<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><rss xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom" xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:itunes="http://www.itunes.com/dtds/podcast-1.0.dtd" xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/" xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/" xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/" version="2.0">

<channel>
	<title>Weblog Interculturele Communicatie</title>
	<atom:link href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/feed/" rel="self" type="application/rss+xml"/>
	<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Mon, 22 Dec 2025 17:47:12 +0000</lastBuildDate>
	<language>en-US</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	
	<itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle/><item>
		<title>De stigmatiseringsdriehoek van de media: populisme, marktgerichtheid en islamofobie</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/de-stigmatiseringsdriehoek-van-de-media-populisme-marktgerichtheid-en-islamofobie/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 29 Nov 2014 15:23:28 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=412</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 29-11-2014 Op 18 mei 2013 kopte het dagblad Trouw “Haagse buurt domein orthodoxe moslims” en “Als je wijk verandert in een klein kalifaat”. Het ging daarbij om de Haagse Schilderswijk, een multiculturele wijk met meer dan 100 nationaliteiten. De analyse was gebaseerd op uitlatingen van anonieme bewoners, vrijwilligers en overheidsdiensten. Volgens deze ... <a title="De stigmatiseringsdriehoek van de media: populisme, marktgerichtheid en islamofobie" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/de-stigmatiseringsdriehoek-van-de-media-populisme-marktgerichtheid-en-islamofobie/" aria-label="Read more about De stigmatiseringsdriehoek van de media: populisme, marktgerichtheid en islamofobie">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p><strong>BY: W. Shadid, 29-11-2014</strong><br />
<img decoding="async" class="alignright wp-image-413 " src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2014/11/media2.jpg" alt="media2" width="207" height="147" />Op 18 mei 2013 kopte het dagblad Trouw “Haagse buurt domein orthodoxe moslims” en “Als je wijk verandert in een klein kalifaat”. Het ging daarbij om de Haagse Schilderswijk, een multiculturele wijk met meer dan 100 nationaliteiten. De analyse was gebaseerd op uitlatingen van anonieme bewoners, vrijwilligers en overheidsdiensten. Volgens deze bronnen waren zij al jaren getuigen van de ontwikkeling van een “<em>klein kalifaatje</em>” en de invoering van een “<em>mini-sharia</em>”.<br />
Ter illustratie werden ervaringen van politieagenten opgetekend die zouden worden verhinderd om hun werk te doen. Vrouwen op straat zouden op hun “niet-islamitische” gedrag worden aangesproken. Ook zou een niet-moslim jongere met het woord <em>kafir</em> (ongelovige) zijn beledigd.<span id="more-412"></span></p>
<p>Begrijpelijkerwijs leidde het artikel destijds tot publieke verontwaardiging en intensieve politieke en media aandacht. In een debat in de Tweede Kamer meenden sommige volksvertegenwoordigers het geschetste sharia-beeld in de wijk te herkennen. Zij lieten hun verontwaardiging blijken en riepen de lokale politie en de verantwoordelijke ministers op om op te treden. In hun pleidooien deden zij er nog een schepje bovenop en veroorzaakten daarmee extra angst voor moslims in de samenleving.<br />
Illustratief voor deze politieke handel in maatschappelijke angst was het betoog van Dijkgraaf (SGP). Hij stelde dat “pogingen om de sharia op te tuigen naast en binnen onze rechtsstaat meteen de kop in moeten worden gedrukt met alle wettelijke middelen” en vroeg of “de ministers en de betreffende gemeenten voldoende middelen hebben om in te grijpen wanneer zich uitingen van de sharia voordoen?” (Tweede Kamer, 5 september 2013, TK 107-7). Hiermee wekte hij de indruk dat het hier zou gaan om een overweldigend verschijnsel waarvoor de Nederlandse staat eventueel over onvoldoende middelen zou beschikken om het te beteugelen.</p>
<p><strong>Belang van het voorval</strong><br />
De tragiek is dat de verhalen van de sjoemelende Trouw-journalist kritiekloos zijn aanvaard door politiek, publiek, moslimorganisaties en andere media. Naar alle waarschijnlijkheid is de ontmaskering van de journalist echter vooral ingegeven doordat lokale en nationale beleidsmakers de opgetekende fabels over de “Sharia Driehoek” als aanval op hun veiligheidsbeleid ervoeren. Zowel het Haagse College van B&amp;W als de ministers Asscher en Opstelten trokken de juistheid van de bronnen in twijfel. Voor de redactie van de krant was dit waarschijnlijk aanleiding om een nader onderzoek in te stellen. De redacteur in kwestie is inmiddels ontslagen en Trouw laat een onafhankelijke externe commissie onderzoek doen naar het voorval.<br />
Dit voorval is niet alleen maatschappelijk en politiek buitengewoon interessant, maar ook vanuit communicatie theoretisch oogpunt. De kritiekloze acceptatie van het artikel laat zien dat onder bepaalde omstandigheden de inmiddels obsolete <em>injectienaaldtheorie </em>waarin de media worden vergeleken met een injectienaald voor het injecteren van informatie in de hoofden van de passieve nieuwsconsument nog steeds &#8216;alive and kicking&#8217; blijkt te zijn.</p>
<p><strong>Incidenteel of structureel</strong><br />
Voor zover bekend is de fabricage van nieuws incidenteel. Onzorgvuldige rapportages over minderheden en over moslims in het bijzonder zijn helaas structureel. Onderzoek in Europa en Amerika laat zien dat berichtgeving over deze groepen de journalistieke toets der kritiek vaak niet doorstaat. Het ontbreekt veel artikelen en rapportages aan transparante bronnen, juiste context, hoor en wederhoor of een second opinion. Daarbij komt dat men zich frequent schuldig maakt aan selectie van negatieve voorbeelden die vervolgens van toepassing zouden zijn op alle islamitische gemeenschappen. Er wordt op deze manier geen onderscheiden gemaakt tussen de casus ter illustratie van een verschijnsel en de casus op zich als curiosum voor volksvermaak.<br />
De overmatige aandacht van de media voor het negatieve detail bij moslims en de gretigheid waarmee dit type nieuws door publiek en politiek wordt geconsumeerd, leidt niet alleen tot stigmatisering, maar vertroebelt daarnaast het zicht op de grotere structuren bij moslims. Zo’n aanpak doet de werkelijkheid geweld aan, creëert schijnzekerheden voor beleid, maakt een karikatuur van de moslimgemeenschap en leidt tot een vicieuze cirkel van vraag naar nog meer stigmatisering, met als gevolg nog meer angst, wantrouwen en antipathie.<br />
Termen als sharia, Allah en jihad worden door journalisten, politici en beleidmakers met name gebruikt voor negatieve “<em>framing</em>” van deze religie en haar belijders. Geplaatst in een negatieve context blijken deze toverwoorden te zijn voor het geplaatst krijgen van een krantenartikel, het verkrijgen van een onderzoeksubsidie of van een lucratieve positie bij politiek of overheid. Dit type media-discours heeft eraan bijgedragen dat islamofobie als voorfase van afwijzing van moslims haar huidig anti-islamisme gezicht heeft gekregen.</p>
<p><strong>Verandering</strong><br />
Gezien de bekende oorzaken van onzorgvuldige verslaggeving over moslims zoals tijdsdruk van nieuwsproductie, vooroordelen bij nieuwsproducenten en de marktgerichtheid van de media, valt een spontane zelfregulering op dit terrein niet te verwachten. Als de beroepsjournalistiek zich zou willen onderscheiden van de amateurjournalistiek op sociale media dan zou er iets moeten gebeuren om het kaf van het koren te scheiden.<br />
Op zich heeft de sector enkele instanties die direct of indirect een evaluatieve taak kunnen uitvoeren zoals de <em><a href="http://www.nvj.nl/home" target="_blank" rel="noopener">Nederlandse Vereniging van Journalisten</a></em> (NVJ), <em><a href="http://media-ombudsman.nl/" target="_blank" rel="noopener">Stichting Media-ombudsman Nederland</a></em> en de <em><a title="raad voor de journalistie" href="http://www.rvdj.nl/" target="_blank" rel="noopener">Raad voor de Journalistiek</a></em>. De huidige taken en mogelijkheden van de Raad voor de Journalistiek om berichtgeving continu te monitoren zijn echter beperkt. De Raad kan alleen een uitspraak doen over een ingediende klacht maar heeft geen autoriteit om zelfstandig onderzoek te verrichten of een rectificatie op te leggen. Verder behandelt de Raad alleen klachten van personen die menen dat hun belang in een bepaalde publicatie wordt geschaad. Klachten over gepercipieerde collectieve (imago-)schade moeten echter door een organisatie worden ingediend. Het is daarom aan te bevelen dat allochtone gemeenschappen in Nederland een organisatie voor dat doel oprichten. Ook via eigen onderzoek kan zo’n organisatie allerlei mediapublicaties kritisch bekijken en eventueel via “<em>naming en shaming</em>” een bijdrage leveren aan het voorkomen van verdere stigmatisering.<br />
Het behoeft geen betoog dat in een democratische rechtsstaat ook moslims recht hebben op een gelijkwaardige behandeling. De hoofdboosdoener in de hier besproken “<em>Trouw gate</em>” is uiteraard de journalist zelf. Dat pleit de redactie van het dagblad echter allerminst vrij. Voor de fabricage van nieuws in het besproken artikel is zij de Nederlandse nieuwsconsument, en niet alleen het islamitische deel ervan, excuses schuldig.</p>
<p>Dit artikel is speciaal geschreven voor en in verkorte vorm gepubliceerd op de <a title="Leiden Islam Blog" href="http://leiden-islamblog.nl/articles/de-stigmatiseringsdriehoek-van-de-media-populisme-marktgerichtheid-en-islam" target="_blank" rel="noopener">Leiden Islam Blog</a>.</p>
<p style="text-align: left;"><em>Prof.dr. W. Shadid is methodoloog en emeritus hoogleraar interculturele communicatie</em>. Voor meer info zie de pagina About.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Racisme is meer dan onderscheid maken op basis van ras</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/racisme-is-meer-dan-onderscheid-maken-op-basis-van-ras/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 19 Sep 2013 12:49:44 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=379</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 19-09-2013 In discussies en publicaties over de verhouding tussen groepen en interculturele communicatie in het algemeen komen de termen stereotypen, vooroordelen, etnocentrisme, discriminatie en racisme veelvuldig voor. Hoewel deze verschijnselen de gemoederen doen verhitten zijn alleen de laatste twee in nationale wetten en internationale conventies uitgewerkt. Hieronder zal de aandacht worden gericht ... <a title="Racisme is meer dan onderscheid maken op basis van ras" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/racisme-is-meer-dan-onderscheid-maken-op-basis-van-ras/" aria-label="Read more about Racisme is meer dan onderscheid maken op basis van ras">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p><strong>BY: W. Shadid, 19-09-2013</strong><br />
In discussies en publicaties over de verhouding tussen groepen en interculturele communicatie in het algemeen komen de termen stereotypen, vooroordelen, etnocentrisme, discriminatie en racisme veelvuldig voor. Hoewel deze verschijnselen de gemoederen doen verhitten zijn alleen de laatste twee in nationale wetten en internationale conventies uitgewerkt. Hieronder zal de aandacht worden gericht op het verschil tussen discriminatie en racisme en op de omstandigheden die aanleiding kunnen geven om van racisme te spreken. Voornamelijk zal het hier gaan om de vraag of het gebruik van culturele en etnische criteria voor de hiërarchische ordening van groepen als racistisch kan worden aangemerkt.</p>
<p><span id="more-379"></span></p>
<p style="text-align: left;"><strong>Discriminatie</strong><br />
Het is algemeen bekend dat in tegenstelling tot vooroordelen en etnocentrisme die een houding tot uitdrukking brengen, discriminatie zich in gedrag manifesteert. Over de omschrijving van discriminatie is uitgebreid gedebatteerd en een consensus is nog ver te zoeken. Een bruikbare juridische definitie van discriminatie is wel te vinden in artikel 90 quater van het Wetboek van Strafrecht. Discriminatie is “elke vorm van onderscheid, elke uitsluiting, beperking of voorkeur, die ten doel heeft of ten gevolge kan hebben dat de erkenning, het genot of de uitoefening op voet van gelijkheid op politiek, economisch, sociaal of cultureel terrein of op andere terreinen van het openbare leven wordt teniet gedaan of aangetast”. In deze definitie staat het maken van onderscheid dat nadelige gevolgen heeft voor de gelijke behandeling van mensen in allerlei sectoren van de samenleving centraal. Door de zinsnede ‘ten doel heeft of ten gevolge kan hebben’ worden zowel bedoelde als onbedoelde vormen van onderscheid met nadelige gevolgen onder discriminatie geplaatst.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Racisme</strong><br />
Ook met betrekking tot racisme treft men vele definities en benadering aan. Over het algemeen kan worden gesteld dat in tegenstelling tot discriminatie die naar gedrag verwijst, gaat <em>het bij racisme om een ideologie ter rechtvaardiging van uitsluiting en hiërarchische ordening van groepen op grond van niet relevante criteria</em>. Sommige deskundigen zijn van mening dat <em>alleen</em> <em>raciale</em> criteria hier van belang zijn. Anderen plaatsen ook <em>het gebruik van culturele en etnische karakteristieken</em> op hetzelfde niveau. Deze twee benaderingen respectievelijk het biologisch racisme en het antiracisme discours zullen hieronder worden besproken.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Biologisch racisme</strong><br />
Binnen deze vorm wordt van racisme gesproken <em>alleen</em> wanneer de rangschikking van groepen gebaseerd is op raciale kenmerken. De Encyclopaedia Britannica definieert racisme dan ook als elke actie, praktijk of visie die uitgaat van de gedachte dat mensen verdeeld zijn in aparte en exclusieve biologische eenheden genoemd &#8220;rassen&#8221;, dat er een causaal verband bestaat tussen hun erfelijke fysieke eigenschappen en hun persoonlijke kenmerken zoals intelligentie, moraal, en andere culturele gedragskenmerken en dat sommige rassen per definitie superieur zijn aan anderen.<br />
Dergelijke gedachten trof men al van oudsher aan in religies en in de wetenschap. Bijvoorbeeld in de 16de en 17de eeuw hielden christelijke theologen zich zelfs bezig met de vraag of Zwarten en Indianen wel een ziel hebben. Ook Wetenschappers gebruikten het sociaal darwinisme om rassen te rangschikken op basis van inherente biologische criteria.<br />
<img decoding="async" alt="subtiel" src="/images/segregation.jpg" align="left" border="0" />De meest sprekende voorbeelden van racisme die in de recente geschiedenis ook in praktijk werden omgezet zijn de <em>rassenscheiding</em> in de Verenigde Staten van Amerika (afgeschaft in 1964) en het <em>apartheidssysteem</em> in Zuid-Afrika (tot 1990). In dat laatste werden rassen niet alleeen gescheiden maar werden blanken, Aziaten en zwarten beschouwd als respectievelijk eerste-, tweede- en derderangsburgers en werd deze rangschikking gebruikt voor de rechtvaardiging van de scheve verdeling van goederen en diensten in de samenleving. Eerstgenoemden kregen de hogere salarissen en betere posities, de zwarten de laagste lonen en het ongeschoolde werk. Wanneer het voorkomen van racisme alleen zou afhangen van raciale criteria is de kans niet denkbeeldig dat in deze tijd weinig racisten aangewezen kunnen worden. De praktijk van alledag laat ook zien dat het op zulke raciale gronden zeer moeilijk is om sluitend bewijs te leveren voor racistisch gedrag.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Het antiracisme discours</strong><br />
<img decoding="async" alt="subtiel" src="/shadid/wp-content/uploads/2008/06/subtleracism.jpg" align="left" border="0" />Aanhangers van de benadering die in de jaren tachtig <em>het antiracisme discours</em> werd genoemd verdedigen daarentegen een breder perspectief. Hier wordt van racisme gesproken ook wanneer de hiërarchische ordening en uitsluiting van mensen op grond van <em>culturele of etnische criteria</em> plaats vindt. Aanhangers hiervan zien zelfs de bestaande sociaal economische ongelijkheid tussen autochtonen en allochtonen in Nederland als het resultaat van racisme. Deze brede betekenis van racisme verwijst naar alle opvattingen die op de een of andere manier worden gebruikt ter rechtvaardiging van de scheve machtsverhoudingen in de samenleving. Uitspraken als “eigen volk eerst” en “houd Nederland blank en schoon” zijn uitingen van racistische opvattingen. Ook een uitspraak als “moslims zijn in Nederland niet welkom, omdat hun cultuur op gespannen voet staat met de Nederlandse” dient volgens deze visie als racistisch te worden aangemerkt, ondanks het feit dat daarmee niet verwezen wordt naar raciale maar naar culturele verschillen. Tussen deze twee extreme standpunten bestaan ook andere varianten. Sommigen beschouwen het wijzen op culturele verschillen of alleen het hoger waarderen van de eigen cultuur niet als racisme, omdat “de kern van het modern racisme is de notie dat culturen niet veranderen, dat sommige culturen onverenigbaar met elkaar zijn en dat iemand met een bepaalde cultuur die om biologische redenen niet kan loslaten”. Anderen beschouwen ook “een uiting van verzet tegen de economische consequenties van de aanwezigheid van etnische minderheden als racisme. Men ziet deze groepen als bedreigende concurrenten die de banen in beslag nemen van de autochtone bevolking, vindt dat ze misbruik maken van de sociale voorzieningen, dat ze niet echt willen werken [&#8230;], dat hun aanwezigheid tot conflicten zal leiden, enzovoort.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Verwevenheid van termen</strong><br />
De besproken verschijnselen hangen met elkaar samen en lopen zelfs in elkaar over. Onderzoek in Nederland laat zien dat er een verfijning aangebracht kan worden in de mate van vooroordeel, discriminatie en racisme. Daarbij wordt bijvoorbeeld onderscheid gemaakt tussen <em>grof</em> en <em>subtiel</em> vooroordeel. <em>Eerstgenoemde</em> verwijst naar een negatieve houding tegenover andere groepen, waarbij zij als bedreigend worden afgeschilderd en waarbij ook intiem contact met hen wordt afgewezen. Deze vorm komt tot uitdrukking in het benadrukken van de eigen superioriteit, het onderschatten van minderheden, het beschouwen van hen als probleemgroepen, het generaliseren van hun negatief gedrag en het ‘individualiseren’ van hun positief gedrag. Een <em>subtiel vooroordeel</em> komt daarentegen vooral tot uitdrukking in het overdrijven van cultuurverschillen en in het ontkennen van het feit dat sommige groepen over positieve eigenschappen beschikken zonder zich negatief over hen uit te laten. Deze vorm komt o.a. tot uiting in paternalisme, het benadrukken van cultuurverschillen, exotisme en een geforceerd anti-racistische houding. <em>Subtiel racisme</em> kent hiernaast xenofobie, haatgevoelens jegens vreemdelingen en schrijft hun achterstelling toe aan cultuur en hun biologische kenmerken zoals hun lagere intelligentie of bv aan de aanwezigheid van <em>luiheid-gen</em>.<br />
Het behoeft geen betoog dat de verscheidenheid aan opvattingen over deze verschijnselen die in wetenschap, beleid en wetgeving voorkomt tot Babylonische spraakverwarring kan leiden en tegelijkertijd het vinden van maatregelen om deze vormen tegen te gaan bemoeilijkt. Afkeuring van de verschijnselen discriminatie en racisme is echter alom aanvaard.</p>
<p style="text-align: left;"><em>Prof.dr. W. Shadid is methodoloog en emeritus hoogleraar interculturele communicatie</em>. Voor meer info zie de pagina About.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Verwijzingen</strong></p>
<ul>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Dijk, T.A, van (1992) Discourse and the denial of racism. <em>Discourse &amp; Society </em>3(1): 87–118.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Essed, P.J.M. (1984): <em>Alledaags racisme. Amsterdam</em>: Feministische Uitgeverij SARA.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Fennema, M. (1993): Twee soorten racisme. Oude superioriteitsgevoelens en nieuwe vijandbeelden. In: G. Pas (red.): <em>Achter de coulissen. Gedachten over de multi-etnische samenleving</em>. Amsterdam: Wetenschappelijk Bureau Groen Links, pp. 67-82.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Pettigrew, T. &amp; R.W. Meertens (1995): Subtile and blatant prejudice in Western Europe. <em>European Journal of Social Psychology</em>, vol. 25, no. 1, pp. 57-75.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Shadid, W. (2007): Grondslagen van interculturele communicatie. Studieveld en werkterrein. Kluwer, Amsterdam.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Verberk, G., P. Scheepers &amp; A. Felling (1995): <em>Attitudes towards ethnic minorities: conceptualization and measurement</em>. Paper to be presented at the International Conference on Survey Measurement and Process Quality. Bristol.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Walker, I (2001): The changing nature of racism: from old to new? In: M. Augoustions and K. Reynolds (eds.): <em>Understanding prejudice, racism and social conflict</em>. London: Sage Publications, pp.24-42.</span></li>
<li style="text-align: left;"><span style="font-size: xx-small;">Willemsen, G. (1987): Anti-racistisch onderwijs: tegenkracht voor ongelijkheid. In: <em>Handboek Intercultureel Onderwijs</em>. Alphen aan den Rijn: Samsom.</span></li>
</ul>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Methodologische kanttekeningen bij een onderzoek onder moslims in Nederland</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/methodologische-kanttekeningen-bij-een-onderzoek-onder-moslims-in-nederland/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 11 Nov 2012 09:02:09 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=361</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 11-11-2012 Enkele dagen geleden heeft het ‘Sociaal Cultureel Planbureau’ (SCP) het rapport &#8216;moslim in Nederland 2012&#8217; het licht doen zien. Doel van het onderzoek was om op basis van kwantitatief materiaal te laten zien welke betekenis de islam heeft voor moslims in Nederland en welke trends in religieuze beleving en participatie bij ... <a title="Methodologische kanttekeningen bij een onderzoek onder moslims in Nederland" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/methodologische-kanttekeningen-bij-een-onderzoek-onder-moslims-in-nederland/" aria-label="Read more about Methodologische kanttekeningen bij een onderzoek onder moslims in Nederland">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 11-11-2012</strong><br />
Enkele dagen geleden heeft het ‘Sociaal Cultureel Planbureau’ (SCP) het rapport &#8216;moslim in Nederland 2012&#8217; het licht doen zien. Doel van het onderzoek was om op basis van kwantitatief materiaal te laten zien welke betekenis de islam heeft voor moslims in Nederland en welke trends in religieuze beleving en participatie bij hen te onderkennen zijn. Er wordt onder andere geconcludeerd dat tweede generatie moslims in Nederland steeds vaker de moskee bezoeken en een meerderheid van hen huwelijken met anders-gelovigen afwijst. Ook zouden er weinig secularisering en verschillen in religieuze beleving te bespeuren zijn tussen hun eerste en tweede generatie.<br />
Hoewel er in de media zoals gewoonlijk relatief veel aandacht aan dat rapport is geschonken, laten de bevindingen veel te wensen over en vertoont het onderzoek qua opzet en uitvoering diverse inhoudelijke en methodologische hiaten. Enkele hiervan zullen hieronder worden besproken.<span id="more-361"></span></p>
<p><strong>Gebrekkige verantwoording</strong><br />
Een belangrijke regel bij wetenschappelijk onderzoek betreft de explicatie van de meetprocedure met de bedoeling het onderzoek transparant te maken en beperkingen van het onderzoek aan het wetenschappelijk forum kenbaar te maken. Deze kwetsbaarheid is in belangrijke mate bepalend voor de geloofwaardigheid van de onderzoeksbevindingen. Onderzoekers zouden in dat kader naast bespreking van de gebruikte technieken voor dataverzameling verantwoording moeten afleggen over enkele aan elkaar gerelateerde aspecten zoals het type steekproef, de wijze waarop deze is getrokken en de (on)volledigheid van het steekproefkader enerzijds en de mate van representativiteit voor wat betreft de gelijkenis tussen de steekproef en de populatie dat van belang is voor de generaliseerbaarheid anderzijds. Het onderzoek ‘moslim in Nederland 2012’ laat ons voor wat betreft deze aspecten in het ongewisse en verwijst kortheidshalve naar de steekproeven van de Survey Integratie Minderheden (sim) en de Survey Integratie Nieuwe Groepen (sing) (waarin 2600 resp 2700 respondenten waren betrokken) die de basis vormden voor de analyse. Deze verwijzing is echter niet voldoende omdat het onderzoek ‘moslim in Nederland 2012’ een zelfstandige studie is met eigen analyses en onderzoekstechnische aanvullingen.</p>
<p><strong>Verwaarlozing rol religieuze stromingen</strong><br />
Verder verzuimen de onderzoekers om de &#8216;religieuze stroming&#8217; binnen de onderzochte groepen als achtergrondvariabele in de analyse te betrekken. Zij concentreren zich voornamelijk op geslacht, leeftijd, opleiding en etniciteit. In dat kader wordt slechts gesteld dat Marokkaanse en Turkse moslims in meerderheid aangeven soennitisch te zijn. Een dergelijke opmerking zegt echter weinig in een wetenschappelijk onderzoek naar religieuze beleving. ‘Turkse’ en ‘Marokkaanse’ moslims bestaan namelijk niet. Leden van de beide etnische groepen behoren niet alleen tot een soennitische of een shiítische richting, maar daarbinnen tot verschillende substromingen, rechtsscholen (madhhabs), mystieke genootschappen (tarîqa&#8217;s) en religieus-politieke bewegingen. De ideologische en religieuze verscheidenheid binnen bijvoorbeeld de Turks Nederlandse gemeenschap is duidelijk te zien in hun organisatie- en koepelvorming in Nederland. Enkele organisatie, waarvan enkele in het rapport wel worden genoemd, zijn bijvoorbeeld de HAK-DER, de NIF, de SICN, de stichting TICF en de Kaplan-beweging. Zonder verschillen in de geloofsbeleving zouden deze subgroepen niet zijn bestaan. De praktijk laat ook zien dat deze organisaties over eigen moskeen, regionale en internationale religieuze leiders, eigen interpretatie van de islam en een eigen imam-werving en –financiering beschikken. Verwaarlozing van deze religieuze verscheidenheid in de analyse van geloofsbeleving doet zowel de sociale werkelijkheid van de respondenten als de betrouwbaarheid van het onderzoek geweld aan.</p>
<p><strong>Onverantwoorde generalisering</strong><br />
Miskenning van de rol van deze religieuze verscheidenheid in de analyse van gegevens naar geloofsbeleving komt ook duidelijk tot uitdrukking wanneer de onderzoekers in het rapport niet schromen om consequent te spreken over één enkele groep &#8216;moslims&#8217; hoewel de leden van zo&#8217;n groep feitelijk weinig gemeenschappelijks hebben: niet een etnische origine, religieuze stroming, taal, cultuur of regionale geschiedenis delen.<br />
<strong>Simplisme in begripsdefiniëring</strong><br />
Verder laat de operationalisering van de gebruikte begrippen en de gekozen thema&#8217;s voor de meting van geloofsbeleving te wensen over. Volgens de onderzoekers is er al een en ander bekend over de geloofsbeleving en naleving van de geloofsregels bij deze groepen, maar ontbreken er nog relevante gegevens “met betrekking tot de rol van het islamitische volksgeloof, het lezen van de Koran en het geloof in engelen en profeten&#8221;(p.13). Waarom juist deze en niet ook andere informatie relevant is en voor welk onderdeel van het onderzoek en waarom deze vragen niet in hun onderzoek zijn meegenomen worden helaas niet aangegeven.<br />
Met betrekking tot het onderzoeken van geloofsbeleving verdient het volgens mij meer de voorkeur om informatie te vergaren over bijvoorbeeld het eventuele lidmaatschap van de hierboven genoemde organisaties, het type moskee die men bezoekt, en de imam bij wie men te rade gaat voor het stellen van levensbeschouwelijke vragen, de visie op de scheiding van politiek en staat, en de kennis van de respondenten van de islamitische leer in het algemeen en van modernistische stromingen en interpretaties daarbinnen in het bijzonder. Verwaarlozing van de mogelijkheid dat de hierboven besproken organisatorische verscheidenheid een gevolg kan zijn van diversiteit in geloofsbeleving en de beperking van het onderzoek tot simpele indicatoren zoals moskeebezoek, vasten, halalvoedsel en het dragen van een hoofddoek maken van het bestudeerde onderwerp een wetenschappelijke karikatuur.</p>
<p><strong>Appels en peren</strong><br />
Tenslotte is er in het onderzoek geen rekening gehouden met de eenduidigheid van de gebruikte begrippen, de zogenaamde conceptuele of inhoudelijke equivalentie. Hiervan is sprake als de gebruikte termen in de vragenlijst een vergelijkbare betekenis hebben voor alle respondenten of groepen in het onderzoek. Het voert ons in dit kader te ver om op de diverse vormen van equivalentie in te gaan. In de literatuur is hieraan reeds veel aandacht geschonken. Ter illustratie wordt hier een voorbeeld uitgelicht. Een vraag als&#8221;heeft u in uw jeugd Koranlessen gevolgd&#8221; kan voor iedere respondent in dat onderzoek een andere betekenis hebben waardoor de optelsom van de antwoorden de validiteit van de vraag te niet doet. Koranlessen kunnen gevolgd zijn in het kader van het godsdienstonderwijs op een ‘gewone’ ‘moderne’ school, op een traditionele Koranschool, op een gewone islamitische school, of als aanvullend onderwijs in een moskee dan wel op een wijze zoals gebruikelijk in de landen van herkomst. Sterker nog, voor sommige eerste generatie immigranten bijvoorbeeld was een Koranschool in der tijd zelfs het enige beschikbare onderwijstype. De intensiteit van het godsdienstonderwijs die in al deze (school)vormen wordt geboden is zo verschillend dat het samenvoegen van de antwoorden zonder verdere nuancering voor wetenschappelijke doeleinden het karkater heeft van het optellen van appels en peren. Deze omissie geldt helaas ook voor meerdere onderdelen van het onderzoek en worden de begrippen religieuze identificatie en –beleving vaag gedefinieerd en hier en daar door elkaar gebruikt.</p>
<p><strong>Eenzijdige benadering</strong><br />
Tenslotte geeft het schenken van uitgebreide aandacht aan orthodoxie en salafisme en de verwaarlozing van modernistische stroming in de islamitische wereld het rapport een eenzijdig wetenschappelijk karakter. Met name de omissie van de bespreking van modernistische interpretaties in de islamitische theologie doet afbreuk aan de mogelijkheden voor empirische weerlegging of falsificatie van de conclusies. Deze tekortkoming mag blijken uit het feit dat de termen geldigheid en betrouwbaarheid die vereist zijn in ieder onderzoek, en met name in een kwantitatief onderzoek, niet eens in het rapport voorkomen.<br />
Hoewel men in onderzoeksland zich helaas weleens schuldig maakt aan een of meerdere van de hierboven genoemde methodologische omissies, is dit in een rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau extra betreurenswaardig. Aan uitspraken en bevindingen van dat bureau wordt in de samenleving namelijk een hogere waarde toegekend dan aan die van andere (markt)onderzoeksbureaus.<br />
<strong>Conclusie</strong><br />
Al met al is het rapport ‘moslim in Nederland 2012’ methodologisch teleurstellend, arm van inhoud en is in eerste instantie een herhaling van eerder kwantitatief en kwalitatief onderzoek waarvan de methodologische verantwoording van enkele daarvan ook evenzeer te wensen overlaat, of niet helder geneoeg is aangegeven. Concluderend levert deze studie helaas geen noemenswaardige bijdrage aan de kennis van de geloofsbeleving en werkelijkheidsvisies van Nederlandse moslims.<br />
Prof.dr. W. Shadid is methodoloog en emeritus hoogleraar interculturele communicatie. Voor meer info zie de pagina “About”.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Immigratie en integratie in het regeerakkoord: populisme ten top</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/immigratie-en-integratie-in-het-regeerakkoord-populisme-ten-top/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 01 Nov 2012 11:00:09 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=359</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 1-11-2012 Het zal waarschijnlijk niemand zijn ontgaan dat in regeerakkoorden van de laatste jaren de themas immigratie en integratie steeds een centrale plaats zijn gaan innemen. Opvallend is ook de harde toon in de akkoorden met als gevolg dat in de beeldvorming het integratievraagstuk een van de grootste maatschappelijke problemen is gaan ... <a title="Immigratie en integratie in het regeerakkoord: populisme ten top" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/immigratie-en-integratie-in-het-regeerakkoord-populisme-ten-top/" aria-label="Read more about Immigratie en integratie in het regeerakkoord: populisme ten top">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 1-11-2012</strong><br />
Het zal waarschijnlijk niemand zijn ontgaan dat in regeerakkoorden van de laatste jaren de themas immigratie en integratie steeds een centrale plaats zijn gaan innemen. Opvallend is ook de harde toon in de akkoorden met als gevolg dat in de beeldvorming het integratievraagstuk een van de grootste maatschappelijke problemen is gaan heten. Het pas verschenen regeerakkoord van Rutte en Samsom vormt hierop helaas geen uitzondering. Integendeel. In vergelijking met andere integratieplannen en nota’s op lokaal en nationaal niveau is het in dit akkoord gepresenteerde hoofdstuk immigratie, integratie en asiel het hardst en vertoont het meest xenofobe karakter.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Beoogde verharding van de huidige maatregelen</strong><br />
Hieronder enkele van de maatregelen waarvoor verharding is aangekondigd:<span id="more-359"></span></p>
<ul style="text-align: left;">
<li>Leeftijd voor  huwelijk- en gezinshereniging wordt verhoogd tot 24 jaar</li>
<li>Gezinsmigratie wordt beperkt tot het kerngezin</li>
<li>Illegaal verblijf wordt strafbaar gesteld</li>
<li>Eisen voor inburgering zowel in het buitenland als in Nederlandzullen  worden aangescherpt</li>
<li>Voorbereiding op het inburgeringexamen wordt de verantwoordelijkheid van betrokkenen zelf</li>
<li>Gezichtsbedekkende kleding wordt verboden in het onderwijs, de zorg, het openbaar vervoer en in overheidsgebouwen, en wie deze kleding draagt zal niet in aanmerking kunnen komen voor een bijstandsuitkering</li>
<li>Leeftijd voor stemmen bij gemeenteraadsverkiezingen, naturalisatie en het niet verliezen van het verblijfsrecht bij het aanvragen van een bijstandsuitkering wordt verhoogd tot 7 jaar</li>
<li>Het kabinet gaat zich in EU-verband inspannen om ook voor EU-onderdanen te laten gelden dat zij pas na zeven jaar bijstand kunnen krijgen. <a href="http://download.omroep.nl/nos/docs/291012_regeerakkoord.pdf" target="_blank" rel="noopener noreferrer">Klik hier om het akkoord te downloaden. </a></li>
</ul>
<p style="text-align: left;"><strong>Nog een lange weg te gaan</strong><br />
Uiteraard wordt de soep niet zo heet gegeten als ze wordt opgediend. De conceptplannen moeten nog worden uitgewerkt, in diverse gremia  bediscussieerd en in de Kamers besproken en tenslotte aan nationale, Europese en internationale wet- en regelgeving worden getoetst. Deze zorgvuldige en  intensieve procedure zal er toe leiden dat sommige voorgestelde maatregelen waarschijnlijk worden afgezwakt en andere zelfs de eindstreep niet halen. Met andere woorden er is nog een lange weg te gaan en dat geeft nog hoop.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Gun-cultuur?</strong><br />
In diverse mediacommentaren op het regeerakkoord wordt de verzwaring in het immigratie- en integratiebeleid als winst voor de VVD gezien en de pvda verweten hiermee te hebben ingestemd . Het is begrijpelijk dat de blindelings gevolgde &#8216;politieke gun-cultuur&#8217; in deze formatiebesprekingen politieke partijen op sommige punten principeloos kan maken om andere voor hun belangrijke punten binnen te halen. Verzwaring van de zorglasten en de niet proportionele bezuiniging op ontwikkelingshulp zijn voorbeelden van deze principeloosheid.<br />
Desalniettemin is de aangekondigde verzwaring van de immigratie- en integratie-eisen een teken aan de wand voor wat betreft de groei van het stilzwijgend geaccepteerde nationaal egoïsme met xenofobie en uitsluiting als gevolg. Het uitblijven van maatschappelijke verontwaardiging over de aangekondigde verharding in de diverse (sociale) media is ook indicatief voor de groei van het doorgedrongen collectief-egoisme.<br />
De verzwaring is helaas in lijn met wat in het gedoogakkoord van het vorige kabinet (Rutte1) aangaande het thema immigratie is afgesproken. Enkele van deze in het nieuwe regeringsakkoord opgenomen maatregelen kunnen dan ook bedoeld zijn om de pvv de wind uit de zeilen te nemen zodat deze partij het aankomende kabinet Rutte-Asscher waarnodig zal gedogen. Deze redenering zou gemakkelijk opgaan als het beoogde integratiebeleid van de vvd en de pvda afzondelijk zouden botsen met de aangekondigde verharding in het regeerakkoord. De vvd propageert al sinds het leiderschap van Bolkestein een harde lijn en recentelijk ging deze partij zonder bezwaar akkoord met de gewenste plannen van de pvv in deze.<br />
Ook voor de pvda komt deze verharde populistische toon niet ongelegen. In grote mate is het namelijk in lijn met de toon van de conceptnota van de partij “Verdeeld verleden, gedeelde toekomst” uit 2009. Hoewel deze nota inmiddels gedateerd is geeft het toch een indicatie van hoe men in diverse gremia van de partij is gaan denken over immigratie en de positie van allochtonen in de samenleving. Deze twee feiten maken dat de aangekondigde verzwaring van het immigratie- en integratiebeleid in het regeerakkoord niet het resultaat is van de &#8216;gun-afspraken&#8217; of &#8216;gun-cultuur&#8217; die de onderhandelaars als leidmotief hadden genomen, maar helaas van een ideologische consensus over dat thema.<br />
<strong>Populisme</strong><br />
Het valt niet te ontkennen dat de maatregelen zelf en de toon van het aangekondigde beleid populistisch van aard zijn en raken de onderbuikgevoelens van een belangrijk deel van de samenleving. Een regeerakkoord dat de basis zou vormen voor een kabinet om Nederland uit de economische crisis te trekken met behulp van een niet eerder gekend bezuinigingspakket van 16 miljard Euro, maar tegelijkertijd ruime en gedetailleerde aandacht besteedt aan een handjevol boerkadraagsters kan wat dat betreft niet anders van aard zijn dan populistisch. Boerkadraagsters zullen in het aangekondigde beleid niet alleen in de publieke ruimte onder druk worden gezet, maar zullen ook een eventuele uitkering moeten ontberen, aldus het regeerakkoord. Dit maakt dat de integratieplannen van Rutte en Samsom populistisch, irrealistisch, niet doordacht en hier en daar onhaalbaar zijn. Het kinderpardon dat met applaus is ontvangen vormt hierop geen uitzondering. Wie de voorwaarden waaraan de jonge asielzoekers moeten voldoen om hiervoor in aanmerking te komen doorneemt zal inzien dat het applaus voorbarig en overdreven is.<br />
<strong>Maatschappelijke verontwaardiging</strong><br />
Desalniettemin heeft het zogenaamde kinderpardon deels gefungeerd als bliksemafleider voor de maatschappelijke verontwaardiging van met name links Nederland over de aangekondigde verharding in het immigratie- en integratiebeleid. Ook de gewenning van de samenleving aan het anti-allochtonen-discours, lees anti- moslims-discours dat zoals hierboven is aangegeven sinds de jaren negentig door Bolkestein (vvd) in gang is gezet en tijdens het gedoogkabinet Rutte 1 zijn climax heeft bereikt, is verantwoordelijk voor de volkspassiviteit ter zake. Tenslotte heeft de algemene onvrede met de aangekondigde bezuinigingsplannen (o.a. de zorgpremie, de hypotheekrenteaftrek en het sociaal leenstelse) en de angst voor de ingrijpende gevolgen hiervan voor de persoonlijk situatie van iedere Nederlander een wezenlijke belemmering gevormd voor het opkomen voor de belangen van allochtone medeburgers. Immers: &#8216;Erst kommt das Fressen, dann kommt die Moral&#8217;.<br />
Prof.dr. W. Shadid is methodoloog en emeritus hoogleraar interculturele communicatie. Voor meer info zie de pagina “About”.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="2856853" type="application/pdf" url="http://download.omroep.nl/nos/docs/291012_regeerakkoord.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 1-11-2012 Het zal waarschijnlijk niemand zijn ontgaan dat in regeerakkoorden van de laatste jaren de themas immigratie en integratie steeds een centrale plaats zijn gaan innemen. Opvallend is ook de harde toon in de akkoorden met als gevolg dat in de beeldvorming het integratievraagstuk een van de grootste maatschappelijke problemen is gaan ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 1-11-2012 Het zal waarschijnlijk niemand zijn ontgaan dat in regeerakkoorden van de laatste jaren de themas immigratie en integratie steeds een centrale plaats zijn gaan innemen. Opvallend is ook de harde toon in de akkoorden met als gevolg dat in de beeldvorming het integratievraagstuk een van de grootste maatschappelijke problemen is gaan ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>E-learning interculturele competenties</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/e-learning-interculturele-competenties/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 09 Jan 2012 22:48:12 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=350</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 9-1-2012 Zoals in een eerdere bijdrage is gesteld is de oppervlakkigheid waarmee Nederlandse en Belgische onderwijs- en hulpverleningsinstellingen omgaan met het vraagstuk van interculturele competenties onthutsend. Vele instellingen en hun medewerkers (docenten, leerkrachten, artsen, verpleegkundigen, ambtenaren) doen niets aan dat thema. En degene die er wel aandacht aan besteden doen dat alleen ... <a title="E-learning interculturele competenties" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/e-learning-interculturele-competenties/" aria-label="Read more about E-learning interculturele competenties">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 9-1-2012</strong></p>
<p><img decoding="async" class="alignright" style="float: right;" src="/images/e-learning1.jpg" alt="elearning" width="120" height="150" border="0" />Zoals in een eerdere bijdrage is gesteld is de oppervlakkigheid waarmee Nederlandse en Belgische onderwijs- en hulpverleningsinstellingen omgaan met het vraagstuk van interculturele competenties onthutsend. Vele instellingen en hun medewerkers (docenten, leerkrachten, artsen, verpleegkundigen, ambtenaren) doen niets aan dat thema. En degene die er wel aandacht aan besteden doen dat alleen via een lezing en of dagtraining.<br />
De elearning module is een exclusieve cursus op universitair niveau: theorie en training om antwoord te geven op vragen als:</p>
<ul style="text-align: left;">
<li><span style="color: #800000;">Waarom is Ali niet, of juist wel, anders dan Jan?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">In welk opzicht is een mens een cultuurwezen?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Hoe is de misinterpretatie van non-verbale signalen te vermijden?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Waarom willen Fatima en Carla hun identiteit behouden?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Wat is de rol van beeldvorming bij het mislopen van hulpverlening?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Waarom zijn mensen geen vertegenwoordigers van hun groepen?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Waarom is een training in interculturele competenties voor zowel autochtone als allochtone hulpverleners noodzakelijk?</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Hoe kan interculturalisatie de doelmatigheid en productiviteit van instellingen verhogen? en</span></li>
<li><span style="color: #800000;">Hoe kan interculturele competentie de hulpverlening optimaliseren?</span></li>
</ul>
<p style="text-align: left;"><span id="more-350"></span><strong>Context</strong><br />
Een groot deel van de ergernis en ontevredenheid is het gevolg van de simpele redenering dat allochtone cliënten en autochtone hulpverleners uit collectivisitische respectievelijk individualistische culturen komen en met de karakteristieken van deze cultuurtypen het gedrag van de individuele cliënt wordt verklaard.<br />
Op zich is deze redenering begrijpelijk. Deze werkwijze is de hulpverlener zowel in de weinige uren die in de diverse opleidingen aan interculturele communicatie en competenties worden besteed als in de bijscholingstrainingen aangeleerd. Het gevolg is echter een <em>statische benadering, culturalisering en generalisering</em> die uiteindelijk alleen leiden tot enerzijds inefficiënt werken en overbelasting van staf en instelling en anderzijds ontevreden cliënten. In deze cursus wordt de cursist niet alleen gevoelig gemaakt voor dichotome indelingen van wereldculturen en de nadelen daarvan voor de hulpverlening, maar wordt daarnaast uitgebreid ingegaan op de andere factoren die interculturele communicatie beïnvloeden zoals religie, volksgeloof, taal, non-verbale signalen, sociaal economische achtergronden en algemene communicatieve vaardigheden.<br />
Om de productiviteit van de hulpverlening te optimaliseren is het noodzakelijk dat bedrijven, instellingen en hun medewerkers en hulpverleners intensieve aandacht gaan besteden aan interculturalisatie. <span style="color: #800000;"><em>Interculturalisatie</em></span> bestaat enerzijds uit het aanscherpen en aanvullen van de bij medewerkers al bestaande interculturele competenties en anderzijds uit het voeren van een intercultureel managementbeleid in de organisatie, bedrijf of instelling. De <em>E-learning module interculturele competenties</em> gaat op beide aspecten in en is bedoeld voor zowel autochtone als allochtone hulpverleners. Het is een omissie om interculturalisatie alleen te zien als een vaardigheid voor autochtonen om allochtonen adequaat te kunnen helpen.</p>
<p style="text-align: left;"><em>Voordelen van deze E-learning cursus</em><br />
E-learning heeft voordelen voor cursisten en hun instellingen. De cursist werkt in dergelijke modules zelfstandig, zonder tussenkomst van een docent of trainer en bepaalt zelf de snelheid waarmee en het tijdstip waarop hij of zij de aangeboden stof wil bestuderen. Hetzelfde geldt voor de te analyseren casuïstiek die uit de hulpverleningsliteratuur is afgeleid en de ten behoeve van de analyse gestelde vragen die beantwoord moeten worden. Zowel deze vragen als die voor het toetsen van de bestudeerde theoretische kennis zijn multiple choice vorm geformuleerd en worden in de module zelf en zonder tussenkomst van een docent of trainer nagekeken en van cijfers voorzien.</p>
<p style="text-align: left;"><em>Inhoud van de cursus</em><br />
De module is gebaseerd op het bij de cursus behorende handboek Shadid.W.:<em>Grondslagen van interculturele communicatie. Studieveld en werkterrein</em>. Kluwer, Amsterdam, 2007 en bestaat uit de volgende 7 thema&#8217;s:<br />
1.    Cultuur en verandering<br />
2.    Culturele diversiteit<br />
3.    Verbale communicatie<br />
4.    Non-verbale communicatie<br />
5.    Beeldvorming<br />
6.    Media en vooroordelen<br />
7.    Interculturalisatie en competenties</p>
<p style="text-align: left;">De inhoud van ieder topic bestaat uit vier onderdelen: (1) een korte theoretische verhandeling (2) een casua uit de praktijk om te analyseren en daarover vragen te beantwoorden (3) een toets over de bestudeerde stof, en ten slotte (4) tele-begeleiding. De cursus bevat korte theoretische informatie over het onderwerp en waar mogelijk geïllustreerd met foto’s en of videofragmenten. De gepresenteerde stof is voldoende om de noodzakelijke kennis van het thema eigen te maken. Voor extra informatie wordt de cursist aangeraden het bij het thema behorend hoofdstuk uit het hierboven genoemd handboek te bestuderen. Verplicht is dat echter niet.<br />
De opgenomen casuïstiek en praktijkvoorbeelden zijn zoals hierboven is vermeld afgeleid uit publicaties op het terrein van de hulpverlening in situaties van interculturele communicatie. Na lezing van deze voorbeelden dienen er vragen daarover te worden beantwoord. Na bestudering van de theoretische informatie en de praktijkvoorbeelden wordt het thema vervolgens afgesloten met een toets. Het met goed gevolg afleggen van de toets (70% van de vragen juist beantwoorden) is een voorwaarde voor de overgang naar het daarop volgende thema.<br />
Aan het eind van ieder thema is een mogelijkheid voor telefonische begeleiding ingebouwd. Dit is bedoeld voor de beantwoording van vragen die tijdens het lezen van de stukken zijn ontstaan of die de cursist tijdens de eigen praktijkervaring ontmoet.<br />
Het zevende en tevens laatste thema wordt afgesloten met twee toetsen. Een toets met betrekking tot kennis van de diverse termen die in de loop van de cursus aan de orde zijn geweest en een andere toets met vragen die betrekking hebben op alle bovengenoemde thema’s. Wanneer ook deze toetsen met goed gevolg zijn afgelegd krijgt de cursist een getuigschrift als bewijs van deelname aan de cursus.</p>
<p style="text-align: left;"><em>Doelgroepen</em><br />
De module is bedoeld en nuttig voor:<br />
•    Docenten en studenten van hogescholen en universiteiten<br />
•    Leerkrachten van middelbare scholen<br />
•    Artsen en verpleegkundigen<br />
•    Functionarissen van  bedrijven en instellingen<br />
•    Ambtenaren van gemeenten en ministeries<br />
•    Politie en justitie</p>
<p style="text-align: left;">Bent u directeur, personeelschef of belast met het diversiteitsbeleid in een gemeente of onderwijsinstelling dan is deze cursus voor u van wezenlijk belang. En als uw organisatie, bedrijf of instelling een multiculturele samenstelling heeft dan is de module voor al uw medewerkers onmisbaar.</p>
<p style="text-align: left;"><em>Tijdsinvestering</em><br />
Het voordeel van een E-learning module is dat de cursist de bestudering van de aangeboden stof en het uitvoeren van de bij behorende opdrachten kan plannen naar eigen inzicht en mogelijkheden. De onderhavige cursus &#8216;interculturele competenties&#8217; vereist gemiddeld 1 uur tijdsinvestering per dag. De zeven thema&#8217;s kunnen dan in circa 25 tot 30 uur worden afgerond.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Meer informatie</strong></p>
<p style="text-align: left;">De module interculturele competenties is een betaal-module. De kosten bestaan uit een vastbedrag en een bedrag dat afhangt van het aantal gewenste tele-begeleidingsuren. Voor meer informatie over de kosten en meer over de opzet, inhoud en begeleiding stuur aub een email via de pagina contact op het menu.</p>
<p style="text-align: left;">
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Anti-islamisme als dekmantel voor subtiel racisme</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/anti-islamisme-als-dekmantel-voor-subtiel-racisme/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 09 Oct 2011 11:47:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=348</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 9-10-2011 Klik hier voor een pdf-versie De huidige discussies over de islam en de positie van moslims in de Nederlandse samenleving zouden met name bij jongeren de indruk kunnen wekken dat het negatieve imago van deze religie en haar belijders in het westen een product is van de laatste jaren. Niets is ... <a title="Anti-islamisme als dekmantel voor subtiel racisme" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/anti-islamisme-als-dekmantel-voor-subtiel-racisme/" aria-label="Read more about Anti-islamisme als dekmantel voor subtiel racisme">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 9-10-2011</strong><br />
<img decoding="async" alt="suntleracism" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/subtleracism.jpg" width="120" align="right" /><a onclick="_gaq.push (['_trackEvent','pdf','lezen','subtleracism.pdf']);" href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/anti-islamisme.pdf" target="_blank">Klik hier voor een pdf-versie</a><br />
De huidige discussies over de islam en de positie van moslims in de Nederlandse samenleving zouden met name bij jongeren de indruk kunnen wekken dat het negatieve imago van deze religie en haar belijders in het westen een product is van de laatste jaren. Niets is minder waar. Afgezien van de historische vijandsbeelden in geschiedenisboeken die als gevolg van wederzijdse religieuze conflicten zijn ontstaan, en die uiteraard invloed hebben op de creatie van het huidige anti-islamklimaat, is het anti-islamisme met een racistische fundering al aan het eind van de vorige eeuw door onderzoekers in grote lijnen beschreven.<br />
In het boek &#8220;<em>De mythe van het islamitische gevaar</em>&#8221; uit 1992 <a href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/mythe.pdf" target="_blank"> klik hier voor download</a> bespreken W. Shadid en P.S. Van Koningsveld het maatschappelijke klimaat waarin anti-islam-teksten zouden kunnen worden geaccepteerd. Ook de gegevensbronnen die worden gebruikt voor het creëren van een vijandsbeeld dat geloofwaardig is voor een breed publiek krijgen in de bespreking ruime aandacht.<span id="more-348"></span><br />
De auteurs zijn van mening dat een maatschappelijke of economische crisis voldoende bodem zou kunnen bieden om zo&#8217;n verschijnsel acceptabel te maken. Het is over de gehele wereld een eeuwenoude praktijk om minderheden te zien als zondebok, vooral in tijden van sociaal economische neergang. Dat kracht van het islamitische gevaar is met andere woorden gelegen in de zondeboktheorie als simpele &#8216;<em>verklaring</em>&#8216; van het onheil en in de nog simpeler recept voor de therapie: namelijk wegzending van de zondebok. Maar waarom dan een zondebok zoeken in de islam en moslims?<br />
<strong>Anti-islamisme als dekmantel</strong><br />
Shadid en Van Koningsveld geven in dat boek bovendien aan dat het anti-islamisme een dekmantel is voor andere niet gemakkelijk te accepteren verschijnselen als <em>racisme, fascisme en discriminatie</em>. Met de kennis van nu blijkt de hieronder staande tekst uit 1992 een sterk voorspellende waarde te hebben gehad. De auteurs waren al toen van mening dat voor het welslagen van een anti-islamisme een strategie nodig is die verdedigd zou kunnen worden in het toentertijd geldende maatschappelijke klimaat en wetgeving. Een ideologie die zich in die tijd, dus aan het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw, uitdrukkelijk richt op vreemdelingenhaat en racisme zou niet in staat zijn om gemakkelijk een breed maatschappelijk aanzien te verkrijgen. Dat legt volgens Shadid en Van Koningsveld anders als de ideologie van het racisme en vreemdelingenhaat verdoezeld zou worden in de verpakking van een vijandsbeeld van de islam, het anti-islamisme.<br />
De auteurs stellen in de &#8216;<em>Mythe van het islamitische gevaar</em>&#8216; dat &#8220;gelet op de heersende beeldvorming over de islam zal een dergelijke ideologie veel gemakkelijker aanhangers kunnen winnen, ook onder hen die vreemdelingenhaat als zodanig uitdrukkelijk verwerpen. Dat zich in het huidige Europa een nieuwe vorm van fascisme ontwikkelt dat zich bedient van een eigentijdse, anti-islamitische variant op de mythe van het antisemitisme kan in alle landen van de Europese Gemeenschap worden vastgesteld&#8221;. [Einde citaat]<br />
<strong>Subtiel racisme</strong><br />
In dit opzicht heeft het anti-islamisme veel gemeeschappelijks met wat in de literatuur het &#8216;<em>subtiel racisme</em>&#8216; wordt genoemd: d.i. een indirecte en niet gemakkelijk te ontmaskeren vorm van racisme. Onderzoek toont aan dat subtiel racisme enkele kenmerken heeft die ook herkenbaar zijn als kenmerken van het anti-islamisme van nu: (1) xenofobie en haatgevoelens jegens vreemdelingen (2) verklaren van de achterstelling van immigranten door verwijzing naar hun cultuur en het verschil van hun waarden met die van autochtonen en ten slotte (3) een sterke nadruk op een wij-zij-deling van de samenleving.<br />
In het hierboven genoemd boek benadrukken de auteurs verder dat de ontwikkeling en groei van dit verschijnsel niet onderschat moet worden. Zij geven aan dat &#8220;de tijden waarin extreemrechts een te verwaarlozen factor was zijn voorbij. In potentie moet de mythe van het islamitische gevaar in staat worden geacht een brede politieke beweging te mobiliseren waarbinnen zelfs grote verschillen in opvatting tussen top en basis over de werkelijke beleidsdoelstellingen ten aanzien van de &#8216;vreemdelingen&#8217; mogelijk blijven. [&#8230;] Wanneer prominente personen uit politiek en wetenschap ook systematisch aan de verspreiding van deze mythe zouden gaan bijdragen, dan is de kans groot dat er zelfs een <em>institutioneel anti-islamisme</em> ontstaat”. [Einde citaat] (1992, 1995 pp. 22-23).<br />
<strong>De praktijk</strong><br />
De ontwikkelingen van het anti-islamisme als subtiel racisme in de laatste twintig jaar in onder andere Frankrijk, Oostenrijk, België, en Nederland lijken de in de tekst geschetste verwachting te bevestigen. De in de mythe van het islamitische gevaar voorspelde verpakking van de vreemdelingenhaat in het anti-islamisme blijkt ook in de praktijk uit te komen. De meeste juridische processen tegen anti-islamisten in deze landen worden niet ontvankelijk verklaard, of worden op grond van criteria als vrijheid van meningsuiting en bijdrage aan het politieke debat, kunst of literatuur in het voordeel van aangeklaagde beslecht.<br />
Of en in welke mate in de visie van de lezer deze voorspelling is uitgekomen hangt af van vele factoren. De belangrijkste daarvan is zijn of haar voorstellingsvermogen om namen en activiteiten vanuit de politiek, maatschappij en wetenschap te bedenken bij de verschillende vormen van het racisme en het anti-islamisme: voorvechters en gedogers enerzijds versus onverschilligen en tegenstanders anderzijds met alle variaties daartussen. Wat in die tijd, het jaar 1992, niet werd verwacht en zelfs niet voor mogelijk werd gehouden is dat ook personen met een islamitische achtergrond een belangrijke bijdrage gaan leveren aan het anti-islamisme met als gevolg dat de mythe van het islamitische gevaar een geloofwaardiger karakter heeft gekregen.<br />
<strong>Andere oorzaken voor anti-islamisme</strong><br />
Dat laat uiteraard onverlet dat de wortels van het anti-islamisme ook kunnen worden gezocht in de (oude) geschiedenis en in de religieuze verhoudingen van toentertijd. Vooral deze oorzaken worden in het eerste hoofdstuk van het hierboven genoemd boek uitvoerig besproken. Andere oorzaken van het negatieve imago van de islam in het westen worden uitvoeriger besproken in een meer omvattende analyse van de hand van dezelfde auteurs getiteld The Negative Image of Islam and Muslims in the West: Causes and Solutions. Daarin wordt ingegaan op vijf modellen: (1) de veranderde krachtverhoudingen en historische inbedding (2) &#8216;the clash of civilisations&#8217; en de behoefte aan een vijand (3) de politieke islam (4) de ongenuanceerde informatievoorziening, en tenslotte (5) de stijging van migratie van moslims naar het westen. De publicatie is verschenen in: Shadid, W. and P.S.van Koningsveld (Eds.): <em>Religious Freedom and the Neutrality of the State: The Position of Islam in the European Union</em>. Leuven, Peeters, 2002, pp.174-196<a href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/image.pdf" target="_blank"> klik hier voor download</a></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="13905" type="application/pdf" url="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/anti-islamisme.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 9-10-2011 Klik hier voor een pdf-versie De huidige discussies over de islam en de positie van moslims in de Nederlandse samenleving zouden met name bij jongeren de indruk kunnen wekken dat het negatieve imago van deze religie en haar belijders in het westen een product is van de laatste jaren. Niets is ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 9-10-2011 Klik hier voor een pdf-versie De huidige discussies over de islam en de positie van moslims in de Nederlandse samenleving zouden met name bij jongeren de indruk kunnen wekken dat het negatieve imago van deze religie en haar belijders in het westen een product is van de laatste jaren. Niets is ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>Kamerleden van islamitische achtergrond laten achterban in de steek</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/kamerleden-van-islamitische-achtergrond-laten-achterban-in-de-steek/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 27 Sep 2011 11:49:13 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=342</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 27-09-2011, ook verschenen in de Volkskrant Klik hier om een pdf-versie te downloaden Nationale en internationale gebeurtenissen zorgen regelmatig voor verhitte discussies en verharding van standpunten over de positie van islam en moslims in de Nederlandse samenleving. De verharding is niet alleen beperkt tot Wilders en zijn PVV. Politici, publicisten, en wetenschappers ... <a title="Kamerleden van islamitische achtergrond laten achterban in de steek" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/kamerleden-van-islamitische-achtergrond-laten-achterban-in-de-steek/" aria-label="Read more about Kamerleden van islamitische achtergrond laten achterban in de steek">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 27-09-2011, ook verschenen in de Volkskrant</strong><br />
<img decoding="async" alt="politici" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/politici.jpg" width="120" align="right" /><a onclick="_gaq.push (['_trackEvent','pdf','lezen','krant1.pdf']);" href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/opinie_shadid_vk.pdf" target="_blank">Klik hier om een pdf-versie te downloaden</a><br />
Nationale en internationale gebeurtenissen zorgen regelmatig voor verhitte discussies en verharding van standpunten over de positie van islam en moslims in de Nederlandse samenleving. De verharding is niet alleen beperkt tot Wilders en zijn PVV. Politici, publicisten, en wetenschappers van verschillende politieke stromingen verdringen zich in de media om onder het motto van het doorbreken van taboes diskwalificerende opmerkingen te uiten. Recente gebeurtenissen die tot commotie hebben geleid betreffen echter vooral uitlatingen van Wilders over moslims als ‘tsunami’ en ‘stemvee’ en zijn typering van moskeen als ‘haatpaleizen’.<br />
Tot een inhoudelijk weerwoord tegen zijn anti-multiculturalisme kwam het echter niet, ook niet door de 16 Kamerleden van niet-westerse afkomst, en in het bijzonder die van islamitische achtergrond onder hen. Laatstgenoemden hebben, op een enkele uitzondering na, verzuimd om de inhoudelijke leegte te benutten om in het integratie- en islamdebat een centrale en constructieve rol te gaan spelen. Daar waar het wel gebeurde was de inbreng minimaal, bedenkelijk en niet opbouwend. Een en ander wordt voor sommigen politici die media-aandacht kregen hieronder met een enkel voorbeeld geïllustreerd<span id="more-342"></span><br />
Çörüz van het CDA verdedigde op het partijcongres de beoogde gedoogconstructie met de PVV kort maar vurig. Hij hield een pleidooi voor samenwerking met een beweging die de aanwezigheid van moslims in Nederland en dus die van hemzelf als een politieke dwaling ziet, de islam gelijk stelt aan achterlijkheid en moslims als derde colonne beschouwt. Zo’n houding heeft veel weg van zelfkastijding.<br />
PvdA Kamerlid Marcouch benadrukte dikwijls het gebrek aan aanpassing van zijn achterban, verscherpte het radicaliseringvraagstuk, wilde een moderne vorm van islam op openbare scholen promoten en was voorstander van het verbod op ritueel slachten. Daarnaast verklaarde hij de problemen die enkele jongeren in Helmond en Gouda veroorzaken door verwijzing naar hun Marokkaanse cultuur. Over de hele linie ging hij voorbij aan de sociaal economische fundering van ontsporing, met andere woorden aan de invloed van werkloosheid, discriminatie en uitsluiting daarop.<br />
Ook de lancering van de website &#8216;fitalfatwa&#8217; als waardig eerbetoon aan slachtoffers van 11 september door Tofik Dibi van GroenLinks kan als negatief worden getypeerd. Daarmee wekte hij zonder fundering ten onrechte de indruk dat islamitische jongeren niet alleen belijdend zijn maar ook in sterke mate georiënteerd op de islamitische wereld en ‘fatwas’ van conservatieve imams kritiekloos uitvoeren. Qua strekking en effect van misleiding kan dat initiatief op een lijn worden gesteld met de verwijzing van pvv- aanhangers naar islamitische termen als &#8216;dhimie&#8217; en &#8216;takkeya&#8217; in de Nederlandse context. Termen die nauwelijks bekend zijn bij moslims en die alleen angst en vijandbeelden oproepen.<br />
Het negatief afschilderen van de eigen cultuur en achterban in situaties van onderschikking zoals hierboven is beschreven wordt in het boek Black Skin, White Masks van de Franse psychiater Frantz Fanon getypeerd als ‘de internalisering van inferioriteit’. Daarvan is volgens hem sprake wanneer mensen niet alleen de opgedrongen gedachte van achterlijkheid van hun cultuur accepteren, maar die ook in eigen opvattingen gaan verwerken en verder verspreiden.<br />
Naast hun bijdrage aan stigmatisering maken genoemde allochtone politici zich ook indirect schuldig aan een vorm van kiezersmisleiding. Wat belangenbehartiging betreft blijven ze in gebreke en ze vertolken ook niet de allochtone stem, maar een echo van autochtone critici. Ze maken als het ware een knieval voor het heersende populisme door kern-aspecten van de eigen identiteit zoveel mogelijk proberen te camoufleren. De symboliek die hiervan uitgaat, is er vooral een van marginalisering en gebrek aan erkenning van de achterban. En zo verwordt een politiek proces dat aanvankelijk symbool was voor emancipatie en politieke betrokkenheid van minderheden tot een stigmatiseringinstrument dat ook aandeel heeft in de bestendiging van de thans aanwezige beeldvorming.<br />
Het effect van de negatieve bijdrage van genoemde Kamerleden op de positie van het islamitische volksdeel in Nederland moet niet worden onderschat. Hun stigmatiserende uitspraken over de eigen achterban kunnen niet eenvoudigweg worden afgedaan als racisme of fascisme zoals in het geval van Wilders, aangezien zijzelf onderdeel uitmaken van de groepen in kwestie. Op deze manier vormt hun kritiek op de eigen cultuur een indirecte bevestiging van de aantijgingen van islamofoben. Ook hier geldt de veronderstelling dat deze politieke voorhoede adequate kennis heeft van de culturen van de achterban. Dat is echter maar gedeeltelijk waar omdat leven in den vreemde een onontkoombare cultuurerosie bij migranten teweegbrengt. Zij missen met andere woorden de ontwikkelingen in die culturen en de moderne religieuze discussies over maatschappelijke vraagstukken. Dat betekent dat culturen zoals beleefd door migranten niet meer zijn dan een aftreksel van de culturen die in het huidige tijdsgewricht in de landen van herkomst opgeld doen. Voor adequate overdracht van cultuur ( normen, waarden, gebruiken, kunst en literatuur) zijn daarenboven eigen scholen en media alsmede een specifieke sociale omgeving, kortom een daarvoor goed geëquipeerde samenleving onontbeerlijk. Dat wil niet zeggen dat ik voor zulke instituties in Nederland pleit. Integendeel. Dat behoort tot de verantwoordelijkheid van de groepen zelf en niet van de ontvangende samenleving. Zogenaamde ‘Marokkaanse raddraaiers’ zijn daarom niet ontspoord door de invloed van de Marokkaans islamitische cultuur, zoals sommigen beweren, maar juist door het ontbreken daarvan. Met andere woorden deze jongeren zijn gewoon Nederlandse jongeren.<br />
Een en ander brengt met zich mee dat voor het realiseren van stabiliteit in de samenleving de huidige niet constructieve tegenstelling tussen autochtonen en allochtonen, en vooral moslims, zou moeten worden weggewerkt. Dat kan allereerst worden bereikt door de anti-islam-retoriek inhoudelijk adequaat te weerspreken. Daarbij wordt herhaaldelijk onnodig verwezen naar eerbiediging van de grondwet, de rechtstaat en inburgering alsof deze uitgangspunten door moslims in Nederland niet zouden worden onderschreven. Daarnaast dienen progressieve politici onomwonden steun te uiten voor de gedachte van de multiculturele samenleving. In dat verband zou ook een beleid moeten worden ontwikkeld om bij autochtonen een mentale omslag te bewerkstelligen met betrekking tot hun opvattingen over het Nederlanderschap om zodoende allochtonen als landgenoten te gaan definiëren.<br />
Aan de andere kant zouden allochtonen actief kunnen gaan zoeken naar mogelijkheden om een electoraat van betekenis te worden, dus naar het creëren van een allochtone lobby waar bestaande politieke partijen rekening mee moeten gaan houden, en niet alleen door plaatsing van allochtonen op de kandidatenlijsten. Daarbij zijn grotere politieke bewustwording, het definiëren van een gemeenschappelijk doel en de bundeling van hun etnisch en religieus verbrokkelde gelederen een conditio sine qua non. Alleen op deze manier zullen ze in staat zijn hun volledige politieke rechten en respect in de samenleving te verkrijgen. Er dient hier te worden opgemerkt dat de keuze voor een eigen allochtone of islamitische partij strategisch niet verstandig is en gezien de getalsverhoudingen pragmatisch geen effectieve optie.<br />
De thans waarneembare koers van de huidige progressieve partijen en de kans op bundeling van allochtone krachten stemmen helaas niet tot optimisme.<br />
Prof.dr. W. Shadid is methodoloog en emeritus hoogleraar interculturele communicatie. Voor meer info zie de pagina “About”.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="20940" type="application/pdf" url="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/opinie_shadid_vk.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 27-09-2011, ook verschenen in de Volkskrant Klik hier om een pdf-versie te downloaden Nationale en internationale gebeurtenissen zorgen regelmatig voor verhitte discussies en verharding van standpunten over de positie van islam en moslims in de Nederlandse samenleving. De verharding is niet alleen beperkt tot Wilders en zijn PVV. Politici, publicisten, en wetenschappers ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 27-09-2011, ook verschenen in de Volkskrant Klik hier om een pdf-versie te downloaden Nationale en internationale gebeurtenissen zorgen regelmatig voor verhitte discussies en verharding van standpunten over de positie van islam en moslims in de Nederlandse samenleving. De verharding is niet alleen beperkt tot Wilders en zijn PVV. Politici, publicisten, en wetenschappers ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>Minderhedenonderzoek vergelijkt vaak appels met peren</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/minderhedenonderzoek-vergelijkt-vaak-appels-met-peren/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 26 Sep 2011 11:50:16 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=339</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 26-09-2011 In de berichtgeving over multicultureel Nederland trekken behalve de maatschappelijke debatten over integratie en inburgering twee andere kwesties de aandacht. Beide kwesties hebben te maken met statistische vergelijkingen van autochtonen en allochtonen in relatie tot aspecten als criminaliteit, huiselijk geweld, schooluitval, en ziekte- en gezondheidsbeleving. De eerste kwestie betreft statistische vergelijkingen ... <a title="Minderhedenonderzoek vergelijkt vaak appels met peren" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/minderhedenonderzoek-vergelijkt-vaak-appels-met-peren/" aria-label="Read more about Minderhedenonderzoek vergelijkt vaak appels met peren">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 26-09-2011</strong><br />
<img decoding="async" alt="statistiek" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/vergelijking.jpg" width="120" align="right" />In de berichtgeving over multicultureel Nederland trekken behalve de maatschappelijke debatten over integratie en inburgering twee andere kwesties de aandacht. Beide kwesties hebben te maken met statistische vergelijkingen van autochtonen en allochtonen in relatie tot aspecten als criminaliteit, huiselijk geweld, schooluitval, en ziekte- en gezondheidsbeleving.<br />
De eerste kwestie betreft statistische vergelijkingen op basis van <em>feitelijke statistieken</em> zoals vaak voorkomt in publicaties van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) waarin de beide groepen tegenover elkaar worden gezet. Als voorbeeld kan worden verwezen naar het CBS-persbericht &#8220;Niet-westerse allochtonen tweemaal zo vaak een uitkering&#8221;. De tweede kwestie heeft te maken met vergelijkingen van onderzoeksbevindingen verkregen met behulp van vragenlijsten in (semi) wetenschappelijk onderzoek. Voor dit punt is &#8220;Etniciteit en zorggebruik&#8221; van het Nationaal Kompas Volksgezondheid een voorbeeld<span id="more-339"></span><br />
De stelling in deze bijdrage is dat dergelijke statistische vergelijkingen met betrekking tot genoemde kwesties suggestief, onjuist en onwenselijk zijn: ze vergelijken appels met peren. Men suggereert een automatisch verband tussen de bestudeerde verschijnselen enerzijds en geboorteplaats en of etnische afkomst anderzijds zonder op andere mogelijke oorzaken van het verband in te gaan.<br />
Het is namelijk mogelijk dat het in het onderzoek geconstateerde verschil tussen beide groepen beter verklaard kan worden door andere sociaal economische variabelen zoals beroep, opleiding, leeftijd en of inkomen. Door hun migratiegeschiedenis bestaan eerste generatie allochtonen voor een groot deel uit kansarme ongeschoolde groepen, terwijl autochtonen daarentegen uit een relatief groot deel hoger- en een nog groter middenkader bestaan. Een vergelijking tussen beide groepen is alleen verdedigbaar als die plaatsvindt binnen vergelijkbare sociaal economische subgroepen. Met andere woorden als er voldaan wordt en wat ik sociaal economische equivalentie van de beide groepen noem. Maatschappelijke problemen zoals criminaliteit, schooluitval, huiselijk geweld en ziektebeleving zijn vaak armoedeproblemen. Dit brengt met zich mee dat wanneer de sociaal economisch equivalentie centraal wordt gesteld de statistische verschillen tussen autochtonen en allochtonen naar verwachting aanzienlijk kleiner zullen uitvallen. Echter, als het om allochtonen gaat dan laat het CBS de sociale gelaagdheid bij autochtonen voortdurend achterwege. Daarmee halen de publicaties wel de media, maar zijn methodologisch van weinig waarde, ook misleidend voor beleidsdoeleinden. Het gevolg is etniseren en culturaliseren met alle gevolgen van dien. Wanneer de oorzaak van de geconstateerde problemen niet juist wordt vastgesteld, kan de gevolgde remedie niet anders zijn dan niet effectief.<br />
De tweede hierboven genoemde kwestie betreft vergelijkingen die mank gaan door gebrek aan <em>conceptuele equivalentie</em> in onderzoek. Termen als respect, vriendschap, ziekte en pijn kunnen in verschillende culturen verschillende betekenissen hebben. Al van oudsher houden wetenschappers zich bezig met de (on)vergelijkbaarheid van onderzoeksresultaten van verschillende culturele groepen in het zogenaamde cross-cultureel onderzoek. Onderzoekers en beleidsmakers in Nederland staan er nauwelijks bij stil dat het onderzoek onder eerste generatie allochtonen cross-cultureel van aard kan zijn en daardoor extra eisen stelt aan het garanderen van betrouwbaarheid en geldigheid van de resultaten.<br />
Een van de eisen is het bijvoorbeeld het voldoen aan de zogenaamde conceptuele equivalentie. Daarvan is sprake als in het onderzoek rekening wordt gehouden met de culturele specificiteit van de groepen (het verbale en non-verbale taalgebruik) en de betekenis die ze toekennen aan de in de vragenlijst gebruikte termen. Equivalentie wordt bereikt als een onderzoeker erin slaagt om deze betekenissen bij alle groepen op dezelfde manier te laten overkomen. Dit is belangrijk omdat culturele groepen verschillende werkelijkheidsvisies hebben en daardoor verschillende invullingen geven aan hun behoeften en gevoelens, zoals liefde, verdriet en vriendschap.<br />
Woorden en termen als ziekte, ondervoeding en geweld hebben in de diverse culturen specifieke betekenissen die door leden van de groep zelf goed begrepen worden en door leden van andere groepen in mindere mate of in het geheel niet. Dit brengt met zich mee dat meetinstrumenten cultuurvrij moeten worden gemaakt. Bij het gebruik van enquêtes en schalen is dit echter moeilijk realiseerbaar.<br />
Als met de hierboven besproken kwesties geen rekening wordt gehouden, wat minderhedenonderzoekers, beleidmakers en het CBS vaak ook niet doen, dan heeft het statistisch afzetten van allochtonen tegenover autochtonen het karakter van de spreekwoordelijke vergelijking van ‘<em>appels met peren</em>’. De gesuggereerde verbanden zijn dan niet meer dan schijnverbanden en hebben weinig of geen waarde.<br />
Prof.dr. W. Shadid is methodoloog en emeritus hoogleraar interculturele communicatie. Voor meer info zie de pagina “About”.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Cultuurrelativisme: vaak onbegrepen en getaboeïseerd</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/cultuurrelativisme-vaak-onbegrepen-en-getaboeiseerd/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 26 Aug 2011 15:35:13 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=337</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 26-08-2011 De term cultuurrelativisme wordt toegeschreven aan de antropoloog Boas die het aan het begin van twintigste eeuw als tegenhanger van etnocentrisme heeft gelanceerd. In 1911 schreef Boas “Het is moeilijk om te erkennen dat de waarde die wij geven aan onze cultuur voortkomt uit het feit dat wij in die cultuur ... <a title="Cultuurrelativisme: vaak onbegrepen en getaboeïseerd" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/cultuurrelativisme-vaak-onbegrepen-en-getaboeiseerd/" aria-label="Read more about Cultuurrelativisme: vaak onbegrepen en getaboeïseerd">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 26-08-2011</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/relativisme.jpg"  alt="relativisme" align="right" width="120" hight="130" />De term cultuurrelativisme wordt toegeschreven aan de antropoloog Boas die het aan het begin van twintigste eeuw als tegenhanger van etnocentrisme heeft gelanceerd. In 1911 schreef Boas “Het is moeilijk om te erkennen dat de waarde die wij geven aan onze cultuur voortkomt uit het feit dat wij in die cultuur leven en dat deze ons gedrag sinds de geboorte beheerst. Maar het is zeker voorstelbaar dat er andere culturen bestaan die niet van mindere waarde zijn dan de onze, hoewel het voor ons onmogelijk kan zijn om de waarden ervan te appreciëren, omdat wij niet daarin zijn opgegroeid”.<br />
Boas gaf hiermee aan dat culturen alleen begrepen kunnen worden en op hun waarde worden geschat in hun context en met behulp van de culturele standaarden waarin deze zijn ontstaan: wereldculturen zijn dus niet gemakkelijk met elkaar te vergelijken en beschavingen zijn relatief en niet absoluut.<span id="more-337"></span><br />
In het kader van het integratiedebat is cultuurrelativisme in Nederland ongewenst verklaard omdat immigranten zogenaamd juist de westerse waarden en normen moeten overnemen en niet omgekeerd. Relativisme heeft bij Europese politici zoals Bolkestein, Berlusconi, Fortuyn en Wilders dan ook plaats gemaakt voor superioriteit. Ook het verzet tegen de multiculturele samenleving van Balkenende, Rutte, Verhangen, Sarkozy, Merkel en Cameron kan in dat kader worden begrepen. Zelfs westerse wetenschappers zijn de superioriteit van de westerse cultuur gaan verkondigen met simplistische en triviale vergelijkingen zoals ‘carnaval is beter dan het Suikerfeest’ en ‘hoofddoek is inferieur’, dat zelfs zonder enige kennis van de vergelijkingscultuur. Zwarte bladzijden in de westerse &#8216;superieure&#8217; cultuur met betrekking tot de slavernij, discriminatie, kolonialisme, twee wereld oorlogen en het gebruik van atoom- en clusterbommen, om er maar enkele te noemen, werden en worden nog steeds gemakshalve over het hoofd gezien.<br />
Cultuurrelativisme betekent echter niet dat normen en waarden van andere volkeren zouden moeten worden geaccepteerd, of dat overheden gebruiken van bepaalde immigrantengroepen zouden moeten faciliteren. Integendeel, het betekent het erkennen van het bestaan van andere culturen die ook de moeite waard kunnen zijn. cultuurrelativisme betekent dat hoewel culturen gelijkwaardig zijn, het toestaan van een bepaald gebruik toch blijft afhangen van de mate waarin dat gebruik wel of niet past binnen de andere gebruiken in de cultuur van het verblijfsland. M.a.w. het creëren van een onderhandelingsruimte.<br />
De benadrukte gelijkwaardigheid van culturen heeft daarnaast hoofdzakelijk betrekking op de emotionele aspecten van culturen. Zo schreef de antropoloog Shweder dan ook dat &#8220;culturen die drie goden aanbidden maar een echtgenote toestaan, duidelijk anders zijn dan culturen die het huwelijk met drie echtgenoten toestaan maar slechts een god aanbidden. Maar is er een universele maatstaf te vinden waarmee de ene praktijk als meer rationeel en ontwikkeld te classificeren dan de andere?<br />
Cultuurrelativistisch handelen betekent niet meer dan afstand nemen van het superioriteitsdenken en actiever opkomen voor de culturele rechten van minderheidsgroepen in de samenleving zolang deze niet fundamenteel botsen met bestaande wetten en regels. Relativisme wordt de laatste jaren echter retorisch verworpen en helaas afwijzend getypeerd als politiek correct denken.<br />
Er moet worden erkend dat in de jaren negentig het superioriteitsdenken genoemde politici en wetenschappers geen windeieren heeft gelegd. Ter wille van het populisme was hun houding echter contraproductief. Vele Europese samenlevingen zijn religieus gelaagd geworden met wederzijds wantrouwen tot gevolg en daarnaast is er een gebrek aan respect ontstaan voor belijders van niet-christelijke godsdiensten met als gevolg dat deze zich niet meer thuis voelen in deze landen. Een duur soort populisme dat hopelijk en naar alle waarschijnlijkheid van korte duur zal zijn.<em></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Europese leiders kunnen hun handen niet meer in onschuld wassen</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/europese-leiders-kunnen-hun-handen-niet-meer-in-onschuld-wassen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 26 Jul 2011 20:03:20 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=336</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 26-07-2011 In discussies over de verschrikkelijke terroristische aanslag in Noorwegen van vrijdag 22 juli jl wordt in de media veelvuldig verwezen naar publicaties van de terrorist Breivik waarin hij aangeeft bewondering te hebben voor de Nederlandse PVV en de ideeën van diens leider. In het manifest wordt het gedachtegoed van deze beweging ... <a title="Europese leiders kunnen hun handen niet meer in onschuld wassen" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/europese-leiders-kunnen-hun-handen-niet-meer-in-onschuld-wassen/" aria-label="Read more about Europese leiders kunnen hun handen niet meer in onschuld wassen">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 26-07-2011</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/handenwassen.jpg"  alt="leiders" align="right" width="120" hight="100" />In discussies over de verschrikkelijke terroristische aanslag in Noorwegen van vrijdag 22 juli jl wordt in de media veelvuldig verwezen naar publicaties van de terrorist Breivik waarin hij aangeeft bewondering te hebben voor de Nederlandse PVV en de ideeën van diens leider. In het manifest wordt het gedachtegoed van deze beweging geprezen en als inspiratiebron genoemd. Met name de anti-islam agenda en de afkeer van de multiculturele samenleving in het algemeen staan daarin centraal.<br />
Hoewel de PVV-leider in het manifest met name als inspiratiebron wordt genoemd, kan niet worden ontkend dat het algemene anti-islam sentiment van de laatste tien jaar in Europa ook van betekenis moet zijn geweest voor het beramen en uitvoeren van deze verschrikkelijke actie.<br />
Prominente politieke leiders als Balkenende, Verhagen, Rutte, Donner, Merkel, Leterme, Sarkozy en Cameron hebben in de afgelopen jaren de multiculturele samenleving meerdere malen als mislukt bestempeld en direct dan wel indirect in bepaalde opzichten een anti-islam beleid mogelijk gemaakt.<span id="more-336"></span><br />
De vraag is gerechtvaardigd of deze politieke opstelling onschuldig genoemd kan worden: of kan hieraan ook xenofobische en populistische betekenis worden gehecht met waarschijnlijk daaraan gerelateerde, onderschatte, gevaarlijke gevolgen?<br />
Een causaal verband tussen uitlatingen van hierboven genoemde prominenten over de multiculturele samenleving en het gewelddadig crimineel optreden van deze extreemrechtse terrorist valt uiteraard niet aan te geven. Dat de uitlatingen echter op een of andere wijze een legitimatie hebben kunnen vormen voor de afwijzing van de multiculturele samenleving in het algemeen en de islam in het bijzonder door dergelijke figuren behoort zeker tot de mogelijkheden. Immers genoemde politieke leiders die dat soort samenleving als niet nastrevenswaardig, of als mislukt, hebben getypeerd hadden uiteraard niet Polen, of Hongaren, als vreemde elementen in hun samenlevingen op het oog, maar eerder Turken en Marokkanen, met andere woorden moslims. Zo werden in diverse Europese landen wetten besproken en ook aangenomen voor het verbieden van de hoofddoek, de burka, de bouw van moskeeën, van minaretten en het oproepen tot het gebed, alsmede het ritueel slachten, om enkele punten te noemen. In deze zin kan de afwijzing van de multiculturele samenleving door deze politieke leiders worden uitgelegd als xenofobisch met anti-islam trekken.<br />
De tragiek van deze constatering is dat de prominente politici in kwestie geen gedegen analyse verschaffen van hun afwijzing van de multiculturele samenlevingen en geen medeverantwoordelijkheid laten blijken voor het door hun geconstateerde falen van deze samenlevingen. De genoemde mislukking, zo daar sprake van is, hetgeen kan worden betwijfeld, is mogelijk mede het gevolg van falen van het gevoerde beleid ter zake, dan wel het ontbreken daarvan. In dat geval zou de multiculturele samenleving kunnen worden gereanimeerd door een meer aangepast beleid uit te stippelen met de bedoeling het welslagen van die samenleving betere kansen te geven. Zo&#8217;n beleid wordt al vele decennia lang met succes uitgevoerd in landen als Verenigde Staten, Australië en Canada.<br />
Het verschil met de Europese situatie is dat in eerst genoemde landen migranten als aanwinst voor de samenleving worden gezien en in Europa, eerder als ballast. Indicatief hiervoor is dat bij de naturalisatieceremonie in diverse Amerikaanse staten immigranten op het hart wordt gedrukt om trots te zijn op hun Amerikaanschap, maar ook tegelijkertijd nadrukkelijk worden gevraagd dat zij trots dienen te blijven op hun culturele achtergrond. Immers culturele diversiteit wordt daar beschouwd als zijnde onontbeerlijk voor de groei en kracht van de samenleving. Bij de inburgeringexamen in Nederland is gekozen voor een andere insteek zoals het uit het hoofd leren van het Wilhelmus met de bedoeling de trots op het nieuwe vaderland gestalte te geven. Op zich is dat uiteraard niet verkeerd. De motieven om hiervoor te kiezen ontspringen echter uit een welhaast dwangmatige poging tot het doen vervagen van de culturele achtergrond van de immigrant teneinde het assimilatieproces van de nieuwe Nederlander te versnellen. Dit is des te opmerkelijk daar de geschiedenis de onjuistheid van de assimilatie-ideologie duidelijk heeft aangetoond.<br />
Het voorgaande versterkt mijn vermoeden van het gevaar van het ontbreken van een gedegen analyses van prominente Europese politici over de multiculturele samenleving. Hun tekortschieten in het bieden van alternatieven voor een andere maatschappelijke realiteit zal ongetwijfeld tot verkeerde conclusies leiden bij hen die nationalistische en extreemrechtse ideologieën er op na houden. Europese tolerantie en maatschappelijke stabiliteit worden daarom niet door Europese moslims bedreigd, maar juist door ondoordachte politieke agenda’s van eigen autochtone politici, die populistische uitspraken niet schuwen. Als dat besef niet tot de brede massa doordringt, en normale politici geen gepast en gedurfd antwoord weten te geven op anti-islamagenda’s van extreemrechtse politieke bewegingen is herhaling van de terreuractie in Noorwegen helaas niet denkbeeldig.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Debat dubbele nationaliteit is populistisch en schadelijk</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/debat-dubbele-nationaliteit-is-populistisch-en-schadelijk/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 02 Jun 2011 09:01:28 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=332</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 02-06-2011 Nederland telt meer dan een miljoen inwoners met een meervoudige nationaliteit. In de afgelopen 15 jaar is dit aantal als gevolg van naturalisaties verdrievoudigd. Voor sommigen baart dat verschijnsel zorgen en wordt in verband gebracht met gebrek aan loyaliteit voor, of gebrek aan tros op het nieuwe vaderland. Vaak heeft deze ... <a title="Debat dubbele nationaliteit is populistisch en schadelijk" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/debat-dubbele-nationaliteit-is-populistisch-en-schadelijk/" aria-label="Read more about Debat dubbele nationaliteit is populistisch en schadelijk">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 02-06-2011</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/nationaliteit1.jpg"  alt="nationaliteit" align="right" width="120" hight="120" />Nederland telt meer dan een miljoen inwoners met een meervoudige nationaliteit. In de afgelopen 15 jaar is dit aantal als gevolg van naturalisaties verdrievoudigd. Voor sommigen baart dat verschijnsel zorgen en wordt in verband gebracht met gebrek aan loyaliteit voor, of gebrek aan tros op het nieuwe vaderland. Vaak heeft deze weerstand echter meer te maken met emotie, kopieergedrag, etnocentrisme en te weinig kennis ter zake.<br />
Recent onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS, mei 2011) toont aan dat ruim 60 procent van de Nederlanders van 18 jaar en ouder, met name lager opgeleiden en 45-plussers,  tegen een dubbele nationaliteit is. <span id="more-332"></span><br />
Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat deze negatieve houding vooral het gevolg is van emoties aangewakkerd door de populistische debatten die sinds de benoeming van twee Staatssecretarissen van allochtone achtergrond in het kabinet-Balkenende IV in 2007 in alle hevigheid zijn gestart. Immers, concrete problemen voor de samenleving die het gevolg zijn of zijn geweest van een meervoudige nationaliteit van burgers zijn niet aanwijsbaar. De geschiedenis heeft bovendien laten zien dat het hebben van slechts één paspoort evenmin sluitende garanties biedt voor loyaliteit.<br />
Zoals hierboven is gezegd berust de afwijzing van de dubbele nationaliteit en identiteit van allochtonen hoofdzakelijk op emotionele motieven en op weinig kennis van zaken. Nationale, religieuze en etnische identiteiten zijn niet anders dan de vele andere sociale identiteiten waarover mensen tegelijkertijd beschikken. Een persoon is bijvoorbeeld bakker, vader, Amsterdammer, Nederlander en moslim tegelijkertijd. Grofweg zegt dit toebehoren of labeling niet meer dan dat een persoon, feitelijk of imaginair, lid is van een bepaalde groep. Kwesties als erkenning van het toebehoren door de groep, de persoon zelf en de omgeving alsook het gevoel van verbondenheid met de groepsleden spelen hierbij een belangrijke rol. Een gevoel van verbondenheid alleen is echter niet voldoende. Een (deel)identiteit is pas volledig als ook de omgeving dat lidmaatschap van de groep erkent. In het sociaal verkeer is deze erkenning soms belangrijker dan het gevoel van de persoon zelf.<br />
De afwijzing van de dubbele nationaliteit zoals aangegeven in het hierboven genoemde CBS-onderzoek maakt het voor tweede en derde generatie Nederlanders van allochtone achtergrond vrijwel onmogelijk om naast de aan hen toegewezen allochtone identiteit (Marokkaan, Turk enz), zich in bepaalde andere contexten als Nederlander te presenteren, ook al zouden zij dat graag wensen.<br />
In de praktijk van alle dag worden deze groepen geconfronteerd met termen als allochtonen, koppelteken Nederlanders, of Nieuwe Nederlanders en worden daarmee apart gezet. De meeste van hen is echter juridisch Nederlander, maar blijven in de beeldvorming als ‘quasi’ Nederlanders te boek staan. Datzelfde ondervinden degenen die slechts over één paspoort beschikken, en/of zich alleen met Nederland (kunnen) identificeren. Hoewel zij echter vaak het liefst als Amsterdammer, bakker, buur, of student willen worden gezien en niet steeds als een Marokkaanse bakker, Turkse Amsterdammer enz door het leven gaan.<br />
Het is merkbaar dat de opgedrongen identiteit in de samenleving onherroepelijk leidt tot een ‘wij- zij’-deling en bij voornamelijk tweede en derde generatie allochtonen tot mogelijke identiteitsconflicten met alle schadelijke gevolgen van dien voor betrokkenen (psychische spanningen, polarisering, rebellie of afzondering) en voor de intergroepsverhoudingen en cohesie in de samenleving.<br />
Alleen erkenning van de dynamiek van identiteit en van de mogelijkheid van multiculturele identiteiten en nationaliteiten kan de effecten van een identiteitsconflict bij deze jongeren verkleinen. Dit zou kunnen worden versneld als enerzijds politici en opiniemakers het gebruik van de opgedrongen etnische identiteit zoveel mogelijk zouden vermijden, en anderzijds als de jongeren zelf meer zouden opkomen voor hun Nederlandse eigenheid. Teveel nadruk op de buitenlandse afkomst verkleint niet alleen hun rechten in de samenleving, maar speelt ook het populisme in de kaart.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Etnocentrisme: een muur tegen  wederzijdsbegrip</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/etnocentrisme-een-muur-tegen-wederzijdsbegrip/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 15 May 2011 10:29:48 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=330</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 15-05-2011 De term etnocentrisme is door de Amerikaanse wetenschapper Sumner omstreeks 1900 geïntroduceerd en had in eerste instantie betrekking op de manier waarop koloniale mogendheden hun kolonialisme en koloniale praktijken rechtvaardigen. De term is opgebouwd uit de Griekse woorden &#8216;etnos&#8217; en &#8216;centon&#8217;. &#8216;Etnos&#8217; betekent volk of etnische groep en &#8216;centron&#8217; betekent de ... <a title="Etnocentrisme: een muur tegen  wederzijdsbegrip" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/etnocentrisme-een-muur-tegen-wederzijdsbegrip/" aria-label="Read more about Etnocentrisme: een muur tegen  wederzijdsbegrip">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 15-05-2011</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/etnocentrisme.jpg" alt="etnocentrisme" align="right"/>De term etnocentrisme is door de Amerikaanse wetenschapper Sumner omstreeks 1900 geïntroduceerd en had in eerste instantie betrekking op de manier waarop koloniale mogendheden hun kolonialisme en koloniale praktijken rechtvaardigen.<br />
De term is opgebouwd uit de Griekse woorden &#8216;etnos&#8217; en &#8216;centon&#8217;. &#8216;Etnos&#8217; betekent volk of etnische groep en &#8216;centron&#8217; betekent de gericht op, of focussen op. Etnocentrisme betekent letterlijk de gerichtheid op de eigen cultuur, het eigen volk of etnische groep.<span id="more-330"></span><br />
Etnocentrisme dat aanvankelijk als een wetenschappelijke term werd geïntroduceerd wordt tegenwoordig algemeen gebruikt. Het betekent grofweg de geneigdheid om andere groepen en hun culturen hoofdzakelijk vanuit de eigen cultuur te bekijken.<br />
Maar etnocentrisme is meer dan het beoordelen van anderen met behulp van de eigen cultuur. Want de mens is een product van de eigen cultuur en kan dus niet anders dan de wereld te zien via de eigen culturele bril.<br />
Etnocentrisme impliceert daarom ook het hebben van een waardeoordeel over andere culturen waarbij de eigen cultuur en etnische groep als superieur en de andere groepen en hun culturen als inferieur worden beschouwd, met alle gevolgen van dien. Zo&#8217;n geneigdheid komt het sterkst voor in religieuze systemen en bij conservatief gelovigen.<br />
 Sommigen zien etnocentrisme als een specifiek verschijnsel en zoeken haar oorzaken met name in de persoonlijkheid van mensen die het gevolg zou kunnen zijn van bijvoorbeeld een autoritaire opvoeding.  Anderen vinden etnocentrisme een universeel verschijnsel. Met andere woorden, etnocentrisme is eigen aan de mens en tot op zekere hoogte onvermijdelijk. Mensen verschillen alleen in de mate van hun etnocentrisme. Geheel niet etnocentrisch zijn, is niet mogelijk.<br />
Etnocentrisme bemoeilijkt niet alleen het slagen van interculturele ontmoetingen en hulpverlening, maar is ook gevaarlijk en kan leiden tot vooroordelen, discriminatie en uitsluiting. Daarmee rekening houden is een &#8216;must&#8217; in iedere interculturele ontmoeting. Bewust worden van etnocentrische uitgangspunten en houdingen behoort daarom tot de interculturele competenties die een hulpverlener eigen kan maken door middel van training en het liefts tijdens de beroepsopleiding.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Korte omschrijving interculturele communicatie</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/korte-omschrijving-interculturele-communicatie/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 30 Nov 2010 08:32:51 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=329</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 30-11-2010Interculturele communicatie kan grofweg worden gedefinieerd als het contact tussen personen van verschillende culturele achtergronden. Cultuur moet dan wel ruim worden opgevat. Het is een overdraagbaar systeem van normen, waarden, opvattingen en symbolen en kan verwijzen naar etniciteit, geslacht of naar een ander systeem van groepssymbolen. Cultuur is dynamisch Cultuur wordt in ... <a title="Korte omschrijving interculturele communicatie" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/korte-omschrijving-interculturele-communicatie/" aria-label="Read more about Korte omschrijving interculturele communicatie">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 30-11-2010</strong><br />Interculturele communicatie kan grofweg worden gedefinieerd als het contact tussen personen van verschillende culturele achtergronden.<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/intercultural_cartoon.jpg" alt="intercultureel"   align="right"/><br />
Cultuur moet dan wel ruim worden opgevat. Het is een overdraagbaar systeem van normen, waarden, opvattingen en symbolen en kan verwijzen naar etniciteit, geslacht of naar een ander systeem van groepssymbolen.<br />
<strong>Cultuur is dynamisch</strong><br />
Cultuur wordt in de onderlinge communicatie door mensen gemaakt en is dus per definitie dynamisch. Dat bevestigt de stelling dat &#8216;cultuur is communicatie en communicatie is cultuur&#8217;.<span id="more-329"></span><br />
Het verschil tussen inter- en intraculturele communicatie is gradueel van aard. Interculturaliteit is een continuüm en is afhankelijk van de grootte van het cultuurverschil met betrekking tot het gespreksonderwerp. Omdat culturele verscheidenheid kan variëren van maximaal tot minimaal kan de communicatie tussen mensen ook variëren van volledig inter- tot volledig intracultureel. Communicatie tussen personen uit eenzelfde land, maar die behoren tot verschillende sociaal economische groepen kan dus onder bepaalde omstandigheden ook interculturele momenten hebben. Dat is wanneer een van de communicatiepartners bij het verklaren van gedrag verwijst naar een kenmerk dat specifiek is voor zijn of haar groep, of voor die van de ander.Tijdens de ontmoeting kan een gesprek op sommige momenten en afhankelijk van het onderwerp inter- en op andere momenten intracultureel van aard zijn. Factoren die aan een (ogenschijnlijk) intra-culturele communicatie ten grondslag liggen zijn in principedezelfde als die welke een rol spelen bij communicatie tussen personen uit verschillende landen of etnische groepen.<br />
<strong>Model van interculturele communicatie</strong><br />
In het dagelijkse spraakgebruik, en ook in sommige publicaties, wordt bij interculturele communicatie echter alleen rekening gehouden met het verschil in etnische culturen. Andere factoren die interculturele communicatie eveneens beïnvloeden worden dan verwaarloosd. Vier factoren zijn hierbij van belang: (1) cultuur (2) communicatieve vaardigheden (3) wederzijdse beeldvorming en (4) de context van het contact.</p>
<p>Schematisch ziet het interculturelecommunicatiemodel er als volgt uit.</p>
<p><img fetchpriority="high" decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/model_icc.jpg" alt="model" width="300" height="300"  align="right"/>Bij interculturele miscommunicatie kunnen beeldvorming, in de zin van (vermeende) vooroordelen, discriminatie en de context belangrijkere oorzaken zijn dan  het cultuur verschil dat tussen de communicatiepartners bestaat. Culturele verschillen kunnen namelijk veelal makkelijker worden uitgelegd en overwonnen dan (vermeende) vooroordelen en discriminatie.</p>
<p><a href="http://www.interculturelecommunicatie.com">Meer informatie over icc, klik hier.</a></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Interculturele competenties: een vak apart</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/interculturele-competentie-een-vak-apart/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 13 May 2010 19:18:25 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=324</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 13-5-2010 Klik hier om een pdf-versie van de tekst te downloaden Vooral in multiculturele samenlevingen wordt de laatste tijd veel nadruk gelegd op interculturele competenties. De oppervlakkigheid waarmee Nederlandse en Belgische onderwijs- en hulpverleningsinstellingen omgaan met het vraagstuk van interculturele competenties is onthutsend. Vele instellingen en hun medewerkers (docenten, leerkrachten, artsen, verpleegkundigen, ... <a title="Interculturele competenties: een vak apart" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/interculturele-competentie-een-vak-apart/" aria-label="Read more about Interculturele competenties: een vak apart">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 13-5-2010</strong><br />
<img loading="lazy" decoding="async" alt="competentie" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/slide11.jpg" width="200" height="150" align="right" /></p>
<p style="text-align: left;"><a onclick="_gaq.push (['_trackEvent','pdf','lezen','competenties-vak-apart.pdf']);" href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/interculturele-competenties.pdf">Klik hier om een pdf-versie van de tekst te downloaden</a><br />
Vooral in multiculturele samenlevingen wordt de laatste tijd veel nadruk gelegd op interculturele competenties. De oppervlakkigheid waarmee Nederlandse en Belgische onderwijs- en hulpverleningsinstellingen omgaan met het vraagstuk van interculturele competenties is <em><span style="color: #800000;">onthutsend</span></em>. Vele instellingen en hun medewerkers (docenten, leerkrachten, artsen, verpleegkundigen, ambtenaren) doen niets aan dat thema. En degene die er wel wat aandacht aan besteden doen dat alleen via een lezing en of dagtraining. Het komt ook voor dat zulke trainingen worden verzorgd zelfs door trainers of personeelsleden die niet op dit terrein zijn geschoold. Deze oppervlakkige aanpak creëert een <em><span style="color: #800000;">kennis-illusie</span></em> die de oorzaak is van de nog steeds bestaande problemen tussen cliënten en hulpverleners.<br />
Om mogelijkheden te creëren volwaardige kennis op te doen van dat thema is de module interculturele competenties online gezet. Het is een complete cursus die bedoeld is voor de professionele hulpverlener die niet wil volstaan met simplistische dagtrainingen en meer wil weten over interculturele communicatie en competenties om het verschijnsel van geïrriteerde hulpverleners en ontevreden cliënten het hoofd te bieden.<span id="more-324"></span><br />
Deze uitgebreide module is noodzakelijk omdat over de juiste handelwijze in de hulpverlening zitten hulpverleners vaak met handen in het haar. Ook de ontevredenheid van cliënten is in deze sectoren goed merkbaar. Kortom, enerzijds hulpverleners en functionarissen die van mening zijn dat de betreffende cliënten zich niet houden aan afspraken en niet weten hoe het in hun instellingen aan toe gaat, en anderzijds cliënten die vinden dat ze niet op de juiste manier worden geholpen en dat er geen rekening wordt gehouden met hun wensen. Verwijten over en weer, zonder noemenswaardige vooruitgang.<br />
Om dat soort problemen in deze sectoren van hulpverlening het hoofd te kunnen bieden, schieten zogenaamde &#8216;consultancy bureaus&#8217; voor interculturele expertise als paddenstoelen uit de grond. Hun bedoeling is om hulpverleners te trainen goed om te gaan met allochtone cliënten.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Misvattingen</strong><br />
Echter, de sterke nadruk op interculturele competenties en de toename van trainingsbureaus ter zake gaan helaas vaak gepaard met misverstanden over interculturele competenties. Deze competenties zouden:<br />
• alleen noodzakelijk voor autochtonen,<br />
• alleen inzetbaar zijn in interetnische situaties,<br />
• hoofdzakelijk bestaan uit kennis van andere culturen,<br />
• alleen onontbeerlijk zijn in werksituaties.</p>
<p style="text-align: left;">Echter, interculturele competenties<br />
• zijn noodzakelijk voor zowel autochtonen als allochtonen,<br />
• hebben betrekking op zowel culturele als sociaal-economische groepsverschillen,<br />
• vereisen een bepaalde houding, motivatie en specifieke vaardigheden, en<br />
• zijn nuttig in werksituaties en vormen een onderdeel van een levenshouding.</p>
<p style="text-align: left;">Het is dus niet juist om te stellen dat dergelijke competenties alleen noodzakelijk zijn voor autochtone hulpverleners en functionarissen die hulp verlenen aan allochtonen. Etnische en sociaal economische diversiteit van het dienst- en hulpverleningsapparaat neemt namelijk steeds toe en er bestaat niet iets wat &#8216;allochtone cultuur&#8217; heet. Dit brengt met zich mee dat ook hulpverleners van allochtone achtergrond interculturele competenties zich eigen zouden moeten maken om professionele hulp te kunnen bieden aan cliënten uit verschillende sociaal economische en culturele zowel van autochtone als allochtone achtergrond.<br />
Daarnaast hebben allochtone groepen niet een cultuur, maar juist vele diverse culturen, en zelfs binnen een en dezelfde etnische groep. Sterker nog, Nederlanders van bijvoorbeeld Marokkaanse achtergrond, en vooral de jongeren onder hen, hebben cultureel gezien meer gemeen met vele autochtone en andere allochtone groepen dan met eerstegeneratie-migranten uit bijvoorbeeld Turkije en Indonesië. In het eerste geval zijn ze overwegend in Nederland gesocialiseerd: ze spreken dezelfde taal, hebben hetzelfde onderwijs gevolgd en maken grotendeels gebruik van dezelfde media. Allochtone culturen in den vreemde lijden vaak aan cultuurerosie. Het opgroeien in een gezin alleen, is niet voldoende om een cultuur in de brede zin over te dragen. Voor de overdracht van cultuur in de breedte, dus het leren van de normen, waarden en gebruiken, alsmede kennis hebben van de literatuur en geschiedenis van een bepaald land, is een gehele samenleving met onderwijs, politiek, media en literatuur noodzakelijk. In kansarme gezinnen in een migratiesituatie kan overwegend &#8216;volkscultuur&#8217; worden overgedragen, vaak zonder de bijbehorende waarden.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Drie dimensies</strong><br />
Het voorgaande brengt met zich mee dat het verkrijgen van het volledige profiel van een intercultureel competent persoon niet gemakkelijk te realiseren is. Zo&#8217;n profiel berust op drie dimensies: Kennis, motivatie en houding, alsmede specifieke vaardigheden.<br />
De drie dimensies zijn complementair en vormen een geïntegreerd pakket. Dit betekent kennis van de omstandigheden en cultuur van de diverse groepen, de motivatie om cliënten vanuit hun sociale werkelijkheid te bezien en het ontwikkelen van sociale en communicatieve vaardigheden. Kennis van anderen en hun cultuur zonder over vaardigheden te beschikken om deze kennis in de praktijk te brengen is sociaal en professioneel inefficiënt. Van de andere kant kunnen de noodzakelijke vaardigheden niet worden toegepast zonder kennis te hebben van de mogelijkheden en beperkingen die de cultuur en de omstandigheden van de cliënt in de specifieke hulpverleningssituatie stellen. Deze drie dimensies leiden ertoe dat een intercultureel competent persoon omschreven kan worden als iemand die:<br />
(1) weinig vooroordelen heeft,<br />
(2) over een sterk emaptisch vermogen beschikt,<br />
(3) open-minded is,<br />
(4) bereid is de wereld ook via de bril van anderen te bekijken,<br />
(5) ambiguïteit tolereert,<br />
(6) een cultuurrelativistische houding heeft,<br />
(7) zich gemakkelijk aanpast nieuwe en onbekende situaties,<br />
(8) kennis heeft van de omstandigheden en culturen van andere groepen,<br />
(9) in de omgang met anderen naar overeenkomsten zoekt, en<br />
(10) anderen respecteert en rekening houdt met hun wensen.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Haalbaarheid</strong><br />
Met andere woorden, het gaat hier om een &#8216;schaap met vijf poten&#8217;. Het is daarom een illusie om te veronderstellen dat al deze eigenschappen in een persoon gevonden zouden kunnen worden, en of dat ze gemakkelijk met behulp van een cursus kunnen worden aangeleerd. Men moet daarom geen hoog gespannen verwachten hebben van trainingsbureaus die interculturele competentiecursussen verzorgen. Met dergelijke trainingen kunnen cursisten in het beste geval gevoelig worden gemaakt voor de genoemde vaardigheden en houdingen.<br />
Het eigen maken van het gehele pakket van de interculturele competenties vereist een lange termijn inspanning en hangt af van zowel de motivatie om een derde perspectief te ontwikkelen als van het opdoen van veelvuldige specifieke ervaringen ter zake. Zo’n derde perspectief betekent dat niet de eigen cultuur, of die van de cliënt als uitgangspunt wordt genomen bij de hulpverlening en de interpretatie van het gedrag, maar dat juist een derde perspectief wordt ontwikkeld dat de beide culturen verenigd. Een cursus alleen, leidt daarom slechts tot het ontstaan van &#8216;grassroots&#8217; van interculturele competenties.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Professionalisering</strong><br />
Om meer te bereiken is een structurele aanpak van interculturalisatie noodzakelijk.<br />
Dit betekent dat een adequaat perspectief op interculturalisatie dient te starten vanuit de invalshoek van professionalisering en niet vanuit een ethisch moralistische houding jegens allochtone cliënten.<br />
Beroepsopleidingen (zowel op universitair als op HBO en MBO niveau) hebben daarom de taak om aankomende hulpverleners professioneel op te voeden in de gedachte dat interculturalisatie een essentieel instrument is, en daarom onontbeerlijk voor het adequaat stellen van diagnoses, het vellen van geschikte vonnissen, het geven van goed onderwijs, of het adequaat afhandelen van een verzoek. Deze professionalisering is niet alleen in het belang van de allochtone cliënt, maar komt ook de hulpverlener en de organisatie ten goede. Met interculturalisatie kijkt de hulpverlener de diepte in, minimaliseert ruis en versnelt de diagnose waar uiteindelijk zowel hulpverlener als cliënten baat bij hebben.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Interculturele competenties en diversiteitsbeleid</strong><br />
Interculturele competenties die geintegreerd dienen te zijn in alle beroepsopleidingen zijn echter het nuttigst als de organisatie waarin de medewerkers over dergelijke competenties beschikken ook over een diversiteitsbeleid beschikt. Zo&#8217;n interculturalisatie- of diversiteitsbeleid is niet alleen in het belang van clienten, maar ook in het belang van de hulpverlener en de organisatie zelf. Het:<br />
• vergroot betrokkenheid van de doelgroepen<br />
• stelt de hulpverlener in staat de diepte in te kijken<br />
• vergroot de tevredenheid van cliënten<br />
• minimaliseert ruis in de besluitvorming en<br />
• verhoogt daardoor de arbeidsproductiviteit</p>
<p style="text-align: left;">Een en ander is weergegeven in het volgende model.<br />
<img decoding="async" alt="competentie" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/model.jpg" /></p>
<p style="text-align: left;"><strong>Informatie</strong><br />
Deze tekst is ook als geluidsbestand met slides te beluisteren op youtube:<br />
<a href="http://www.youtube.com/watch?v=tP46aIlxl5Y" target="_blank" rel="noopener noreferrer">Klik hier om de video te zien</a><br />
Voor literatuur over interculturalisatie en interculturele competentie zie o.a.<br />
Shadid, W. (2007): <em>Grondslagen van interculturele communicatie. Studieveld en werkterrein.</em> Kluwer, Amsterdam, 2007.<br />
Zie ook: <a href="http://www.interculturelecommunicatie.com">Klik hier voor de website interculturelecommunicatie.com</a></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="61118" type="application/pdf" url="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/interculturele-competenties.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 13-5-2010 Klik hier om een pdf-versie van de tekst te downloaden Vooral in multiculturele samenlevingen wordt de laatste tijd veel nadruk gelegd op interculturele competenties. De oppervlakkigheid waarmee Nederlandse en Belgische onderwijs- en hulpverleningsinstellingen omgaan met het vraagstuk van interculturele competenties is onthutsend. Vele instellingen en hun medewerkers (docenten, leerkrachten, artsen, verpleegkundigen, ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 13-5-2010 Klik hier om een pdf-versie van de tekst te downloaden Vooral in multiculturele samenlevingen wordt de laatste tijd veel nadruk gelegd op interculturele competenties. De oppervlakkigheid waarmee Nederlandse en Belgische onderwijs- en hulpverleningsinstellingen omgaan met het vraagstuk van interculturele competenties is onthutsend. Vele instellingen en hun medewerkers (docenten, leerkrachten, artsen, verpleegkundigen, ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>Het multiculturalismedebat en de islam in Nederland</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/het-multiculturalismedebat-en-de-islam-in-nederland/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 30 Oct 2009 19:19:09 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=345</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 30-10-2009 Klik hier om een pdf-versie te downloaden Als gevolg van technologische ontwikkelingen, globalisering en migratie is Nederland nooit eerder zo multicultureel geweest. Nederland is thans een land met honderden natio-naliteiten en een veelvoud aan culturen en volksculturen. Hoewel deze etnoculturele diversiteit in toenemende mate wordt geproblematiseerd, is het één van de ... <a title="Het multiculturalismedebat en de islam in Nederland" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/het-multiculturalismedebat-en-de-islam-in-nederland/" aria-label="Read more about Het multiculturalismedebat en de islam in Nederland">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 30-10-2009</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/multiculturalism.jpg" alt="multiculturalisme" align="right"/> <a href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/multiculturalismedebat.pdf" target="_blank" onClick="_gaq.push (['_trackEvent','pdf','lezen','multiculturalismedebat.pdf']);">Klik hier om een pdf-versie te downloaden</a> <br />Als gevolg van technologische ontwikkelingen, globalisering en migratie is Nederland nooit eerder zo multicultureel geweest. Nederland is thans een land met honderden natio-naliteiten en een veelvoud aan culturen en volksculturen. Hoewel deze etnoculturele diversiteit in toenemende mate wordt geproblematiseerd, is het één van de meest waardevolle rijkdommen die het land in de twintigste eeuw heeft opgebouwd. Volgens de Universele Verklaring van de UNESCO is culturele diversiteit voor de mensheid even belangrijk als biodiversiteit voor de natuur. Het is een bron van uitwisseling, innovatie en creativiteit. Culturele diversiteit is het gemeenschappelijke erfgoed van de mensheid en dient als zodanig erkend te worden in het belang van huidige en toekomstige generaties. Het verdedigen van culturele diversiteit is daarom een ethische verplichting die gekoppeld is aan respect voor menselijke waardigheid, aldus de universele verklaring van de UNESCO.<br />
Het is uiteraard geen openbaring als ik nu betoog dat er in Nederland een verschraling merkbaar is van het ideologische spectrum met betrekking tot het draagvlak voor culturele diversiteit en de wenselijkheid van multiculturalisme. De opvatting dat Nederland geen multiculturele samenleving is en ook niet mag worden, waarbij eveneens wordt getwijfeld aan de noodzaak van een multiculturalismebeleid is de laatste jaren veelvuldig verwoord. Als voorbeeld verwijs ik naar de opvatting van Balkenende, die in 2002 als fractievoorzitter van het CDA schreef dat gemeenschapszin gemeenschappelijk gedeelde waarden veronderstelt, en dat daarom de multiculturele samenleving niet iets is om naar te streven.<span id="more-345"></span>Voor de duidelijkheid van het betoog stel ik eerst de begrippen multicultureel en multiculturalisme aan de orde. Daarna zal ik proberen aan de hand van een aantal componenten van het multicultureel burgerschap de spanningen die zich in het debat voordoen te belichten en de rede te besluiten met een blik op de toekomst. Allereerst, wat wordt er over het algemeen bedoeld met het begrip multiculturele samenleving?<br />
Begripsafbakening<br />
Een land met een redelijke mate aan etnoculturele diversiteit wordt gewoonlijk aangeduid met de term multiculturele samenleving waaraan wel of geen multiculturalismebeleid ten grondslag hoeft te liggen. Het begrip multiculturalisme is echter vaag en verre van eenduidig en de kracht ervan ligt juist in deze vaagheid. In politieke theorie bijvoorbeeld vormt multiculturalisme een onderdeel van het debat over waarden en over individuele en collectieve rechten in democratische staten. In de filosofie wordt het daarentegen voorgesteld als een uitdaging voor conventionele theorieën van kennis en universalisme, en als zodanig een nieuwe epistemologie.<br />
Sommigen definiëren multiculturalisme vooral als een ideologie voor de erkenning van het cultuurverschil tussen groepen en het nemen van maatregelen voor cultuurbehoud. Anderen beschouwen het als een ‘politiek voorschrift’, of als een ‘pedagogische poging om de opvattingen van mensen te beïnvloeden’. Het is daarom van belang kort stil te staan bij de betekenis van de begrippen multicultureel en multiculturalisme zoals deze hier zullen worden gebruikt. Een onderscheid dat mij in dit kader goed aanspreekt is dat tussen multicultureel als beschrijvende demografische variabele, en multiculturalisme als ideologie, filosofie, of politieke theorie. Multicultureel als demografische variabele verwijst naar een al dan niet in staatsvorm georganiseerde samenleving met meerdere (etno)culturele groepen. Bekende voorbeelden zijn onder andere België, Zwitserland, Canada en Australië, maar ook Libanon, Soedan en Nigeria.<br />
Multiculturalisme aan de andere kant is een ideologisch filosofische visie, of “a perspective on human life” met betrekking tot de institutionele inrichting van de publieke ruimte en de afbakening van de positie van de diverse (etno)culturele groepen. De wetenschappelijke discussies en polemieken over dit onderwerp zijn talrijk en roepen meer vragen op dan ze beantwoorden. In een notendop gaat het bij multiculturalisme om de opvatting dat maatschappelijke gelijkheid alleen kan worden gerealiseerd wanneer de culturele verschillen tussen groepen worden erkend en wanneer daarbij het overheidsbeleid wordt afgestemd op de noden van de diverse groepen. Het gaat daarbij niet alleen om het verbeteren van de culturele positie van minderheden, maar ook om hun positie in andere sectoren van de publieke ruimte, zoals de arbeidsmarkt, het onderwijs, de hulpverlening en de politiek.<br />
Multiculturalisme als ideologie is dus vergelijkbaar met sociale bewegingen als de arbeidersbeweging en het feminisme van de 19e en 20ste eeuw. Het betreft vooral het nemen van maatregelen voor het delen en herverdeling van rijkdom, macht en invloed. Met andere woorden voor het ontwikkelen van een nieuwe vorm van burgerschap. </p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="127213" type="application/pdf" url="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/multiculturalismedebat.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 30-10-2009 Klik hier om een pdf-versie te downloaden Als gevolg van technologische ontwikkelingen, globalisering en migratie is Nederland nooit eerder zo multicultureel geweest. Nederland is thans een land met honderden natio-naliteiten en een veelvoud aan culturen en volksculturen. Hoewel deze etnoculturele diversiteit in toenemende mate wordt geproblematiseerd, is het één van de ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 30-10-2009 Klik hier om een pdf-versie te downloaden Als gevolg van technologische ontwikkelingen, globalisering en migratie is Nederland nooit eerder zo multicultureel geweest. Nederland is thans een land met honderden natio-naliteiten en een veelvoud aan culturen en volksculturen. Hoewel deze etnoculturele diversiteit in toenemende mate wordt geproblematiseerd, is het één van de ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>Aftocht multiculturalisme blamage voor het wetenschappelijk onderzoek</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/aftocht-multiculturalisme-blamage-voor-het-wetenschappelijk-onderzoek/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 06 Oct 2009 16:47:39 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=323&amp;langswitch_lang=en</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 06-10-2009 In verband met de afscheidsrede van Wasif Shadid op 30 oktober a.s. als bijzonder hoogleraar Interculturele Comunicatie (ICC), heeft Ton Vallen met hem een gesprek gevoerd. Een passage uit dat interview: &#8220;De verhouding tussen de autochtonen en Surinaamse Nederlanders lijken oppervlakkig wat beter, maar de onderliggende gedachte blijft ook hier dat ... <a title="Aftocht multiculturalisme blamage voor het wetenschappelijk onderzoek" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/aftocht-multiculturalisme-blamage-voor-het-wetenschappelijk-onderzoek/" aria-label="Read more about Aftocht multiculturalisme blamage voor het wetenschappelijk onderzoek">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 06-10-2009</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/aquarium.jpg"  alt="aquarium" align="right"/>In verband met de afscheidsrede van Wasif Shadid op 30 oktober a.s. als bijzonder hoogleraar Interculturele Comunicatie (ICC), heeft Ton Vallen  met hem een gesprek gevoerd. Een passage uit dat interview:<br />
&#8220;De verhouding tussen de autochtonen en Surinaamse Nederlanders lijken oppervlakkig wat beter, maar de onderliggende gedachte blijft ook hier dat ze als minder ontwikkeld worden gezien. In de huidige tijd is het label echter wat meer verschoven van ras naar religie. Nederlandse politici beoefenen een soort ‘aquariumsociologie’. Nederland is een aquarium met witte en zwarte visjes. De zwarte zijn slecht, ziek en misselijk, de witte zijn sterk, goed en verstandig. We kunnen met hard optreden de zwarte visjes in het gareel krijgen en de witte die moet je goed verzorgen en onderhouden. Zo wordt door de politiek van de maakbaarheid van de samenleving uitgegaan en met one-liners wordt de bevolking bewerkt. Men is met iets gevaarlijks bezig in de richting van een kennisillusie. Iedere bijna functioneel analfabeet heeft het idee te weten wat de islam is of wat de EU inhoudt. Hun kennis is echter nihil en ze applaudiseren wanneer Tariq Ramadan aan de kant wordt geschoven, gaan achter Wilders’ one-liners aan.”<br />
<a href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/shadid_dante_magazine.pdf"> Klik hier om het interview te lezen</a></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="160335" type="application/pdf" url="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/shadid_dante_magazine.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 06-10-2009 In verband met de afscheidsrede van Wasif Shadid op 30 oktober a.s. als bijzonder hoogleraar Interculturele Comunicatie (ICC), heeft Ton Vallen met hem een gesprek gevoerd. Een passage uit dat interview: &amp;#8220;De verhouding tussen de autochtonen en Surinaamse Nederlanders lijken oppervlakkig wat beter, maar de onderliggende gedachte blijft ook hier dat ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 06-10-2009 In verband met de afscheidsrede van Wasif Shadid op 30 oktober a.s. als bijzonder hoogleraar Interculturele Comunicatie (ICC), heeft Ton Vallen met hem een gesprek gevoerd. Een passage uit dat interview: &amp;#8220;De verhouding tussen de autochtonen en Surinaamse Nederlanders lijken oppervlakkig wat beter, maar de onderliggende gedachte blijft ook hier dat ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>Moslims in de media: de mythe van de registrerende journalistiek</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/moslims-in-de-media-de-mythe-van-de-registrerende-journalistiek/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 16 Sep 2009 18:57:14 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=343</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 16-09-2009 Klik hier om een pdf-versie te downloadenNationale en internationale gebeurtenissen waarbij personen met islamitische achtergrond betrokken waren, hebben ook in de Nederlandse samenleving interetnische spanningen teweeggebracht. Onderzoek van het Amerikaans PEW Research Center toonde in 2005 aan dat Nederlanders het meest negatief staan tegenover moslims en de islam in vergelijking met ... <a title="Moslims in de media: de mythe van de registrerende journalistiek" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/moslims-in-de-media-de-mythe-van-de-registrerende-journalistiek/" aria-label="Read more about Moslims in de media: de mythe van de registrerende journalistiek">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 16-09-2009</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/newspapers.jpg"  alt="newspapers" align="right"/><a href="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/media2009.pdf" target="_blank" onClick="_gaq.push (['_trackEvent','pdf','lezen','media2009.pdf']);">Klik hier om een pdf-versie te downloaden</a><br />Nationale en internationale gebeurtenissen waarbij personen met islamitische achtergrond betrokken waren, hebben ook in de Nederlandse samenleving interetnische spanningen teweeggebracht. Onderzoek van het Amerikaans PEW Research Center toonde in 2005 aan dat Nederlanders het meest negatief staan tegenover moslims en de islam in vergelijking met Noord–Amerika, een aantal Europese landen, India en China. Het aantal behaalde Tweede-Kamerzetels van (extreem)rechtse partijen met een anti-islamprogramma en hun verwachte zetelwinst in de opiniepeilingen wijzen eveneens in de richting van een groeiend anti-islamitisch discours.<br />
 De gespannen verhouding met moslims staat ook centraal in de Integratienota van het huidige kabinet (ministerie van VROM 2007: 12). De oorzaak wordt gezocht in toenemende zichtbaarheid van de islam, criminaliteit en radicalisering van enkele islamitische jongeren. Het rapport van de Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI 2008: 6 en 38) over Nederland benadert de situatie echter vanuit een ander perspectief. De Commissie stelt dat moslims in Nederland onderworpen zijn aan stereotyperend, stigmatiserend en soms ronduit racistisch politiek taalgebruik, vooringenomen mediaberichtgeving en buitenproportionele aandacht voor veiligheids- en ander beleid. Een vergelijkbaar beeld met betrekking tot allochtonen wordt ontvouwd in rapporten van dezelfde commissie over andere landen van de Europese Unie, zoals België, Duitsland en Frankrijk, en komt eveneens naar voren in wetenschappelijk onderzoek.<span id="more-343"></span>Het rapport van de ECRI is niet het enige document dat een causale relatie legt tussen de slechte positie van moslims in Nederland en de wijze waarop in de media over hen wordt gerapporteerd. Herhaaldelijk toont onderzoek aan dat de wijze waarop de media in Europa en Amerika rapporteren over allochtonen, moslims in het bijzonder, niet adequaat is en derhalve direct of indirect een rol speelt bij de verspreiding van negatieve beeldvorming over hen (zie Shadid 2005). Sommigen verdedigen de stelling dat de media zelfs bijdragen aan racisme, maar dan wel in de zin van het modern racisme discours. Hiervan is sprake wanneer een bepaalde groep niet op grond van ras als zodanig, maar op grond van cultuur of religie als inferieur wordt beschouwd. Volgens Campbell (1995: 57-58) is er al sprake alledaags racisme bij het ontbreken van allochtone journalisten in mediabedrijven en Van Dijk (2000: 33) spreekt van nieuw racisme wanneer allochtonen als ‘anders’ worden beschouwd.<br />
Racisme en aanverwante begrippen zijn overigens niet absoluut, maar context- en tijdgebonden. Daarvan getuigt het verschil in de maatschappelijke en juridische reacties op uitlatingen van Wilders van de Partij voor de Vrijheid (PVV) enerzijds en Janmaat van de Centrum Democraten (CD) in 1996 en Glimmerveen van de Nederlandse Volks Unie (NVU) in 2003 anderzijds.<br />
 Wat de mening van de groepen zelf aangaat, laat TNS NIPO zien dat 63 procent van de moslims de berichtgeving over henzelf in de Nederlandse media als negatief ervaart (persbericht TNS NIPO: 27 augustus 2005; zie ook d&#8217;Haenens, Beentjens and Bink 2000). Voor Vlaanderen geldt een soortgelijk beeld. Devroe (2004:12-14) heeft aangetoond dat Turkse en Marokkaanse Belgen teleurgesteld zijn omdat hun etnische groepen zelden voorkomen in fictie, praatprogramma&#8217;s, reality tv en andere entertainment-programma&#8217;s. Worden ze wel gepresenteerd, dan gebeurt dat op stereotyperende en negatieve wijze waardoor ze zich uitgesloten en niet serieus genomen voelen.<br />
 Hoewel de via de media verspreide beeldvorming van de islam en moslims overwegend negatief is, is het totale beeld overigens complex en verre van eenduidig. Frequentie van media-aandacht en de lading daarvan variëren naar gelang het type medium (krant, tv, radio, en film), de verspreidingradius van het medium (nationaal versus regionaal) en de context (publicatietijdstip en thema). Daarnaast doen zich binnen elk mediumtype afzonderlijk verschillen voor, die mede afhangen van de vraag of het bericht de binnenlandse of buitenlandse islam betreft. Het is met andere woorden niet één type medium dat voortdurend negatief bericht over de islam en derhalve aansprakelijk kan worden gesteld voor de geconstateerde stigmatisering. Alle kranten en alle actualiteitsrubrieken rapporteren als het om de islam of moslims gaat af en toe minder zorgvuldig en maken zich nu en dan schuldig aan sensatie en stigmatisering. Journalisten en mediaproducenten in de westerse wereld reageren uiterst verontwaardigd op dergelijke bevindingen en aantijgingen en stellen dat ze in hun berichtgeving alleen feiten en opvattingen weergeven die in de samenleving bestaan. Maar beschikken de media over zoveel macht dat zij dergelijk effecten bij het publiek kunnen bewerkstellingen? </p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			<enclosure length="1136473" type="application/pdf" url="http://www.interculturelecommunicatie.com/download/media2009.pdf"/><itunes:explicit>no</itunes:explicit><itunes:subtitle>BY: W. Shadid, 16-09-2009 Klik hier om een pdf-versie te downloadenNationale en internationale gebeurtenissen waarbij personen met islamitische achtergrond betrokken waren, hebben ook in de Nederlandse samenleving interetnische spanningen teweeggebracht. Onderzoek van het Amerikaans PEW Research Center toonde in 2005 aan dat Nederlanders het meest negatief staan tegenover moslims en de islam in vergelijking met ... Read more</itunes:subtitle><itunes:summary>BY: W. Shadid, 16-09-2009 Klik hier om een pdf-versie te downloadenNationale en internationale gebeurtenissen waarbij personen met islamitische achtergrond betrokken waren, hebben ook in de Nederlandse samenleving interetnische spanningen teweeggebracht. Onderzoek van het Amerikaans PEW Research Center toonde in 2005 aan dat Nederlanders het meest negatief staan tegenover moslims en de islam in vergelijking met ... Read more</itunes:summary><itunes:keywords>Nieuws</itunes:keywords></item>
		<item>
		<title>Politici en de Marokkaanse namenlijst: kreten in de polder</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/politici-en-de-marokkaanse-namenlijst-kreten-in-de-polder/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 09 Mar 2009 11:36:25 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=321&amp;langswitch_lang=en</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 9-3-2009 Het zal weinigen ontgaan zijn dat de discussie over de Marokkaanse namenlijst weer is opgeleid. Hoewel buitenstaanders deze kwestie als triviaal kunnen beschouwen, laten belanghebbenden en politici zich emotioneel en onomwonden er over uit. Voornamen zijn niet zo triviaal als ze lijken, al liet Shakespear in 1594 in het stuk Romeo ... <a title="Politici en de Marokkaanse namenlijst: kreten in de polder" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/politici-en-de-marokkaanse-namenlijst-kreten-in-de-polder/" aria-label="Read more about Politici en de Marokkaanse namenlijst: kreten in de polder">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 9-3-2009</strong><br />
<img loading="lazy" decoding="async"  src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/middlename.jpg" alt="middlename" width="150" height="200" align="right"/>Het zal weinigen ontgaan zijn dat de discussie over de Marokkaanse namenlijst weer is opgeleid. Hoewel buitenstaanders deze kwestie als triviaal kunnen beschouwen, laten belanghebbenden en politici zich emotioneel en onomwonden er over uit.<br /> Voornamen zijn niet zo triviaal als ze lijken, al liet Shakespear in 1594 in het stuk Romeo en Juliet Romeo de befaamde woorden uitspreken; ‘What&#8217;s in a name? A rose by any other name would smell as sweet’. <span id="more-321"></span></p>
<p><em>Een voornaam is onderdeel van de identiteit</em><br />
Het ging Shakspear toen uiteraard niet om namen van pasgeborenen, maar om de familienamen van Romeo en Juliet die hun innige en onsterfelijke liefde in de weg stonden. <br />Shakspears&#8217; wijsheid van toen lijkt in het hedendaagse Marokko niet aan te slaan, omdat de Marokkaanse overheid weet dat met de voornaam van een kind ouders kwesties trachten te accentueren zoals familie, etnische origine, ideologie, of bewondering voor een (historische) religieuze of politieke leider. Een voornaam is met andere woorden onmiskenbaar meer dan een identificatielabel. Het is een onderdeel van de persoonlijke identiteit van ouders en later van het kind zelf.<br />
Het hanteren van wetten en regels voor naamgeving is alom aanwezig. Dat gebeurt meestal om te voorkomen dat ouders hun kinderen eventueel opzadelen met stigmatiserende voornamen die hen later sociaal in verlegenheid kunnen brengen, of hun ontplooiingsmogelijkheden kunnen belemmeren. Onder andere om deze redenen beschikken landen veelal ook over wetgeving om op een later tijdstip de eerder toegewezen namen eventueel te wijzigen. Dergelijke wetten worden in de regel alleen gehanteerd om belangen van kinderen te beschermen en niet die van staten of andere politieke constellaties. </p>
<p><em>Ontwijkende politieke reacties</em><br />
De reactie van Nederlandse en Belgische politici op de recent opgelaaide discussie over de Marokkaanse namenlijst is krampachtig en heeft helaas veel weg van een fascinerend schouwspel: nietszeggend, ontwijkend en niet effectief. De reacties van de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Verhagen en die van het GroenLinks-Kamerlid Tofik Dibi zijn in dit verband illustratief. Eerstgenoemde zei dat er geen enkele verplichting bestaat om de namenlijst te gebruiken, of om naar de Marokkaanse ambassade te gaan voor registratie. De tweede politicus vond dat de namenlijst direct naar Rabat moet worden teruggestuurd met de mededeling dat we er niet van gediend zijn. De reactie van Aboutaleb is eveneens verstandig noch effectief richting de ouders in kwestie en hun belangen. Hij gaf aan dat mocht hij zo&#8217;n lijs op het Rotterdamse gemeentehuis aantreffen, hij die lijst persoonlijk zal verbranden.<br />
Ook in België zijn politici niet wars van inhoudsloze en niet effectieve maatregelen. In de gemeenteraad van Antwerpen is besloten om de namenlijst niet langer automatisch te overhandigen aan Marokkaans-Belgische ouders.<br />
Het zal een ieder duidelijk zijn dat de kern van de zaak niet gelegen is in de vraag of er gemeenten zijn die zulke namenlijst wel of niet gebruiken. Dat is in principe niet zo essentieel. Want als ambtenaren van de burgerlijke stand dat wel doen, dan is dat om de ouders van Marokkaanse achtergrond te behoeden voor toekomstige administratieve problemen in het land van herkomst en in geen geval om de Marokkaanse overheid ter wille te zijn. Het advies van politici om de namenlijst te negeren komt niet tegemoet aan de verlangens van de ouders en zadelt hen op den duur met problemen. De optie van niet registreren hadden ze immers wel zelf kunnen bedenken.</p>
<p><em>Usinf or not using the list: that is not the question</em><br />
Het is evident dat het probleem schuilt in de Marokkaanse wetgeving die ambassade personeel in het buitenland verbiedt niet Arabisch klinkende namen en die niet voldoen aan bepaalde spellingsnormen te registreren. Dit brengt met zich mee dat een niet geregistreerd kind niet in aanmerking kan komen voor het Marokkaans staatsburgerschap. Het gevolg is dat zijn of haar mogelijke aanspraak op een toekomstige erfenis in het land van de ouders buitengewoon wordt bemoeilijkt, zo niet onmogelijk gemaakt. Dit heeft te maken met het gegeven dat in sommige landen waaronder Marokko, het beschikken over een paspoort niet automatisch het recht op een staatburgerschap garandeert. </p>
<p><em>Interne aangelegenheid?</em><br />
Deze procedure van Marokkaanse naamgeving mag niet worden afgedaan met de opmerking van de Marokkaanse minister van Buitenlandse Zaken dat het hier gaat om een zuiver Marokkaanse aangelegenheid. Met dit simpele verweer mag hij zeker niet wegkomen. Het klinkt als de dictatuur van de autonomie. Ook binnenlandse aangelegenheden worden door de internationale gemeenschap aangevochten wanneer deze haaks staan op bepalingen aangaande de rechten van de mens of verdragen inzake de rechten van het kind, zoals ieders recht op een culturele eigenheid, identiteit, taal en religie. Een voornaam is zoals eerder vermeld een essentieel onderdeel van de gewenste culturele identiteit.</p>
<p><em>Gecoordineerde actie op ministerieel niveau</em><br />
Het zich verzetten tegen deze vorm van bemoeienis met de vrijheid van burgers vereist meer dan het verbieden van het gebruik van de betreffende namenlijst waarvoor Nederlandse en Belgische politici hebben gepleit. Het gaat hier om een fundamentele kwestie van vrijheid van burgers die een gecoördineerd Europees optreden op ministerieel niveau vereist om druk uit te oefenen op de Marokkaanse overheid ten einde de regels te versoepelen. Deze kwestie raakt de belangen van alle nieuwe Europeanen van Marokkaanse achtergrond, en niet alleen die van Berberse origine onder hen. Europeanen van Marokkaans Arabische achtergrond kunnen op grond van dezelfde wetgeving ook niet bijvoorbeeld een Westers klinkende naam voor hun kind kiezen.<br />
Het is spijtig dat in het gaande debat de namenlijstaffaire hoofdzakelijk is geplaatst binnen de etnische deling in Marokko zelf, Berbers en Arabieren. Deze probleemvernauwing leidt alleen maar tot verdeeldheid en tot verzwakking van het verzet tegen deze overmatige staatsbemoeienis en beknotting van de vrijheden van staatsburgers. Alle reacties tot nog toe zijn te zwak en impliceren daardoor een overwinning voor de Marokkaanse overheid. Ook hier is het devies daarom ‘eendracht maakt macht’. </p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>PvdA-nota:Verdeeld verleden en een nog verdeelder toekomst</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/pvda-nota-verdeeld-verleden-en-een-nog-verdeelder-toekomst/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 12 Jan 2009 13:10:33 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=319&amp;langswitch_lang=en</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 12-1-2009 Op de valreep van 2008 is de eer deze keer te beurt gevallen aan het bestuur van de Partij van de Arbeid (PvdA) om de nota &#8220;Verdeeld verleden, gedeelde toekomst&#8221; te lanceren. Politieke partijen blijken de natuurlijke behoefte te hebben om periodiek met een eigen integratienota voor de dag te moeten ... <a title="PvdA-nota:Verdeeld verleden en een nog verdeelder toekomst" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/pvda-nota-verdeeld-verleden-en-een-nog-verdeelder-toekomst/" aria-label="Read more about PvdA-nota:Verdeeld verleden en een nog verdeelder toekomst">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 12-1-2009</strong><br />
<img loading="lazy" decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/integratie.jpg" alt="" width="200" height="187" align="right"/><br />
Op de valreep van 2008 is de eer deze keer te beurt gevallen aan het bestuur van de Partij van de Arbeid (PvdA) om de nota &#8220;Verdeeld verleden, gedeelde toekomst&#8221; te lanceren. Politieke partijen blijken de natuurlijke behoefte te hebben om periodiek met een eigen integratienota voor de dag te moeten komen. Opvallend is dat in de integratienota’s van de laatste jaren politici in toenemende mate een hardere toon aanslaan en het integratievraagstuk als het grootste maatschappelijke probleem presenteren.<span id="more-319"></span><br />
De rode draad van de PvdA-nota is dat het integratieproces mislukt is, vooral omdat allochtonen, lees hier moslims, eigenlijk niet willen integreren en omdat &#8216;onze&#8217; samenleving tot nog toe onverantwoord tolerant is geweest ten opzichte van deze &#8216;fremdkörper&#8217; binnen &#8216;onze&#8217; grenzen. Met deze opvatting is de nota populistisch, verdelend en wars van doordachte analyses, noemenswaardige cijfers, of concrete en verdedigbare doeleinden.</p>
<p><em>Paternalisme en nationalisme</em><br />
Allereerst heeft de nota een sterk <span style="color: #800000;">‘wij-zij’-invalshoek </span>met een hoog Fortuynistisch, ja zelfs Wildersiaans gehalte. In de slechts 18 pagina&#8217;s tellende nota komen de bezittelijke voornaamwoorden &#8216;ons&#8217; en &#8216;onze&#8217; verwijzend naar ons land, onze cultuur en rechtstaat maar liefst 108 keer voor en het woord &#8216;hun&#8217; 61 keer.<br />
Dit duidt erop dat het bestuur van de PvdA allochtone groepen nog steeds niet ziet als onlosmakelijk onderdeel van de Nederlandse samenleving en de islam niet wenst te beschouwen als een Nederlandse religie. De nota gaat daarom niet primair om normeren, confronteren en tolereren voor zowel autochtonen als allochtonen en hun afwijkend gedrag maar juist om een nieuwe vorm van paternalistisch nationalisme waarbij de nadruk uitsluitend is komen te liggen op afwijkend gedrag van enkele <em><span style="color: #800000;">rafelrandallochtonen</span>, </em>zoals de burkadraagsters, handweigeraars, herrieschoppers en criminelen die ook als belangrijke problemen voor de samenleving worden gepresenteerd.<br />
Hierdoor begaat het bestuur twee omissies. Allereerst wordt ten onrechte gesuggereerd dat het integratieproces is mislukt. Een gedateerde opvatting waarmee de parlementaire onderzoekcommissie (Commissie Blok) reeds vier jaar gelden in afdoende mate heeft afgerekend. Wellicht tot verbazing van velen heeft de commissie geconcludeerd dat het integratieproces grotendeels geslaagd is te noemen, juist ondanks het gevoerde overheidsbeleid. Dat succes werd vooral toegeschreven aan inspanningen van de allochtonen zelf.<br />
Door de overmatige nadruk op het afwijkend gedrag van sommige Nederlandse moslims wekt het PvdA-bestuur bovendien de indruk dat kansarme autochtonen zich in het geheel niet schuldig maken aan conflictpunten zoals criminaliteit, discriminatie, religieus conservatisme en radicalisme. Daarover wordt in de nota met geen woord gerept, hoewel kwantitatief gezien deze ‘niet-geïntegreerde’ autochtonen vele malen groter zijn dan hun allochtone broeders en zusters en derhalve een groter gevaar voor de stabiliteit in de samenleving kunnen vormen.</p>
<p><em>Culturalisme en irrealisme</em><br />
De hierboven genoemde omissies zijn onvermijdelijk gezien de etnisering en culturalisering van de conflictpunten die door de enkele rafelrandallochtoon worden veroorzaakt, zoals criminaliteit, omgevingshinder en baldadigheid. Etniciteit en cultuur worden ook in deze nota gebruikt als excuus voor een gebrekkig inzicht in de oorzaken van de problematiek en voor een falend optreden van verantwoordelijke instanties. Om deze tekortkomingen te verhullen suggereren vooral &#8216;culturele kokerkijkers&#8217; onder de beleidmakers, politici en wetenschappers dat de betreffende afwijkingen verankerd zijn in de allochtone culturen en dat daartegen dus weinig ondernomen kan worden, althans niet op korte termijn. Door de problemen te culturaliseren ontslaat men zich als het ware van de verplichting om zich publiekelijk te verantwoorden voor incompetent optreden ter zake. Dit onevenwichtig culturaliseren leidt ertoe dat sommige beleidmakers en politici hun toevlucht zoeken tot het propageren en verdedigen van middeleeuwse beleidsinstrumenten als vernederen en invoeren van lijfstraffen.</p>
<p><em>Geen allochtonenperspectief</em><br />
Het bestuur van de PvdA pleit er in de nota verder voor om de dubbele nationaliteit voor nieuwkomers onmogelijk te maken ten einde de invloed van de overheden van de landen van herkomst tegen te gaan. Hoewel de kwestie van de dubbele nationaliteit terecht los is gekoppeld van de loyaliteitsvraag getuigt ook dit plan van een kortzichtige visie op de werkelijkheid. De kortzichtigheid schuilt vooral in het niet onderkennen van het feit dat wanneer de betreffende overheden hun invloed op hun ex-onderdanen willen continueren, dit ook evengoed zouden kunnen realiseren wanneer de formele band met hun ex-burgers volledig is afgesneden. Dit laat duidelijk zien dat de opvatting van het PvdA-bestuur het <span style="color: #800000;">allochtone perspectief</span> mist en verzuimt de kracht van de sociale en economische binding, die vele &#8216;nieuwe&#8217; Nederlanders noodzakelijkerwijs met de landen van herkomst hebben in te zien. Familierelaties en economische banden via geërfde en zelfopgebouwde onroerende goederen aldaar zullen voor enkele generaties de afhankelijkheid van deze burgers van de betreffende overheden blijven bepalen. Overheden, en dat geldt niet alleen voor die van Marokko en Turkije, beschikken over voldoende middelen om hun ex-onderdanen de afhankelijkheid goed aan den lijve te laten voelen, zoals via het niet verstrekken van visa, het vertragen van formele documenten en zelfs via het onderdruk zitten van familieleden. Door navelstaren en gerichtheid op politiekpopulisme is het PvdA-bestuur verblind geraakt voor het allochtonenperspectief en voor wat de nieuwe Nederlanders denken, voelen en wensen.</p>
<p><em>Epiloog</em><br />
Door de hierboven genoemde tekortkomingen is de PvdA met deze nota er toch in geslaagd om zich op de kaart van de ‘hard-liners’ te plaatsen. Door het verharde maatschappelijke klimaat zal de lijst van hard-liners helaas steeds langer worden. Aan het uiten van stoere taal met betrekking tot integratie van in het bijzonder moslims zal daarom niet snel een eind komen. Allochtonen van islamitische achtergrond zijn door allerlei omstandigheden ook niet bij machte om dat te versnellen. Ondermeer door hun etnische, religieuze en sociaal economische verdeeldheid alsmede gebrek aan organisatiestructuur zijn ze politiek niet effectief om enig gewicht in de schaal te kunnen leggen en politieke partijen een meer realistische koers te laten varen. Daarnaast maakt het opportunisme van personen uit hun gelederen die van locale en nationale betekenis zijn geworden hen politiek vleugellam om op dat terrein effectieve invloed te kunnen uitoefenen.<br />
Allochtonen die zich met deze partij blijven identificeren zullen zichzelf vroeg of laat tegenkomen. Een verdeeld verleden en een nog verdeelder toekomst zou als titel voor de nota beter de lading hebben gedekt.</p>
<p><span style="font-size: x-small;"> Prof.dr. W. Shadid is hoogleraar interculturele communicatie. Voor meer info zie de pagina &#8220;About&#8221;</span></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Uitsluiting onder het mom van scheiding van Kerk en Staat</title>
		<link>https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/uitsluiting-onder-het-mom-van-scheiding-van-kerk-en-staat/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[w.shadid]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 09 Dec 2008 14:16:11 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://interculturelecommunicatie.com/shadid/?p=314&amp;langswitch_lang=en</guid>

					<description><![CDATA[BY: W. Shadid, 09-12-2008 Hoewel het beginsel &#8216;scheiding van kerk en staat&#8217; in Nederland al in de achttiende eeuw is ingevoerd, zijn de inhoud en reikwijdte ervan allerminst duidelijk. In een notendop gaat het daarbij om een afspraak tussen kerk en staat over de mate van ieders autonomie en eventuele financiële ondersteuning waarop kerken wel ... <a title="Uitsluiting onder het mom van scheiding van Kerk en Staat" class="read-more" href="https://www.interculturelecommunicatie.com/shadid/uitsluiting-onder-het-mom-van-scheiding-van-kerk-en-staat/" aria-label="Read more about Uitsluiting onder het mom van scheiding van Kerk en Staat">Read more</a>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;"><strong>BY: W. Shadid, 09-12-2008</strong><br />
<img decoding="async" src="http://interculturelecommunicatie.com/shadid/wp-content/uploads/2008/06/kerkenstaat.jpg" alt="kerkenstaat" align="right" />Hoewel het beginsel &#8216;scheiding van kerk en staat&#8217; in Nederland al in de achttiende eeuw is ingevoerd, zijn de inhoud en reikwijdte ervan allerminst duidelijk. In een notendop gaat het daarbij om een afspraak tussen kerk en staat over de mate van ieders autonomie en eventuele financiële ondersteuning waarop kerken wel of niet mogen rekenen. Deze afspraak is echter niet geconcretiseerd in wetgeving, maar wordt afgeleid uit Grondwetsartikelen 1 en 6 waarmee de gelijkheid van burgers en de vrijheid van godsdienst worden geregeld.<span id="more-314"></span><br />
Nederland is hierin niet uniek. Europa vertoont een scala aan vormen van scheiding tussen kerk en staat. Enerzijds is er de laïcité van Frankrijk en anderzijds zijn er landen met een officiële staatskerk, zoals Denemarken en het Verenigd Koninkrijk waar het staatshoofd ook als hoofd van de kerk fungeert. Denemarken met de Evangelisch Lutherse Kerk als staatskerk beschikt bijvoorbeeld over een apart ministerie die geestelijken benoemt en kerkkosten deels uit de staatskas betaalt. Tussen deze twee uitersten bestaat in landen als Duitsland en Spanje een samenwerkingsverband waarmee de wederzijdse rechten en plichten worden geregeld.<br />
Hoewel in de publieke opinie de islam geen onderscheid maakt tussen kerk (moskee) en staat is er in de islamitische wereld ook een soortgelijk scala aanwezig. Ook hier wordt deze scheiding als een kenmerk van moderniteit beschouwd. Maar omdat de Moskee geen organisatorische structuur kent vergelijkbaar met die van de Kerk is de discussie hier gericht op de mate waarin de sharia een rol moet spelen in de nationale wetgeving. Aan de ene kant is er Turkije die officieel het secularisme heeft ingevoerd en aan de andere kant Saoedi-Arabië en Iran waar een specifieke islamitische wetgeving wordt gebruik. Daartussen bevindt zich een scala aan landen wier grondwetten een verscheidenheid aan principes stipuleren. Dit betreft onder andere of de islam in de Grondwet van het betreffende land als staatsgodsdienst wordt genoemd en of de sharia als een bron, of als de voornaamste bron van wetgeving wordt beschouwd. De variatie betreft ook de mate van verantwoordelijkheid van de staat voor bescherming van het geloof en of er in gevallen waar een civiele, vaak westerse wetgeving is ingevoerd, wel of geen wetten mogen voorkomen die in strijd zijn met de sharia.<br />
Het is opvallend dat het beginsel van scheiding van kerk en staat in Nederland voornamelijk uit de kast wordt gehaald als het om de positie van de islam gaat. Dit leidt onherroepelijk tot ongelijke behandeling van deze religie in een samenleving waar juist de gelijkheid van levensbeschouwelijke stromingen hoog in het vaandel staat. Zo nemen Kamer en Kabinet de vrijheid om zich direct met religieus islamitische aangelegenheden te bemoeien. In de afgelopen jaren zijn in dat kader verscheidene maatregelen getroffen zoals het contoleren van de inhoud van het godsdienstonderwijs op islamitische scholen, het opzetten van een imamopleiding en het blokkeren van de werving van islamitische geestelijke ambtsdragers uit het buitenland. Maatregelen die in de Nederlandse verhoudingen ondenkbaar zijn met betrekking tot christelijke kerken.<br />
In datzelfde kader leidt bijvoorbeeld een hoofddoekjeswens in de praktijk tot een discussie over de verenigbaarheid van islamitische waarden met seculiere westerse waarden, terwijl het dragen van christelijke of joodse symbolen in het publieke domein geen aanleiding geeft tot tegen het licht houden van de plaats van deze religies in de maatschappij. Verder wordt het beginsel van kerk en staat selectief gebruikt. Een islamitische vrouwelijke griffier of politieagente mag geen hoofddoek dragen omdat dat een inbreuk zou betekenen op de neutraliteit van de staat, terwijl een burgemeester in zijn publieke optredens wel een ambtsketen kan combineren met een keppeltje of een kruis.<br />
Het veronachtzamen van de beperkingen die de scheiding van kerk en staat legt op het gedrag van politici ten opzichte van religieuze gemeenschappen wordt als het om de islam gaat veroorzaakt door een &#8216;islam hypochondrie&#8217; die de laatste jaren in Nederland is ingetreden. Een ziekelijke angst die onder meer gevoed wordt door demagogische uitspraken over de islamisering van Nederland op basis van de ‘snelle groei van deze religie’. Met dergelijke uitspraken wordt bewust een verwrongen beeld van de werkelijkheid gegeven. Migranten vanuit islamitische landen naar Nederland worden bij het aantal Nederlandse moslims opgeteld. Christelijke immigranten uit bijvoorbeeld Polen, België, Duitsland en Amerika worden daarentegen numeriek niet gerekend bij de groei van christelijke gemeenschappen. Om de toename van de islam nog meer schrikbarend te maken worden moslims bovendien als homogene groep gepresenteerd en vergeleken met afzonderlijke christelijke stromingen, terwijl eerstgenoemde juist meer heterogene etnische en religieuze vertakkingen kent.<br />
De gevolgen van het oneigenlijke gebruik van de slogan ‘scheiding van kerk en staat’ zijn waarneembaar in de toenemende negatieve houding jegens de islam in het land. Als dit nog verder gaat dan zal het opduiken van de eerste ‘schuilmoslim’ en &#8216;schuilmoskee&#8217;, naar analogie van de &#8216;schuilkerk&#8217; van de 17e eeuw, helaas slechts een kwestie van tijd zijn. </p>
<p><span style="font-size: x-small;"> Prof.dr. W. Shadid is hoogleraar interculturele communicatie. Voor meer info zie de pagina &#8220;About&#8221;.</span></p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>