</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-full"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2023/01/Advertentie-WK230014-2301_Adv-Krt-Begrip-social-media.jpg"><img decoding="async" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2023/01/Advertentie-WK230014-2301_Adv-Krt-Begrip-social-media.jpg" alt="" class="wp-image-9116"/></a></figure>
</div>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>RISK, REPUTATION AND RETURN</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/03/29/risk-reputation-and-return/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 29 Mar 2026 15:00:54 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Corporate]]></category>
		<category><![CDATA[aruba]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[Environment]]></category>
		<category><![CDATA[ESG]]></category>
		<category><![CDATA[ESG Drivers]]></category>
		<category><![CDATA[governance]]></category>
		<category><![CDATA[How to start?]]></category>
		<category><![CDATA[human rights]]></category>
		<category><![CDATA[Reputation]]></category>
		<category><![CDATA[Return]]></category>
		<category><![CDATA[Risk]]></category>
		<category><![CDATA[Social]]></category>
		<category><![CDATA[Supply chain]]></category>
		<category><![CDATA[suriname]]></category>
		<category><![CDATA[sustainability]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10463</guid>

					<description><![CDATA[How to get started with ESG? ESG (Environment, Social, Governance) is a topic that is still attracting a great deal of attention. It’s no longer a hype, and some say the party is over, but that overlooks what ESG can mean for individual companies: for their risk management, their reputation, and their return on invested&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2026/03/29/risk-reputation-and-return/">Continue reading <span class="screen-reader-text">RISK, REPUTATION AND RETURN</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>How to get started with ESG?</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">ESG (Environment, Social, Governance) is a topic that is still attracting a great deal of attention. It’s no longer a hype, and some say the party is over, but that overlooks what ESG can mean for individual companies: for their risk management, their reputation, and their return on invested capital. That brings us to the question: what does ESG actually mean for individual companies? And what is the best way for companies to take their first steps in this area? I&#8217;ll briefly touch on a few aspects here.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In my experience, identifying risks is a good starting point. As an entrepreneur or supervisory director, ask yourself what kinds of risks the company faces. Consider issues related to the supply or sale of products (supply chain), workplace accidents, environmental pollution, labor shortages, increasingly strict regulations, corruption and bribery, human rights violations in the supply chain (think about how cobalt is mined), and so on. Also consider reputational risk by association, and how you’ll respond if a major crisis arises: who is responsible for what actions, and who will ensure effective communication? Finally, in this very brief overview, I’ll mention risks that are unlikely to occur but are associated with a high-impact consequence. These types of risks are easily underestimated.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Once the key risks have been identified, the focus shifts to determining which measures will be implemented and incorporated into the company’s internal procedures. And don’t forget that most ESG failures are, first and foremost, governance failures: poor implementation, poor oversight, unreliable data, unclear accountability, and weak controls.</p>



<p class="wp-block-paragraph">ESG drivers include, among others: reducing business risks, changing legal landscape, better financial performance, demand from customers and suppliers, pressure from banks and investors, competitive advantage over rivals, company image, and employee engagement.</p>



<p class="wp-block-paragraph">As the above shows, ESG is much more than just sustainability. At its core, sustainability is about meeting current needs without compromising future generations. In other words: the Earth must remain a habitable planet for future generations and contain sufficient resources to support human (and animal) life. The two core concepts of ESG are: mitigating risks and creating value. In that context, sustainability is one of the goals. And, moreover, a goal that sometimes costs more than it yields financially, but is nonetheless important enough to pursue.</p>



<p class="wp-block-paragraph">A few comments on misconceptions. ESG isn’t just a PR tool. It isn’t corporate spin. It isn’t an introduction to communism. It isn&#8217;t a philanthropy program. ESG isn&#8217;t about reporting. And it isn’t too difficult to implement. It is, however, a way of thinking about a sustainable future for your company, the environment in which it operates, and the planet as a whole. If the key risks have been properly identified and the appropriate measures have been taken, this also benefits the company’s reputation and, ultimately, its returns. Hence the three Rs: Risk, Reputation, and Return.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Finally, as mentioned, ESG isn’t about reporting. It&#8217;s about effective communication: fostering genuine connection and building trust. So think carefully about your target audience, the message you want to convey, and how to do so as effectively as possible. I know you can do it!</p>



<div class="wp-block-group"><div class="wp-block-group__inner-container is-layout-constrained wp-block-group-is-layout-constrained">
<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(attorney / legal scholar)</p>



<p class="wp-block-paragraph">29 March 2026</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-full"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2015/09/image.jpg"><img decoding="async" width="272" height="185" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2015/09/image.jpg" alt="" class="wp-image-7155"/></a></figure>
</div></div></div>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>NEDERLANDS CARIBISCH EN SURINAAMS RECHT</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/03/19/nederlands-caribisch-en-surinaams-recht/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 19 Mar 2026 17:28:54 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Corporate]]></category>
		<category><![CDATA[Finance]]></category>
		<category><![CDATA[aruba]]></category>
		<category><![CDATA[BES-eilanden]]></category>
		<category><![CDATA[bestuurdersaansprakelijkheid]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[De Bres]]></category>
		<category><![CDATA[financieel recht]]></category>
		<category><![CDATA[Hamers]]></category>
		<category><![CDATA[kunneman]]></category>
		<category><![CDATA[Nederlands Caribisch recht]]></category>
		<category><![CDATA[ondernemingsrecht]]></category>
		<category><![CDATA[personenvennootschappen]]></category>
		<category><![CDATA[st. maarten]]></category>
		<category><![CDATA[suriname]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10458</guid>

					<description><![CDATA[Themanummer Ondernemingsrecht Vandaag verscheen een bijzonder themanummer van het maandblad Ondernemingsrecht over Nederlands Caribisch en Surinaams rechtspersonenrecht, personenvennootschapsrecht en financieel recht. De volgende auteurs hebben een bijdrage daaraan geleverd: Frank Kunneman &#8211; &#8216;Governance van overheidsgelieerde entiteiten in de Dutch Caribbean, een balans na vijftien jaar&#8217;. Gerrold Adipoera &#8211; &#8216;Het aansprakelijkheidsregime van bestuurders en commissarissen bij&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2026/03/19/nederlands-caribisch-en-surinaams-recht/">Continue reading <span class="screen-reader-text">NEDERLANDS CARIBISCH EN SURINAAMS RECHT</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Themanummer Ondernemingsrecht</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Vandaag verscheen een bijzonder themanummer van het maandblad <em>Ondernemingsrecht</em> over Nederlands Caribisch en Surinaams rechtspersonenrecht, personenvennootschapsrecht en financieel recht. De volgende auteurs hebben een bijdrage daaraan geleverd:</p>



<p class="wp-block-paragraph">Frank Kunneman &#8211; &#8216;Governance van overheidsgelieerde entiteiten in de Dutch Caribbean, een balans na vijftien jaar&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Gerrold Adipoera &#8211; &#8216;Het aansprakelijkheidsregime van bestuurders en commissarissen bij Surinaamse overheidsrechtspersonen&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chris de Bres &#8216;Het Caribisch enquêterecht: concordantie met een twist&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Katherine Filesia Steudtner en Sabine Altena &#8211; &#8216;De stichting particulier fonds in de Caribische rechtspraktijk&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Sebastiaan Barten en Maike Bergervoet &#8211; &#8216;De trust en de vennootschap met afgescheiden vermogens&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Jos Hamers &#8211; &#8216;Het Nederlands-Caribische personenvennootschapsrecht; een juridische lofzang met enkele kritische noten&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Gaetano Best &#8211; &#8216;Nieuwe wettelijke kaders voor de Surinaamse bankensector&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dankzij het gastredacteurschap voor dit themanummer kon ik auteurs uit diverse delen van het Koninkrijk en uit Suriname bij elkaar brengen. Mijn inleidende column <a href="https://www.inview.nl/document/id1512103ecd894f6d8ff2fc340d228fe2/ondernemingsrecht-themanummer-nederlands-caribisch-en-surinaams-recht?ctx=WKNL_CSL_104&amp;tab=tekst" target="_blank" rel="noreferrer noopener">is vrij toegankelijk</a>.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(advocaat / rechtswetenschapper)</p>



<p class="wp-block-paragraph">19 maart 2026<br>.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-large"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26.jpeg"><img decoding="async" width="711" height="1024" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26-711x1024.jpeg" alt="" class="wp-image-10459" srcset="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26-711x1024.jpeg 711w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26-208x300.jpeg 208w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26-768x1105.jpeg 768w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26-1067x1536.jpeg 1067w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26-540x777.jpeg 540w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/03/Foto-Kaft-Themanummer-MRT26.jpeg 1213w" sizes="(max-width: 711px) 100vw, 711px" /></a></figure>
</div>


<p class="wp-block-paragraph">.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>CHAMBERS GLOBAL 2026 LEGAL RANKINGS RELEASED</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/02/12/chambers-global-2026-legal-rankings-released/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 12 Feb 2026 16:05:38 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Legal]]></category>
		<category><![CDATA[attorney]]></category>
		<category><![CDATA[band 1]]></category>
		<category><![CDATA[chambers and partners]]></category>
		<category><![CDATA[corporate governance]]></category>
		<category><![CDATA[corporate law]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[dutch caribbean]]></category>
		<category><![CDATA[finance law]]></category>
		<category><![CDATA[frielink]]></category>
		<category><![CDATA[lawyer]]></category>
		<category><![CDATA[ranking]]></category>
		<category><![CDATA[st. maarten]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10429</guid>

					<description><![CDATA[Karel Frielink ranked Band 1 for the 17th time: &#8220;He&#8217;s good at drafting, and is quick and responsive. Karel Frielink is very clear in his advice, analytical and very sharp.&#8221; Once again, I have been selected as a ranked lawyer in Chambers Global 2026, identifying me as one of the best lawyers in the Dutch&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2026/02/12/chambers-global-2026-legal-rankings-released/">Continue reading <span class="screen-reader-text">CHAMBERS GLOBAL 2026 LEGAL RANKINGS RELEASED</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Karel Frielink ranked Band 1 for the 17th time: &#8220;He&#8217;s good at drafting, and is quick and responsive. Karel Frielink is very clear in his advice, analytical and very sharp.&#8221;</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Once again, I have been selected as a ranked lawyer in Chambers Global 2026, identifying me as one of the best lawyers in the Dutch Caribbean.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2026: “<em>Karel Frielink is a leading lawyer who advises on a wide range of matters including commercial transactions, corporate governance and disputes.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners is an independent research company operating across 200 jurisdictions delivering detailed rankings and insight into the world’s leading lawyers. The Chambers Guides have been ranking the best law firms and lawyers since 1990, and now covers over 200 jurisdictions throughout the world. Chambers ranks lawyers and law firms on several factors and considerations, all of which are investigated by their large team of more than 200 research analysts. Today, Chambers and Partners released the 2025 edition, also covering the Dutch Caribbean.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Individual lawyers are ranked (in their practice-area(s)) on the basis of their legal knowledge and experience, their ability, their effectiveness, and their client-service. Law firms and individual lawyers are ranked in bands from 1-6, with 1 being the best. The qualities on which rankings are assessed include technical legal ability, professional conduct, client service, commercial astuteness, diligence, commitment, and other qualities most valued by the client.</p>



<p class="wp-block-paragraph">I have been ranked Band 1 for seventeen consecutive years starting in 2010. Several of the assessments follow here.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2025: “<em>Karel Frielink is a leading lawyer who advises on a wide range of matters including commercial transactions, corporate governance and disputes. He is also the Dutch Caribbean representative of asset-tracing legal network ICC FraudNet.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">“<em>Strengths: Karel Frielink is an extremely helpful individual who always makes time for you and responds promptly. Moreover, he is incredibly knowledgeable. Karel Frielink had a very good understanding of the needs of the client and was very good at explaining on one side the law and on the other the possibilities and chances of possible proceedings</em>”.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chamber and Partners in 2024: “<em>Karel Frielink is a leading lawyer who advises on a wide range of matters including commercial transactions, corporate governance and related litigation. Karel is a very astute lawyer and he achieves results. He is really top class.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2023: “<em>Karel is a very experienced and outspoken lawyer.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2022: Karel Frielink is a leading lawyer who advises on a wide range of matters including commercial transactions, corporate governance and related litigation. He is also the Dutch Caribbean representative of asset-tracing legal network ICC FraudNet. “<em>Karel is analytical, very clear in his advice and practical.” “Karel is also a very good boardroom adviser.</em>“ Chambers and Partners in 2023: Karel is a very experienced and outspoken lawyer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2021: “<em>Karel Frielink is described as “extremely active” by interviewees. He is a leading light and advises on a wide range of matters including commercial transactions, corporate governance and related litigation. He is also the Dutch Caribbean representative of asset-tracing legal network ICC FraudNet.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2020: “<em>Curaçao-based Karel Frielink is a leading light in the Dutch Caribbean and is widely admired as a “very smart lawyer.” He is a gifted litigator and is considered by one source to be “a very valuable asset to have on the island.” The managing partner of BZSE’s Curaçao office, he is also the Dutch Caribbean representative of asset-tracing legal network ICC FraudNet.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2019: “<em>Karel Frielink of BZSE Attorneys at Law and Tax is held in high regard for litigation and continues to be viewed by his contemporaries as one of the leading lawyers in the Dutch Caribbean. Commentators state that he is “very knowledgeable in respect of corporate law,” and a “good litigator” who is “doing excellent cases.” He is also noted for his expertise in private client work and is a full member of the Society of Trusts and Estates Practitioners.</em>“</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2018: “<em>Karel Frielink of BZSE Attorneys at Law continues to be regarded as a leading authority on corporate law in the Dutch Caribbean. Market sources say he is “a very, very good lawyer” and add that “he’s very smart: if I wanted to discuss a legal issue he’s definitely the person I would call.</em>“</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2017: “<em>Interviewees are full of praise for Karel Frielink, the Curaçao managing partner of BZSE Attorneys at Law. He is regarded as a leading authority on corporate law in the Dutch Caribbean, with a considerable academic output. “He has an excellent way of putting himself in the client’s shoes,” said a source.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2016: “<em>Karel Frielink of BZSE Attorneys at Law is head of the firm’s Curaçao office and was identified by one source as “the authority on the island” for corporate law and corporate governance matters. He is particularly expert in complex international fraud cases and became a member of the FraudNet legal network in 2015. He represents clients from a range of industries including banking, hospitality and finance.</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">Chambers and Partners in 2015: “<em>Karel Frielink: First ranked in Chambers Global 2010. Joined BZSE Attorneys at Law at the start of 2015, after leaving Spigt Dutch Caribbean. He is frequently involved in corporate governance issues and does a lot of work for financial institutions. Commentators suggest that he is “an authority on corporate law” and “one of the most active lawyers around.”</em>”</p>



<p class="wp-block-paragraph">(12 February 2026)<br>.</p>



<figure class="wp-block-image size-large"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/02/DSC_2337-Kleiner-scaled.jpg"><img loading="lazy" decoding="async" width="1024" height="768" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/02/DSC_2337-Kleiner-1024x768.jpg" alt="" class="wp-image-10436" srcset="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/02/DSC_2337-Kleiner-1024x768.jpg 1024w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/02/DSC_2337-Kleiner-300x225.jpg 300w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/02/DSC_2337-Kleiner-768x576.jpg 768w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2026/02/DSC_2337-Kleiner-1536x1152.jpg 1536w" sizes="auto, (max-width: 1024px) 100vw, 1024px" /></a></figure>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>BETERE AFSTEMMING WETGEVING BINNEN HET KONINKRIJK DRINGEND GEWENST</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2026/01/26/betere-afstemming-wetgeving-binnen-het-koninkrijk-dringend-gewenst/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 26 Jan 2026 17:46:45 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Corporate]]></category>
		<category><![CDATA[aruba]]></category>
		<category><![CDATA[bes eilanden]]></category>
		<category><![CDATA[Boek 2 Burgerlijk Wetboek]]></category>
		<category><![CDATA[Concordantie]]></category>
		<category><![CDATA[Concordantiebeginsel]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[Raad voor de wetgeving]]></category>
		<category><![CDATA[rechtspersonenrecht]]></category>
		<category><![CDATA[st. maarten]]></category>
		<category><![CDATA[Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden]]></category>
		<category><![CDATA[Wetgevingsraad]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10410</guid>

					<description><![CDATA[Herhaalde oproep voor het instellen van een gemeenschappelijke Caribische wetgevingsraad Op grond van artikel 39 lid 1 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden worden het burgerlijk en handelsrecht, de burgerlijke rechtsvordering, het strafrecht, de strafvordering, het auteursrecht, de industriële eigendom, het notarisambt, en de bepalingen omtrent maten en gewichten in Nederland (inclusief de&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2026/01/26/betere-afstemming-wetgeving-binnen-het-koninkrijk-dringend-gewenst/">Continue reading <span class="screen-reader-text">BETERE AFSTEMMING WETGEVING BINNEN HET KONINKRIJK DRINGEND GEWENST</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Herhaalde oproep voor het instellen van een gemeenschappelijke Caribische wetgevingsraad</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op grond van artikel 39 lid 1 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden worden het burgerlijk en handelsrecht, de burgerlijke rechtsvordering, het strafrecht, de strafvordering, het auteursrecht, de industriële eigendom, het notarisambt, en de bepalingen omtrent maten en gewichten in Nederland (inclusief de BES-eilanden), Aruba, Curaçao en Sint Maarten zoveel mogelijk op overeenkomstige wijze geregeld. Dit betreft het zogeheten concordantiebeginsel, dat voor alle landen van het Koninkrijk gelijkelijk geldt. Het administratieve recht en het financiële recht behoren hier overigens niet toe.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hoewel het rechtspersonenrecht tot het burgerlijk recht behoort, zijn de verschillen tussen de vier landen van het Koninkrijk aanzienlijk. Binnen één land bestaan er ook intern verschillen: tussen Nederland en de BES-eilanden, die elk een eigen Boek 2 BW hebben. Ter vergelijking: in de loop der eeuwen zijn de regels van het schaakspel meerdere keren aangepast, maar het uitgangspunt – in ieder geval sinds de Perzen het spel over de wereld gingen verspreiden – is steeds ‘universele spelregels’ geweest. Het hanteren van een uitgangspunt (concordantie in ons geval) is dus heel goed mogelijk, maar bij het maken van wetgeving op het vlak van in het bijzonder het rechtspersonenrecht (en ook het personenvennootschapsrecht) gaat het nog steeds niet goed. Met een beroep op het concordantiebeginsel, waarvan naleving nota bene een plicht is, wordt wat deze wetgeving betreft al decennia gepleit voor (meer) uniformiteit, maar zonder veel succes.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De voordelen van concordantie (convergentie) zijn evident. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft er, net als bijvoorbeeld de advocatuur, belang bij dat de wetgeving van de diverse (ei)landen niet te veel uiteenloopt. Door waar mogelijk te kiezen voor gelijke of vergelijkbare bewoordingen wordt de toegankelijkheid en daarmee praktische hanteerbaarheid van de regelingen bevorderd. Bovendien kan de Caribische rechtspraktijk profiteren van de literatuur en rechtspraak in Nederland, en omgekeerd. Deze convergentie of concordantie voorkomt tegelijkertijd dat het functioneren van de Hoge Raad onnodig ingewikkeld wordt gemaakt. Ook de overige gebruikers van het rechtspersonenrecht hebben belang bij gelijke of vergelijkbare regelingen. Denk bijvoorbeeld aan particulieren en ondernemers die gebruik maken van rechtspersonen die zijn opgericht in een ander deel van het Koninkrijk. Van allerlei ‘Nederlandse’ holdingstructuren maken Caribische rechtspersonen deel uit. Het belang van herkenbaarheid en rechtszekerheid die een behoorlijke mate van uniformiteit meebrengt moet niet worden onderschat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het concordantiebeginsel – dat als gezegd over en weer geldt – wordt op vele terreinen in acht genomen: denk aan de meeste boeken van het Burgerlijk Wetboek, het burgerlijk procesrecht en het straf(proces)recht. De regelingen zijn niet identiek, maar wijken soms op onderdelen van elkaar af, omdat de praktijk daartoe noopt. Dat is ook niet bezwaarlijk. Als gezegd is de ontwikkeling van het rechtspersonenrecht in de vier constituerende landen van het Koninkrijk echter wezenlijk verschillend. Dat in dat verband het rechtspersonenrecht in het Europese deel van het Koninkrijk op veel punten verschilt van dat van de Caribische delen van het Koninkrijk komt (mede) door de Europese richtlijnen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In meerdere publicaties, en ook als een van de stellingen bij mijn proefschrift, heb ik aangegeven dat het beginsel van concordantie van wetgeving onvoldoende in acht wordt genomen, en dat het instellen van een Raad voor de Wetgeving voor de Caribische delen van het Koninkrijk (inclusief de BES-eilanden) niet alleen wenselijk, maar zelfs noodzakelijk is.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hoezeer het wellicht politiek-maatschappelijk begrijpelijk is dat in deze fase van de geschiedenis de samenwerking binnen het Koninkrijk niet altijd even optimaal is, zal desondanks het uitgangspunt dienen te zijn dat voor divergentie en disconcordantie een rationele, rechtspolitieke rechtvaardiging vereist is. Het beginsel van de rechtszekerheid brengt dat met zich. Het is daarom wenselijk dat er voor Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de BES-eilanden een Gemeenschappelijke Wetgevingsraad komt, die vroeger ook wel Interinsulaire Raad voor de Wetgeving is genoemd. Die Raad stelt de wetgeving niet vast, maar doet voorstellen met concordantie als uitgangspunt. Als een van de wetgevers van een voorstel zou willen afwijken zou dat uiteraard kunnen, maar dat dient dan wel goed gemotiveerd te worden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hopelijk vindt de oproep thans gehoor.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(advocaat / rechtswetenschapper)</p>



<p class="wp-block-paragraph">(26 januari 2026)</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Bronnen:</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">J. de Boer ‘Inleiding’, <em>TAR-Justicia</em> 3/4 (2010), p. 160.</p>



<p class="wp-block-paragraph">J.B. Wezeman en K. Frielink, ‘Caribisch rechtspersonenrecht’, <em>WPNR</em> 2011/6898, p. 707.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Stelling 2 bij mijn proefschrift (K. Frielink, <em>De quasi-bestuurder in het rechtspersonenrecht. Over rechtsbeginselen, aansprakelijkheid en verplichtingen</em> (diss. Curaçao) (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut nr. 174), Deventer: Wolters Kluwer 2022) luidt: &#8220;<em>Het beginsel van concordantie van wetgeving wordt onvoldoende in acht genomen. Het instellen van een Raad voor de Wetgeving voor de Caribische delen van het Koninkrijk (inclusief de BES-eilanden) is niet alleen wenselijk, maar zelfs noodzakelijk.</em>&#8220;</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink en J.J.A. Hamers, ‘Rechtspersonen en personenvennootschappen. Terugkijken en vooruitzien vanuit Caribisch perspectief’, in: W.H. van Boom e.a. (red.), <em>Vooruitgedenkboek Burgerlijk Wetboek 1992-2022</em>, Den Haag: Boom juridisch 2023, par. 14.3 (p. 247-249).</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, <em>Kort begrip van het Nederlands Caribisch en Surinaams Rechtspersonenrecht</em> (2e herziene druk), Deventer: Wolters Kluwer 2023, par. 1.6.<br>.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-large"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-scaled.jpg"><img loading="lazy" decoding="async" width="725" height="1024" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-725x1024.jpg" alt="" class="wp-image-9054" srcset="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-725x1024.jpg 725w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-212x300.jpg 212w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-768x1084.jpg 768w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-scaled.jpg 1813w" sizes="auto, (max-width: 725px) 100vw, 725px" /></a></figure>
</div>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>MIJN JURIDISCHE OOGST IN 2025</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2025/12/09/mijn-juridische-oogst-in-2025/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 09 Dec 2025 17:02:10 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Legal]]></category>
		<category><![CDATA[aruba]]></category>
		<category><![CDATA[BES-eilanden]]></category>
		<category><![CDATA[boek 2 bw]]></category>
		<category><![CDATA[bonaire]]></category>
		<category><![CDATA[caribisch]]></category>
		<category><![CDATA[corporate litigation]]></category>
		<category><![CDATA[curacao]]></category>
		<category><![CDATA[financieel recht]]></category>
		<category><![CDATA[frielink]]></category>
		<category><![CDATA[Geschillen]]></category>
		<category><![CDATA[karel frielink]]></category>
		<category><![CDATA[legal expert]]></category>
		<category><![CDATA[ondernemingsrecht]]></category>
		<category><![CDATA[st. maarten]]></category>
		<category><![CDATA[suriname]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10370</guid>

					<description><![CDATA[Al mijn 2025 publicaties op een rij Ik leer veel van anderen, maar ik geef ook wat terug aan de juridische gemeenschap. Dit is de oogst van 2025: K. Frielink, &#8216;De geschillenregelingen in de Caribische delen van het Koninkrijk en Suriname&#8217;, in: C.D.J. Bulten, N. Kreileman, G.C. Makkink en M.P. Nieuwe Weme (red.), Handboek Geschillenregeling,&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2025/12/09/mijn-juridische-oogst-in-2025/">Continue reading <span class="screen-reader-text">MIJN JURIDISCHE OOGST IN 2025</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Al mijn 2025 publicaties op een rij</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Ik leer veel van anderen, maar ik geef ook wat terug aan de juridische gemeenschap. Dit is de oogst van 2025:</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, &#8216;De geschillenregelingen in de Caribische delen van het Koninkrijk en Suriname&#8217;, in: C.D.J. Bulten, N. Kreileman, G.C. Makkink en M.P. Nieuwe Weme (red.), <em>Handboek Geschillenregeling</em>, Deventer: Wolters Kluwer 2025, hoofdstuk 24.</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, &#8216;De enquêteregelingen in de Caribische delen van het Koninkrijk en Suriname&#8217;, in: P.E. de Kort en G.C.C. Lewin (red.), <em>Lex De Boer. Bijzonderheden van de Burgerlijk Wetboeken van het Caribisch deel van het Koninkrijk en Suriname</em>, Deventer: Wolters Kluwer 2025, p. 83-92.</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, &#8216;Kroniek Caribische en Surinaamse ondernemingsrechtelijke geschillen 2019-2024&#8217;, in: J. van Bekkum e.a. (red.), <em>Geschriften vanwege de Vereniging Corporate Litigation 2024-2025</em> (Serie Van der Heijden Instituut nr. 194), Deventer: Wolters Kluwer 2025, p. 121-153.</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, noot bij Rechtbank Amsterdam 11 juni 2025, <em>JOR</em> 2025/190 (<em>Solitary/Adyen</em>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, noot bij Rechtbank Den Haag 6 augustus 2025, <em>JOR</em> 2025/217 (<em>Stichting CHF Leningen/Achmea</em>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, noot bij Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 12 augustus 2025, <em>JOR</em> 2025/249 (<em>Appellanten/Land Sint Maarten</em>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, noot bij Rechtbank Amsterdam 13 december 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:7830, <em>JOR</em> 2025/262 (<em>Coin Meester</em>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">K. Frielink, ‘Boekbespreking: Lex &#8211; De Boer. Bijzonderheden van de Burgerlijk Wetboeken van het Caribisch deel van het Koninkrijk en Suriname (onder redactie van P.E. de Kort en G.C.C. Lewin)’, <em>Caribisch Juristenblad</em> 2025/2, p. 154-156.</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-full"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2025/12/Boeken-KF-11APR25-03.jpg"><img decoding="async" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2025/12/Boeken-KF-11APR25-03.jpg" alt="" class="wp-image-10371"/></a></figure>
</div>


<p class="wp-block-paragraph">.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>VRIENDSCHAPSVERDRAG KONINKRIJK EN VERENIGDE STATEN</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2025/11/17/vriendschapsverdrag-koninkrijk-en-verenigde-staten/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 17 Nov 2025 17:30:20 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Legal]]></category>
		<category><![CDATA[cautie]]></category>
		<category><![CDATA[gewone verblijfplaats]]></category>
		<category><![CDATA[handel en scheepvaart tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika]]></category>
		<category><![CDATA[nationaliteit]]></category>
		<category><![CDATA[onderdaan]]></category>
		<category><![CDATA[proceskosten]]></category>
		<category><![CDATA[procespartij]]></category>
		<category><![CDATA[staatsburger]]></category>
		<category><![CDATA[Verdrag van vriendschap]]></category>
		<category><![CDATA[Vriendschapsverdrag]]></category>
		<category><![CDATA[woonplaats]]></category>
		<category><![CDATA[zekerheid stellen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10362</guid>

					<description><![CDATA[Wanneer geldt vrijstelling van het stellen van cautie? Op grond van het Verdrag van vriendschap, handel en scheepvaart tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika met bijbehorend Protocol (Trb. 1956, 40) hoeft een onderdaan van de Verenigde Staten, die in Nederland (of elders in het Koninkrijk) een procedure aanhangig maakt, geen&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2025/11/17/vriendschapsverdrag-koninkrijk-en-verenigde-staten/">Continue reading <span class="screen-reader-text">VRIENDSCHAPSVERDRAG KONINKRIJK EN VERENIGDE STATEN</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Wanneer geldt vrijstelling van het stellen van cautie?</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op grond van het Verdrag van vriendschap, handel en scheepvaart tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika met bijbehorend Protocol (Trb. 1956, 40) hoeft een onderdaan van de Verenigde Staten, die in Nederland (of elders in het Koninkrijk) een procedure aanhangig maakt, geen zekerheid voor de proceskosten te stellen. Omgekeerd geldt hetzelfde. Het begrip ‘onderdaan’ wordt in de rechtspraak niet eenduidig uitgelegd. De kernvraag is of het bij het begrip ‘onderdaan’ gaat om de nationaliteit van de betrokken persoon (dus of de persoon een staatsburger is) dan wel of het voldoende is dat de betrokken persoon zijn woonplaats of gewone verblijfplaats heeft in de andere verdragsstaat, ongeacht wat zijn nationaliteit of staatsburgerschap is.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Blijkens Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 12 april 2017, ECLI:NL:OGEAA:2017:271 (<em>Eisers/Banco di Caribe</em>) gaat het bij het begrip onderdaan om de nationaliteit. Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 27 juni 2018, ECLI:NL:OGEAA:2018:390 (<em>Green Card holder</em>) overweegt dat met onderdaan in de zin van het Verdrag is bedoeld of de betrokken procespartij staatsburger is van een van de verdragsluitende partijen (r.o. 2.6). Dat lijkt mij juist.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Er zijn ook uitspraken waarbij voor toepassing van het Verdrag voldoende wordt geacht dat een partij woonachtig is in een van de verdragsstaten en de vraag naar de nationaliteit niet aan de orde wordt gesteld. Zie bijvoorbeeld Rb Amsterdam 9 juli 2008, ECLI:NL:RBAMS:2008:BD9258 (<em>A/Stichting Greenpeace Council</em>) en Rb Amsterdam 17 april 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:CA1382 (<em>A/O&#8217;Donnells Irish Pub</em>). In deze laatstgenoemde zaak is tussen partijen in geschil of eiser (sub 1) in de hoofdzaak enkel woonachtig is in de Verenigde Staten of ook in het Verenigd Koninkrijk. De rechtbank overweegt: “Op grond van dit verdrag is het derhalve niet mogelijk om aan een natuurlijk persoon woonachtig in de Verenigde Staten een zekerheidsstelling op te leggen.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">De rechtbank verwijst in dat verband naar de noot van H.F. van Rijswijk onder <em>JBPr</em> 2008/46 (Rb Amsterdam 9 juli 2008), die opmerkt dat nogal eens nagelaten wordt een beroep te doen op het met de Verenigde Staten van Amerika geldende Verdrag van Vriendschap, Handel en Scheepvaart, op grond waarvan een natuurlijk persoon of onderneming die woonachtig of gevestigd is in de Verenigde Staten en die in Nederland als eisende partij optreedt, is vrijgesteld van het stellen van cautie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Voor Hof Leeuwarden 20 maart 2012, ECLI:NL:GHLEE:2012:BV9653 (<em>Appellant/VDR</em>) is ook enkel de woonplaats van belang: &#8220;Op grond van hetgeen partijen hierover hebben aangevoerd, neemt het hof als vaststaand aan dat [appellant] thans woonachtig is in de Verenigde Staten. Aan de ongemotiveerde betwisting door VDR c.s. in hun memorie van 21 februari 2012 dat [appellant] daadwerkelijk in de Verenigde Staten woonachtig zou zijn, waar zij eerder nog het vermoeden uitspraken dat [appellant] in El Paso zou wonen, gaat het hof voorbij. Gegeven zijn woonplaats in de Verenigde Staten, brengen de hiervoor aangehaalde bepalingen van het verdrag mee dat [appellant] zich terecht beroept op de uitzondering van art. 224 lid 2 aanhef en onder a Rv.&#8221;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Blijkens Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 12 augustus 2025, ECLI:NL:OGHACMB:2025:211, <em>JOR</em> 2025/249 (<em>Appellanten/Land Sint Maarten</em>) heeft de discussie zich in die procedure toegespitst op de woonplaats of gewone verblijfplaats en niet op de nationaliteit (het zijn van burger van een van de verdragsstaten). In deze zaak hebben twee van de appellanten (natuurlijke personen) aangegeven in de Verenigde Staten van Amerika te wonen. Door het Gerecht is in eerste aanleg aangenomen dat zij woonplaats of gewone verblijfplaats in India hebben. In hoger beroep overweegt het hof dat appellanten onvoldoende gemotiveerd hebben betwist dat zij geacht moeten worden hun woonplaats of gewone verblijfplaats in India te hebben (r.o. 3.18). In mijn interpretatie van het Verdrag is de woonplaats of gewone verblijfplaats niet relevant. Het gaat immers om de nationaliteit (het staatsburgerschap) van een partij en de vraag waar die procespartij woonachtig is, in of buiten een van de verdragsstaten, is daarbij niet relevant.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het Verdrag zelf is het begrip ‘onderdaan’ niet gedefinieerd. Als naar de inhoud van het Verdrag en de onderlinge samenhang van de bepalingen in het Verdrag wordt gekeken, dan ligt het voor de hand aan te nemen dat onderdanen diegenen zijn die de Amerikaanse dan wel de Nederlandse nationaliteit hebben (verworven). Die uitleg past bij hoe het begrip onderdaan normaal gesproken wordt begrepen. In artikel II onder 3 van het Verdrag is onder meer bepaald dat het onderdanen van de ene staat is geoorloofd om binnen het grondgebied van de andere staat vrijelijk te reizen en te wonen op plaatsen van hun keuze. Als de woonplaats bepalend zou zijn voor de vraag of een persoon onderdaan is in de zin van het Verdrag, dan zou eenieder die niet de nationaliteit heeft van een van de verdragsstaten, maar wel in één van beide woont, vrijelijk in de andere staat mogen reizen en wonen. Het is niet goed denkbaar dat de verdragsstaten de deur zo wijd open hebben willen zetten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ten aan zien van schepen onder Amerikaanse dan wel Nederlandse vlag is in artikel XIX bepaald dat zij zullen worden geacht schepen te zijn van die Staat, zowel in volle zee, als in de havens, plaatsen en wateren van de andere Staat, op voorwaarde dat de schepen zijn voorzien van de vereiste scheepspapieren ten bewijze van hun nationaliteit. Hier wordt in het Verdrag uitdrukkelijk aangeknoopt bij het begrip nationaliteit.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het zou goed zijn als over dit vraagstuk, nationaliteit tegenover woonplaats en gewone verblijfplaats, duidelijkheid zou worden verschaft.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(advocaat / rechtswetenschapper)</p>



<p class="wp-block-paragraph">(17 november 2025)</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-large"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1.jpg"><img loading="lazy" decoding="async" width="673" height="1024" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-673x1024.jpg" alt="" class="wp-image-8626" srcset="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-673x1024.jpg 673w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-197x300.jpg 197w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-768x1168.jpg 768w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-1010x1536.jpg 1010w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-1346x2048.jpg 1346w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1-540x822.jpg 540w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2020/06/Voorkant-Cover-Bundel-Rechtspraak-MRT2020-1.jpg 1400w" sizes="auto, (max-width: 673px) 100vw, 673px" /></a></figure>
</div>


<p class="wp-block-paragraph">.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>POLITIEK GEMOTIVEERD ONTSLAG COMMISSARISSEN</title>
		<link>https://www.curacao-law.com/2025/10/11/politiek-gemotiveerd-ontslag-commissarissen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Karel Frielink]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 11 Oct 2025 15:59:29 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Corporate]]></category>
		<category><![CDATA[aruba]]></category>
		<category><![CDATA[bestuurders]]></category>
		<category><![CDATA[commissarissen]]></category>
		<category><![CDATA[corporate governance]]></category>
		<category><![CDATA[kort geding]]></category>
		<category><![CDATA[ontslag]]></category>
		<category><![CDATA[Politiek gemotiveerd]]></category>
		<category><![CDATA[Toezichthouders]]></category>
		<category><![CDATA[Utilities Aruba]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.curacao-law.com/?p=10349</guid>

					<description><![CDATA[Gerecht in Aruba schorst de ontslagbesluiten Op 8 juli 2025 zijn de commissarissen van de dochtervennootschappen van Utilities Aruba N.V. (UA) ontslagen. Van de ontslagen commissarissen hebben er 15 een kort geding aangespannen en onder meer schorsing van de besluiten gevorderd. Het Gerecht in Aruba heeft op 10 oktober 2025 vonnis gewezen en de ontslagbesluiten&#8230; <a class="more-link" href="https://www.curacao-law.com/2025/10/11/politiek-gemotiveerd-ontslag-commissarissen/">Continue reading <span class="screen-reader-text">POLITIEK GEMOTIVEERD ONTSLAG COMMISSARISSEN</span></a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Gerecht in Aruba schorst de ontslagbesluiten</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op 8 juli 2025 zijn de commissarissen van de dochtervennootschappen van Utilities Aruba N.V. (UA) ontslagen. Van de ontslagen commissarissen hebben er 15 een kort geding aangespannen en onder meer schorsing van de besluiten gevorderd. Het Gerecht in Aruba heeft op 10 oktober 2025 vonnis gewezen en de ontslagbesluiten geschorst totdat in een bodemprocedure bij eindvonnis is beslist over de rechtsgeldigheid van die besluiten (AUA202502258 KG t/m AUA202502272 KG).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het Gerecht overweegt dat uit de statuten van de vennootschappen blijkt dat ontslagbesluiten met redenen moeten zijn omkleed. Naar het (voorlopig) oordeel van het Gerecht vloeit dat ook voort uit de omstandigheid dat zowel de rechtspersoon als degenen die krachtens de wet en/of de statuten bij de organisatie zijn betrokken zich tot elkaar dienen te gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt vereist. Het is, voeg ik daaraan toe, inmiddels vaste rechtspraak dat een ontslag op louter politieke gronden rechtens geen stand houdt. Zo ook in dit geval.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het Gerecht:</p>



<p class="wp-block-paragraph">“4.8.1 Het Gerecht is voorshands van oordeel dat het enkele feit dat er een nieuw aangetreden vertegenwoordiger UA is, onvoldoende is om het ontslagbesluit te onderbouwen. Het ontslagbesluit dient immers, conform de hiervoor omschreven vereisten, met redenen te zijn omkleed. Een verschil van inzicht of een gewijzigde visie op de bedrijfsvoering van een nieuw aangetreden vertegenwoordiger biedt op zichzelf nog geen deugdelijke en concrete motivering die rechtvaardigt dat het vertrouwen in de Commissarissen is weggevallen. Voor een correcte motivering is meer vereist dan slechts een wijziging in de vertegenwoordiging. Het ontslagbesluit moet concrete redenen bevatten die aantonen wat precies het verschil van inzicht of een gewijzigde visie op de bedrijfsvoering van de nieuwe vertegenwoordiger ten opzichte van de vorige vertegenwoordiger behelst en waarom dat verschil met zich brengt dat het vertrouwen in de Commissarissen is verloren. Daarvan zou sprake kunnen zijn als bedoelde raden van Commissarissen op onterechte gronden te kennen hebben gegeven aan (de met de regeringswisseling nieuw aangetreden vertegenwoordiger van) de aandeelhouder dat zij zich niet kunnen vinden in het aan hen kenbare/uitgelegde verschil van inzicht of de gewijzigde visie op de bedrijfsvoering met betrekking tot de Utiliteitsbedrijven en dat zij daaraan geen of onvoldoende medewerking zullen verlenen. Gesteld noch is gebleken in dat verband dat de nieuw aangetreden vertegenwoordiger van de aandeelhouder zich naar aanleiding van gesprekken met de Commissarissen op objectieve gronden heeft overtuigd dat met hen geen werkzame of werkbare relatie mogelijk is (hetgeen overigens iets anders is dan dat zij precies doen wat die vertegenwoordiger wil).”</p>



<p class="wp-block-paragraph">En het Gerecht vervolgt:</p>



<p class="wp-block-paragraph">” 4.8.2 Vorenstaande brengt met zich dat de stelling van de Commissarissen, dat de ontslagbesluiten louter omwille van partijpolitieke redenen tot stand zijn gekomen, voorshands aannemelijk wordt geoordeeld. De enkele wijziging van de politieke samenstelling van de regering van Aruba (lees hier tevens: de vertegenwoordiger van de aandeelhouder in UA) levert geen (automatische) grond op om zittende bestuursleden danwel leden van een Raad van Toezicht van aan het Land Aruba gelieerde rechtspersonen die onder een andere politieke signatuur zijn aangesteld te ontslaan. Zij die daar anders over denken miskennen daarmee de zelfstandigheid dat een bestuur danwel een Raad van Toezicht van een rechtspersoon heeft, ook ten opzichte van het Landsbestuur.”</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>De boodschap is niet nieuw</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Zelf pleit ik al meer dan 20 jaar voor good corporate governance wat betreft overheidsvennootschappen en overheidsstichtingen, en in het bijzonder ook als het gaat om de benoeming en het ontslag van bestuurders en commissarissen of toezichthouders. In de tweede druk van mijn boek ‘<em>Kort begrip van het Nederlands Caribisch en Surinaams Rechtspersonenrecht</em>’ (Deventer: Wolters Kluwer 2023) valt, onder meer, het volgende te lezen naar aanleiding van de niet ongebruikelijke praktijk dat een nieuw aangetreden regering de zittende commissarissen collectief vraagt om op te stappen en daarbij aangeeft het voornemen te hebben hen desnoods collectief te ontslaan (par. 13.3.3):</p>



<p class="wp-block-paragraph">“In meerdere lezingen en publicaties heb ik mij verzet tegen deze politieke benoemings- en ontslagcarrousel (<em>e kabayito di nombramentu polítiko i di retiro</em>). Hoewel een dergelijke gedragslijn van de overheid aanvankelijk door het Gerecht werd geaccepteerd, is er de laatste jaren een duidelijke kentering in de rechtspraak waar te nemen (…). Uitgangspunt van de corporate governance regels is dat aan elk (individueel) ontslagbesluit bij een overheidsentiteit een deugdelijke motivering ten grondslag moet liggen. Daarin verschilt het ontslag van een bestuurder bij een overheidsvennootschap met dat bij een gewone vennootschap: bij een gewone vennootschap is een ontslag (de beëindiging van de organisatierechtelijke betrekking) te allen tijde mogelijk en hoeft een ontslagbesluit ook niet te worden gemotiveerd”.</p>



<p class="wp-block-paragraph">En verder:</p>



<p class="wp-block-paragraph">“Een algemene motivering langs de lijn dat de overheid graag haar beleid wil uitvoeren en denkt dat minder goed te kunnen doen met commissarissen die zij niet zelf heeft benoemd is als grond voor ontslag zonder meer onvoldoende. Daaraan wordt toegevoegd dat wat de overheid ‘beleid’ noemt in de regel betrekking zal hebben op haar publieke taken: die taken moet de overheid uitoefenen via publiekrechtelijke wet- en regelgeving en juist niet als aandeelhouder van een overheidsvennootschap. De soms gehoorde opvatting dat er een ongeschreven regel van staatsrecht zou bestaan, die inhoudt dat bij wisseling van de politieke kleur van de regering, de nieuwe regering op grond daarvan bestuurders en commissarissen van overheidsentiteiten mag vervangen, is fundamenteel onjuist. Een dergelijke ongeschreven regel van staatsrecht bestaat in geen van de in deze monografie besproken landen. Bovendien behoren ontslag en benoeming van genoemde entiteiten niet tot het staatsrecht, maar betreffen beleidsbeslissingen. De benoeming en het ontslag van bestuurders en commissarissen van (privaatrechtelijke) overheidsvennootschappen en overheidsstichtingen wordt volledig beheerst door Boek 2 BW. Welke regels en procedures het Land (de regering) intern in acht moet nemen om tot besluitvorming inzake de uitoefening van de aandeelhoudersrechten te komen, is voor een beoordeling van een eenmaal genomen besluit niet relevant. Dat is in politieke kringen wellicht geen populaire boodschap, maar wel een die direct samenhangt met een gezonde opvatting, namelijk dat de regels en beginselen van corporate governance serieus moeten worden genomen. Van de algemene motivering die ik noemde blijft dus niet veel over.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">De boodschap is al die jaren simpel geweest. Door de aandeelhouder, die over benoeming en ontslag gaat, moet rekening worden gehouden met de voorwaarde dat een ontslagbesluit op zorgvuldige wijze dient te worden genomen en dragende gronden moet bevatten. Gaat het om overheidsvennootschappen en -stichtingen dan geldt in dat verband dat een ontslag op bijvoorbeeld de grond dat een nieuwe regering is aangetreden en dat die van een andere politieke signatuur is dan de vorige, niet als dragende grond van een ontslagbesluit kan worden aanvaard. Dat levert immers strijd op met de beginselen van redelijkheid en billijkheid en met de beginselen van good corporate governance.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Karel Frielink<br>(advocaat / rechtswetenschapper)</p>



<p class="wp-block-paragraph">(11 oktober 2025)<br>.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zie bijvoorbeeld ook mijn presentaties d.d. 22 mei 2025 (<a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2025/05/PowerPoint-Presentatie-JDW-LEX.pdf" target="_blank" rel="noreferrer noopener">Bad Governance: A Joy For Everyone?</a> alsmede <a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2025/05/Tekst-reader-Frielink-Seminar-15-Jaar-Corporate-Governance-22MEI2025.pdf" target="_blank" rel="noreferrer noopener">Good Corporate Governance: Mission Never Accomplished</a>) en 21 februari 2013 (<a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2013/02/Lezing-KF-Good-Corporate-Governance-21FEB131.pdf" target="_blank" rel="noreferrer noopener">Terugblik op de toekomst: de verdere ontwikkeling van corporate governance in Curaçao</a>).</p>



<p class="wp-block-paragraph">.</p>


<div class="wp-block-image">
<figure class="aligncenter size-large"><a href="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-scaled.jpg"><img loading="lazy" decoding="async" width="725" height="1024" src="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-725x1024.jpg" alt="" class="wp-image-9054" srcset="https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-725x1024.jpg 725w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-212x300.jpg 212w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-768x1084.jpg 768w, https://www.curacao-law.com/wp-content/uploads/2022/12/Finaal-alleen-voorkant-Frielink_cover_Kort-begrip-vh-Ned-Car-en-Sur-Rechtspersonenrecht-scaled.jpg 1813w" sizes="auto, (max-width: 725px) 100vw, 725px" /></a></figure>
</div>


<p class="wp-block-paragraph">.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
